08-09-2008

Een te tedere aggregatie

De informatie van de erosies
En wanneer men haar zag,
zag ze er zo blauw uit als,
als het deel rondom de maan,
maar het was moeilijk haar te zien,
ze ging niet te snel, niet te traag,
ze koos echter zelf haar richting
-die ze nu steevast bepaald heeft-
en kiest zelf haar uitdijingen,
welke vaak misleidend blijken,
alsof ze hangt boven waar
alles golft onder.

Niet haar kracht, eerder haar uitstraling
moet besproken worden door ieder,
bewonderd worden door alle geliefden
en besprenkeld worden met regen,
welke door de zonnestralen breken
et ergo gedeeltelijk verdwijnen,
als sneeuw voor de zon, of als neerslag,
met doel op insensitieven voor neerslacht. (16/06/2008)

De ramificatie van de wateren
Zij was eens, de personificatie van het water
of de allegorie van een beginstroom, aan de oever.
Ellebogen waren haar wapen, vanaf de bron
tot de monding, zij maakte ellenlange bogen.
Zij maakte slechts bijna bochten, want dat
vond zij overbodig, zij kabbelde een liever.
De personificatie van het water, noch ludicus
noch liquidus, zij voerde allerminst vaart.
De allegorie haarzelve, in al haar schoonheid
en haar symboliek, verwees naar haar stroom.
“Als een preveling langs kleine keitjes en ruige rotsige
formaties, ofte als een grasoppervlak bij een kracht,
één der winden gelijk aan haar eigenste weerstand.”
De stroom vloeide standig en ook vast, dat hoort
en het past, geen enkel schade nog maar berokkende.
Zij liefkoosde haar bodem, die niet heel diep
of niet erg egaal was, door haar te strelen. (16/06/2008)

De stagnatie van de gronden
Hij stond er, de identificatie van den bodem
of de nagelatene van een water, overstroomd.
Bevalligheid of elegantie of schoonte, een virtuele
virtus der gronden, gedwong hem neerwaarts.
Al neerwaarts, de identificatie van den bodem
bleef schokkend, kende hij slecht één toevoeging.
Hij greep deze kans, gezien de rondom zijnde
toestandigheden, met zijn volledig bevlekt geloof.
Hij zou nog wijken noch sterven en, moest het
evenwel mogelijk zijn, een weg naar voren kiezen.
“Zo blijvend bespaard van onbenullen aan de randen,
geboren als een rood-witte leiddraad doorheen genen
behalve in beschouwing van zijn overste bovenste.”
Den bodem is aanhankelijk of afhankelijk, daar
de identificatie gesleten wordt, van zijn beleger.
Hij genoot van het plezier, volledig een terechte
of een collectieve stelling, voor zijn eigen aarden. (16/06/2008)

De inflatie van de limieten
Ze begonnen ermee, de realisaties van de grenzen
of de toevertrouwden van den bodem, voor geluk.
Bergen en grotere heuvels en klippen, voor al wie
van gestalte gediminueerd was, hielpen de perken.
Ze zagen geen nuttigheden, niet in de kristallen
of in de waterstofionen, met behulp van breedte.
Een ondermaatse kinetische vorm, met graagte
gezien meer dan anders, ze laten slechts niets door.
Ze gaan steeds verder, de realisaties van de grenzen
van des bodems des waters stroom, in den hoogte.
“Alles zal van ons uit gebeuren, maar nu werkt men
met name vooral tegen ons van binnenuit, en dan toch
wij horen dat wij brodig en noodzakelijk wezende.”
Ze begonnen een versterking, kleine twijgjes of
laurierbladeren of gesteente, tegenover elkaar.
Gedaan was het gevrees, verzameld door natuur
en ontzadigd uit zichzelf, zo werd ze verbreed. (16/06/2008)

De articulatie van de begrasden
Hij bleef zo staan, de alienatie van de velden
of de eenzaamheid van het grenzen, bij hen zelf.
Hij strekte en rekte, ofschoon er plaatsgebrek
dan niet plaatstekort was, zich uit over al.
Het meeste week, en terwijl hij ging en gaande
was over stompe hoeken, maar soms nam het.
Alsof hij moest verdringen, en zoals een veld
dat beamen zal, wat vuil en verward zou worden.
En leven gevend aan zij die willen, met inbegrip
van zij die misschien zouden willen, om eigen dunk.
“Wat blijft er zo niet van mijzelf over, moest ik niets,
kon ik niets zeggen over hun massa heen? Ik blijf liggen
ook al is het laat, ook al wordt er gegeten, gedronken.”
Een slag rechtswaarts, één die alles probeerde
te raken en beslagen, om voor variatie te zorgen.
Met gedachtenis en in vol ornaat, want alles
is hen als god, tonen zij de reflectie bij nacht. (23/06/2008)

De subgratie van de hemelen
Ze werd opgestegen, de incarnatie van het gesternte
of de aandachtsgift van de velden, als materie.
Een zekere zwaarte oefende, als het niet meer
of misschien ook niet minder was, een kracht uit.
Ze wist alles te zien, en ook al was er zelfs niets
niet in de buurt vindbaarder, te overblijkende.
En of ook enigszins een bepaling, alsof deze over
alles heen kroop en kruipt, zich terecht berecht.
Ze begeven zich ten lichte van hen, die evenzeer
een genitiefbepaling zijn, een schoonheid versterkt.
“Dit is een origineel script, een euclidisch gegeven,
dat in onzer handen verbergt zich, dat ons ter liefde
dient, en ter aarde reikt, zonder enige fysieke actie.”
Een nakomende versie van, wat wij eens noemden
het gefonkel van een hemel, het gelaat van goden.
Een ogenschijnlijk verschil tussen dit, waarom
blijkt wel, en het oneindige einde van haar rijk. (17/06/2008)

De latentie van de almachtigen
Zij zal zijn, de introductie van de algemachtigde
of de rafinatie van het bovenste gen, bij de atoom.
Zij zal moleculaire schenken, hetzij een geschenk
hetzij een inhoudsloos verdrag, als overlapping.
Alles kan zij tot creatie maken, want moest zij
niet capabel en rendabel zijn, voor als haar werk.
Het is totaal in haar geheel, zonder ook maar één
ontbrekend middel tot vrijheid, vervaardigd.
Niets blijft over van het overige of, ofschoon
overbodig misschien, vroeger gepolijst werk.
“Leven wordt mij met veel graagte liefgehad, maar
wat ben ik doch tot nut als het gediminueerd wordt,
ik beleef, gedragen door niets dan mijn stelsel.”
Gelukzalig en ook welvarend, in de hoop dat
dit zo kan blijven, zij strijdt verder ten gunste.
Zij verhoogt niets, zij is namelijk zelf in vol
ornaat een hoogte, zij blijft een overheid. (17/06/2008)

----------------------------------------------------------

'k Denk dat het best saai is om te lezen, maar om het te schrijven was wel heel cool! Ge kunt eigenlijk voort blijven doen, tot in het oneindige, maar daar heb ik geen goesting in, oké?

03-09-2008

WHAT'S THIS EMOTION? - poetae dictis

NOTA: Augustus, van 01/08/2008 tot 31/08/2008

----------------------------------------------------------

01/08/2008:
Het schijnt dat niets nog eindigt, en dat reïncarnatie gewoon het leven zelf is.
Vol herhalingen, met een lichte variatio, vol met staccato's die hoe dan ook
je de grond in boren. Het origineel is te ver afgelegen van hetgeen nu is,
en we zijn het in eerste instantie toch quasi vergeten, zelfs vergeven.

02/08/2008:
Net wanneer je denkt dat het meeste van alles wat op het spel staat, ervanaf
gespeeld zal worden, net dan wordt uw gezichtsvermogen tijdelijk verruimd.
Sommige mensen zijn ook personen, anderen zijn slechts massaal en massief.
Ongebruikelijk in het bijzijn, verantwoord in het gedrag voor zichzelf.

03/08/2008:
Soms zijn er dingen die niet goed werken, zoals auto's zonder benzine
of de spijsvertering van mijn hart, omdat ze een stof te kort komen.
Het is een jammerlijke zaak van allertwegen, vooral mijnentwegen,
maar bij elke oplossing past een probleem dat niet goed kan werken.

04/08/2008:
Wij leven wij van nacht tot nacht, en liefst zonder dag, want slapen
dat is niet onze tas thee, nog onze interesse overdag of 's nachts.
Een dilemma in de luxe, eenheidsproblemen die samentellen en zo
doen ze alsof ze iets waard zijn. Maar veel keren niets blijft niets.

05/08/2008:
Even denk ik dat alles goedloopt, en even later ben ik er zeker van, want:
maakt het uiteindelijk enkele greintjes uit als ik dit anders ineen steek?
Is het een misdrijf om weg te dromen en ver weg te gaan met gedachten?
Is liefde een misdaad? Want dan geef ik mezelf liever aan voor psychopaat.

06/08/2008:
Iedereen durft wel eens zeggen dat men van alles houdt, en van iedereen
(al is laatstgenoemde minder frequent gebruikt), en dan menen ze het
voor hoogstens enkele seconden, totdat hun aandacht verspeeld wordt.
Het is een hoog goed om slechts laag te blijven, voor iedereen en alles.

07/08/2008:
Een beetje verliefd, een beetje verstrooid, een beetje verward en een beetje
van rechts naar links tot in de goot overhoop gegooid door mezelf.
Of het initieel mijn intentie was om intensief iets insensitief te doen,
laat ik maar in het midden, tussen links en rechts, en een beetje verder.

08/08/2008: 8TH EDITION
Een hoop opgestapeld, een hoop zaken en affaires die vallen te bezien,
die ik nog moet verkleinen tot een hoopje dat mij gerust laat, hopelijk.
Als naar een 3de hemel maar zonder ook maar een beetje dood te zijn,
integendeel. Ik ga voort, zonder mijn rem in te duwen. Maar niet te hard.

09/08/2008:
Ik begeef me in een zwart gat van tijden en momenten, mensen en
persoonlijkheden die bloeien als bloemen in de nacht. Voorzichtig.
Alles ziet er enorm vreemd uit, alsof het gestolen is uit een ander leven,
alsof iemand iets gehaald had van een ander en er zelf mee werd gemaakt.

10/08/2008:
Gelukkig in één tiende ornaat, mijn volledige versiering blijft achterwege.
Ik ben als een strohalm, zou je kunnen zeggen, of iets anders klein
en onbelangrijks, maar ik help mee, zou je kunnen zeggen, met het binden.
Een strohalm die af en toe gek doet, die af en toe stil en rustig blijft.

11/08/2008:
Een fijn gedacht, om wakker te worden en de dag te beginnen, ook al
en zelfs zelfs al is het vroeg en is niemand ter wereld goed wakker.
Niemand is nooit goed wakker, we slapen allemaal nog een klein beetje
maar de dag geeft ons toch een beetje kracht om te schijnen naar iedereen.

12/08/2008:
Ik overdenk niets meer, het is afgeleerd vanaf dat ik ergens tegenover sta.
We zijn omringd door een gigantisch landschap, onderverdeeld in miniscule
landjes, gecategoriseerd in schapjes van 1 op 2 centimetertjes. En we zijn blij.
Geen lenzen nodig, geen brillen voorzien, maar ik kan zover kijken als ik wil.

13/08/2008:
Grappig hoe alles zo voortgaat, zonder dat je iets tegen kan houden,
want als je dat probeert, verlies je alleen maar. Gek hoe men niets doorheeft.
Jammer hoe men nooit tijdmaakt voor de juiste dingen, hoe men tijd opvult
met de minder belangrijke zaken, met inspanningen ten gunste van zichzelf.

14/08/2008:
Een welgemeende feestuitroep voor de levens van vele mensen,
het is een verrassing dat zoveel persoonlijkheden positief blijven zijn.
Ik heb geen idee waar ik sta, en ik betwijfel of ik geïnteresseerd ben,
maar ik denk een klein deel te zijn van iets enorm en onzichtbaar.

15/08/2008: MOTHER EDITION
Als je nagaat, hoeveel mensen nog aan elkaar denken, en dan eens
het aantal personages die simultaan aan zichzelf denken bekijkt, ik vrees
dat er nooit op aarde genoeg wiskunde tekens zullen bestaan om
dat verschil uit te schrijven, want het is meer dan gigantisch.

16/08/2008:
Een voorbarig gevoel van beschrijflijke noch voorspelbare nostalgie,
het begeren naar een vorig tijdperk als het ware, waarin alles nog
gewoon was, zorgeloos want dat is het mooiste goed mijns inziens.
Misschien moet ik vervanging zoeken, voor alles wat weggaat.

17/08/2008:
Alles wat ooit goed was werd nu in één zweterige plaats gestoken,
een creatieve maar eerder gedissecteerde sfeer voor vele van ons.
Stel je voor wat voor onheil er te wachten staat, zelfs na dit, na
een deel van mijn leven weggeven te hebben, aan een land, aan een mens.

18/08/2008:
Alle troeven verspeeld, zonder enig idee van de juistheid van mijn handeling.
Als ik gods hulp inroep, zou hij dan een middel tegen emotie geven,
een apathie-apotheek misschien. Het is moeilijk om om te gaan, maar,
stel je voor, het is zelf nog moeilijker om niet om te gaan, niet te begaan.

19/08/2008:
Ik lig helemaal overhoop met vuil dat wordt gewassen -momenteel-
en onder het gewicht van 11 jaren liefde en iets of wat vriendschap,
gebogen door alles wat ooit is gebeurd in mijn bijzijn, verborgen ergens
in een struik of gebladerte, omdat angst de grootste kwetsbaarheid is.

20/08/2008:
Dit betekent niets, want ik heb er geen baat bij, behalve een hoofdzonde.
Ik ben niets vooruit gekomen, niks is er gebeurd dat mij hielp, tenzij
het abnormale. En dan nog van geluk spreken dat ik van geluk mag spreken,
zoniet had alles tegengezeten, in afwachting tot de verdwijning.

21/08/2008:
Stel dat de wereld een spijsvertering is, en heel het uiterste is wat ons verteert,
zouden wij dan naarmate we verouderen, onze stoffen afgeven
aan de aarde, opdat zij beter kan leven, en wij slechter, wij de componenten.
Wie weet wat wij toedoen, of tegoeddoen, of welke bergen wij verzetten.

22/08/2008:
Ik ben een gemiddeld minimum in een zee van extreme maxima, alsof
ik mezelf niet herken, niet meteen alleszins, want ik ben vermomd.
Maar ik draag geen masker, geen bepaalde stijl die mij werd voorgedaan
misschien wil ik wel weg, ik wil slapen, en warmte, bij mezelf.

23/08/2008:
Als ze zeggen dat ze één geworden zijn met iets, hetzij de natuur,
hetzij een partner, hetzij het eten dat reeds bereid is door topchefs,
moet ge zorgen dat gij zelf niet één wordt, maar apart -als twee- blijft.
Want als één zijn vergt het hoogste goed in de rij der deugden.

24/08/2008:
Er is geen sprake van beenderen die gebroken worden, enkel door
de frequentie en de decibels. Ik ben een muur van contrasten, en ik houd
de verkeerde gedachten tegen, waarna ze voor lang tegen mij
blijven plakken. Alles verdwijnt even. Alles behalve 1 situatie.

25/08/2008:
Mijn leven is een open veld van nostalgie en verborgen melancholie,
waarin gelukkig struiken groeien, zo groot als grote struiken worden,
die mijn pathos in de positieve zin naar de bovenhand helpen grijpen.
Ik ben een veld waarin onkruid slechts traag wordt gewied, maar effectief.

26/08/2008: BIRTHDAY EDITION
Perpetueel geluk voor pakweg 15 uur en een half, tot zover mijn
uren van aandacht, affectie, actie en een beetje alternatie, god dank.
Horatius zei ooit eens dat men de dag moest plukken, ik geloofde het niet:
een dag moet met rust gelaten worden, opdat ge ervan kunt genieten.

27/08/2008:
Het gebeurde en het lag buiten mij bereik, alsof mijn Latijn op was
en mijn Nederlands het moest overnemen. Het lukte met glans,
maar niets bleef zo blinken. Als je wilt verven, beken dan ook kleur.
Zorg voor alles en iedereen, maar vergeet uzelf niet, alsjeblieft.

28/08/2008:
Ongehoord en nooit verstaan, zo stil was mijn afwezigheid van motie.
Niemand luistert naar wat je doet, doch daarmee breekt en vervoegt
men de harten van hen. Openstaan voor redevoeringen, een eerste stap.
de volgende: rede voeren, slapen, vrede voeren en laten gebeuren.

29/08/2008:
Ik ben hier niet graag, maar ik weet nergens anders te belanden.
Ik ben mijn verdrijf kwijt, maar mijn tijd heb ik nog, en een lege variabele.
Een zonde van het leven, zonder van het leven beter te weten, allicht.
Tijden hebben geleden en uren zijn vergaan, en toch, ik ben hier nog.

30/08/2008:
Te weinig druk op te veel dagen, nachten, het weegt ogenschijnlijk, ook al
lijkt het gebrek een deugd, en zelfs al lijkt de afwezigheid aanwezig.
De weg is weg. Er is geen route meer die naar huis leidt, alles gaat verder.
Geen ontkomen, het gangpad richting dageraad komt steeds dichter.

31/08/2008:
Ik geef er om, jammer genoeg, dat van mij veel ontnomen wordt door mij,
omdat ik geen idee‘n heb die worden uitgewerkt, geen plannen
die worden uitgetekend, geen kinderen die worden uitgebroed, of zoiets.
Mijn vrijheid overmant mijn bestaansdom, jammer genoeg, en ik geef er om.

02-08-2008

WHAT'S THIS EMOTION? - poetae dictis

NOTA: Juli, van 01/07/2008 tot 31/07/2008

----------------------------------------------------------

01/07/2008:
Een enorm succes, een opvolging van gevolgen durft men wel eens te zeggen,
nu, of straks misschien ook nog, is een moment van glorie, zij het dubbel telt,
zij het als drie keer telt. En diep in ons hart dragen we alles mee van alles wat
ons bezielt. We zijn allemaal kinderen van verschillende oorsprong, niettemin.

02/07/2008:
Net wanneer alles, werkelijk, bijna goed ging, ging net een klein detail mis;
niet dat het ergerlijk was, eerder bejammerlijk, maar hetgemoed daalde
procentueel, zoals de beklommen hellingen. Doch bleef alles tof, tof als de rest.
Ik wenste om een hemelsgeschenk, en mijn wensen werden verzegeld. Of zo.

03/07/2008:
Geen vijand dan een lichte drang huiswaarts, zonder dwang, maar een gericht
gezicht, een brein op 33 1/1 RPH, en mijn spieren op nul. Alles in zwart,
of een tint van grijs dat enige schoonheid weer kon geven, enig plezier in leven.
Een idee achterhaald en te idioot om voor te stellen aan een groep te groot.

04/07/2008:
Zoekend trachtend vindend naar een uitweg voor eender wat - emoties of
geen emoties - elk begrip dat mij bevrediging kan brengen, zonder dat
ik daar zelf moeite voor zou moeten doen. Misschien beland ik bij een geluid,
een piepend meisje, om de 45 seconden een baslijn, en een 1-2-3-4 introductie.

05/07/2008:
Bedankt aan allen die mij bijstonden, vooral diegenen in het verleden.
De tegenwoordigen zal ik later wel bedanken, als het daar tijd voor zal zijn.
Bedankt dat ik van u mocht houden en dat ik u mocht aanschouwen
alsof gij tot mijn eigenste zichtsveld behoorde. Bedankt om mooi te zijn.

06/07/2008:
En als er ooit iets gebeurde miste ik het wel, gij zijt er altijd bij geweest,
alsof ik ben verdrongen tot laatsterangsliefde. Ofschoon dat niet eens van toe-
passing is, van geen enkel belang. Als gij nu zou stoppen met liefhebben,
ik zou niets snappen, want ik had het voordien niet begrepen. Jammerlijk.

07/07/2008:
Soms is het onnodig om aanwezig te zijn, soms moet je niet wakker zijn
om te kunnen slapen. Een biologische klok werkt niet in mijn gebuurten
en de anatomische wekker is er niet. Zij is niet bepaald op mijn wekken gesteld.
Ik zou wenen maar ik vind geen klein hoekje en ik heb te veel penis daarvoor.

08/07/2008:
Alsof er niets is dat kan bezighouden of interesseren, iemand boeien, nee.
Schijnbaar vindt men niets meer dat echt er nog toe doet, wat men kan schelen.
Wat tegenwoordig evident is, is onze nutteloosheid, onze gedwongen no-life.
En men vindt niemand, niet iemand, die er iets aan wilt doen, niet voor ons.

09/07/2008:
Het leven lijkt mij gelijk aan een spel, en de liefde aan het decor, de achtergrond.
Ze is allesoverheersend en prominent, maar laat plaats voor jezelf, een chance.
En moest ik kunnen kiezen, ik koos het rechte pad. Misschien zijn er 1 of 2
bochtjes, naar links of rechts, maar het is vooral recht. En omgeven met kleur.

10/07/2008:
Je moet voortgaan alsof je moet zwemmen als een zalm, roze vanbinnen
en stoer vanbuiten, ook tegen de stroming in, zodat op het einde van de dag
nog steeds -of wederom- bent als op het aanbrekingspunt. Maar hoewel
je daar eindigt -of verder-, bij het eindpunt is alles toch anders dan anderen.

11/07/2008: FLEMISH EDITION
Vreemd hoe alles zo snel eindigt maar toch zo ver weg schijnt, lijkt, blijkt. Het
is voor mij niet meer of niet minder dan een goddelijk, een godinnelijk gedrag.
Een uitzicht dat zonder meer of minder zalig verklaard kon worden, en terecht.
Er is vlak voor mij een put waar in kan gevallen worden, misschien hoop ik goed.

12/07/2008:
Een valselijke start met een juist beginsel dat toch maar eens moet aanvangen.
Doch als ik toch een bijl erbij neerleg, of even stop met mijn gelederen
te belederen, en ze gewoon in hun stof laat groeien en rotten, dan
zal het ook voorgoed gedaan zijn, want dat is zowat alles nog, wat ik heb.

13/07/2008:
Noodzakelijk lichamelijk of misschien mentaal ook wat, alleszins aandacht
of affectie, en liefst effectief, zodat ik mijn zorgen kan kwijtspelen.
Ik draag ze niet over, ik verwijder ze in uw armen, als ik die tenminste heel, heel
even bij mij kan hebben. Zoniet bezorg ik me 2 keer zoveel, dankzij en voor jou.

14/07/2008:
Soms zegt iets mij iets, maar soms zegt het mij niets, en dan ben ik doelloos.
Functionabiliteit is best moeilijk als uw manier geen wijze is. Een moment
doorspekt met een vluchtige emotie van vreugde, dan een aangaand idee
van teneerslaging. Of het een goed idee is, daar heb ik geen idee van. Eerlijk.

15/07/2008:
Dit lijkt eindeloos, en zalig. Dubieus en vol weinig gezag in mijn macht loop ik
van links naar rechts tot ik op 39 graden oosterlengte blijf staan. Ik verval
binnen enkele jaren, dus laat ik maar alles liefhebben wat werd liefgehad.
Laat ik leven, samen met anderen, en laat ik niet meer tellen kunnen.

16/07/2008:
Ik ben hevig onderhevig aan een infinitesimale eindeloze repetitieve herhaling
die steeds maar weer zonder einde opnieuw voorkomt, terwijl ik stil en
zwijgend wacht op een cruciale baanbrekende belangrijke behandelde
actie die noch van mij, noch van jou komt, maar ons misschien samenbrengt.

17/07/2008:
En ge moet ook niet denken dat ik een idee heb, want mijn antwoord
-of de vraag?- zal niet affirmatief zijn. Het zal gedragen worden door
rode draden van negatieve gevoelens, maar het zal het allerminst zelf dragen.
En ge moet ook niet denken dat ik nadenk, want dat vergt te veel ratio.

18/07/2008:
Dit is de laatste vuurpijl die het nieuwe jaar aankondigde, de allerlaatste,
omstreeks kwart na 5 op een denkbeeldig 1 januari van een jaar dat nog
moet worden uitgevonden of bedacht. Ik hoop maar dat alles goedkomt,
dat hij ontploft en zal nazinderen als alles al is afgelopen, beëindigd is.

19/07/2008:
Ik zit aan het begin van het einde, en het einde is positief. Het aanknooppunt
zit vast aan mijn principe. Ik zit tot mijn armen toe verstrengeld
aan een actieve plant die een wakend oog verwacht, van beide kanten.
Ik ben blij, ik ben tevreden, ik voel mezelf vol geluk, en ik voel u ook.

20/07/2008:
Ik beleef een fijne, tedere maar zelfs ook leuke tijden in mijn lang verlangen.
Gedaan met rondlopen zonder haar, of hoofd, of hersenen zonder goesting.
Misschien moet ik nog eens enkele kilometers verzinnen die ik aankan,
en nog enkele uren fout interpreteren alsof het dagen en enkele minuten waren.

21/07/2008: BELGIAN EDITION
Alsof ik een trap trede per trede op en af moest lopen, wandelen, langlaufen
desnoods, waar men recht in het centrale midden een allesverhinderende paal
in mijn weg, zicht en zenuwstelsel geplant had. En ik laat mij wel afschrikken,
maar ik denk erover om dat los te laten. Ik denk daar lang over. Erg lang.

22/07/2008:
Ik word niet omringd, ik omring jou, maar gij hebt niets door, gij snapt niets,
hoewel ik helemaal rond u zit en gij rond mij, in zulk een constructie
waar Escher zijn jaloezie niet op zou tekenen kunnen, laat staan tonen.
Een kleine lege gang staat me in de weg naar een doos vol grootheid.

23/07/2008:
“Liever iets dan niks, maar soms ook liever niets.” Dat is mijn filosofie,
zo simpel als het leven, met dezen en genen, en afhankelijke componenten.
Ik zou graag alles willen doen, maar soms toch liever niets, niets denken,
niets weten, niets schrijven, niets laten, niets maken. Ik wil niets gedaan hebben.

24/07/2008:
Misschien is er helemaal niets te doen, of te behandelen in een straal van
een vijftiental kilometers die niks betekenen, uren vervoer die niet gelden.
Misschien duurt alles nogal lang, of veel te breed opdat het uitgerekt wordt.
Ik bezit die inzichten niet, maar de ideeën als beginsels spreken me wel aan.

25/07/2008:
Het meeste van de artikelen die klaarstaan in mijn nabijheid, het heeft effect,
zoals een natuurramp effect heeft, maar dan de omgekeerde versie.
Een weinig gebeurt in de omgeving, en meer, in het milieu, de banlieu
daarvan zelfs. Heel de wereld behoort mij -even- toe, en god zij dank.

26/07/2008:
Ik sta niet alleen op, ik word ook -net genoeg- wakker opdat ik zogenaamd
dagen en eventueel uren kan doorbrengen op krachten uit eigen bron.
En ik beklaag mezelf nog steeds mijn wedergeboorte, ook al was die
leuk en impulsief. Ooit ben ik een bloem, of misschien een plant.

27/07/2008:
Of dit bestond of zelfs maar heeft bestaan ligt niet binnen mijn kennis,
welke nochtans alleszins zeer uitgesproken, expliciet en een beetje
gebroken is. Tonen zijn verre van topografische wonderen van god,
het zijn des te meer noten in een overduidelijk anagram gegoten.

28/07/2008:
De rethoriek van het leven probeert me iets te zeggen, maar ik weet niet wat.
Stel dat ik affirmatief antwoord, en het draait anders uit, stel dat ik mezelf
om zeep help, omdat ik niet kuis genoeg ben, en stel dat wij gesloten zijn.
Ik denk dat iedereen alles kan weten, jammer genoeg, ik weet dat zelfs.

29/07/2008:
Niets is de bedoeling om te doen, het is de bedoeling te hebben, te bezitten.
En al lijkt niet alles zo verkrijgbaar, er zijn manieren, ongekend voor
mensen der aarde, om het onvatbarre te omvatten, alsof het een liefje was.
Maar het was de liefde. De transcendentie druipt er helemaal van af.

30/07/2008:
Ik vraag me weinig af, ik heb daar namelijk geen zin in noch tijd voor,
maar soms bedenk ik mijn geweten. Alle verdiensten zijn vlug vergeten,
maar elke enkele misstap brandt dagenlang (of avondlang) op mijn hoofd,
zo sterk dat het een ader zou doen springen, moest er een naald bij zijn.

31/07/2008:
Ik ben blij dat alles zo meevalt, want een tegenval doet je vaak teruggaan.
Ik wil geen gedeins van jewelste, ik wil, verlang, begeer een gematigd
pad, waarop ik niets dan vooruit ga, zelfs niet stil blijf, ik ga rechts en door.
Ge moogt mij tegenhouden, als het u lukt voor ik het zelf heb gedaan.

30-06-2008

WHAT’S THIS EMOTION? - poetae dictis

NOTA: Juni, van 01/06/2008 tot 30/06/2008

----------------------------------------------------------

01/06/2008:
Wij zitten wij nergens op, noch onder, noch mee in. Ons alter ego neemt over
vanaf hier ergens en het deert me niet. Ik forceer ons lust, goesting en vrijheid
aan te houden. Wij houden vol omdat we moeten, opdat we verder kunnen doen.
Opdat niet alles verloren zou lijken. En niet alles zo banaal mogelijk verdween.

02/06/2008:
Opeens bijt ik ergens in, in iets zo fundamenteel groot dat ik niet kan missen,
maar ik bijt verkeerd. Mijn bijdrage blijft onopgemerkt, soms zelfs niet geapprecieerd
op momenten dat ik mij N.B. afvraag wie in gods naam -in zijn naam zelfs!-
deze mentaliteit opgang bracht, en waar het hele idee vandaan gekomen is.

03/06/2008:
Als een ballon die dringend leeggelaten moet worden, omdat hij reeds
rimpels vertoont van een ongekende en onvoorziene ouderdom, ons aller
bekend als de feromoniale vergankelijkheid, die men krampachtig probeert,
tracht, vergeefs, machteloos toekijkt hoe men deze passage niet kan verijdelen.

04/06/2008:
Halverwege stoppen en beginnen met één zoveelste af te werken, omdat
het moet. In de beginne was er niets, en dat is toch even zo gebleven, maar
wanneer Christus herrijst en ons in 2 rijen opdeelt, stap ik er gewoon uit, opdat
ik samen met soortgelijken een derde rij kan vormen, misschien dé differentiële.

05/06/2008:
Ik zet mijn eerlijkste beentje voor, en met het hoopvolste -tevergeefs tegelijk
ook het linkse- stap ik uit bed. Het draait voortaan om superlatieven, het liefst
het superlatiefst mogelijkst, zoals het nooitst iemand was. Moedig is de over-
treffende trap van hartig, de bepaling van gesteldheid met nuance van voorwaarde.

06/06/2008:
Mijn ontlading werd doorvoed met elektronen, maar ontdubbelt door een
eigen arsenaal protonen. Mijn stabiliteit viert zege, ik lach glim, ik ben tof.
Alles lijkt helderder achteraf, maar hetis toch niet zo. De illusie van het voorbije
neemt het over van de gedachte van het vermijdelijke heden, of misschien morgen.

07/06/2008:
Een vredig ochtendgloren day zichzelf tot wredige dageraad kroonde,
alsof het een spiegel was die mijn ziel telkens herhaalde, telkens wederbracht.
En ik naïef wachtte of gewacht heb tot er ieand langskwam, desnoods
enkel mentaal of psychisch. Alsof ik olifanten tot muggen maakte.

08/06/2008:
Misschien is alles -toch?- herleidbaar tot het niets. Misschien houdt alles,
waar dan ook, een afleidbaarbaar ontelbaar bestaan, levensloos of niet, vurig
of niet. We moeten sowieso opletten, voor alles wat ons niet in de weg staat,
omdat dat zich nog kan verplaatsen en vervormen tot hemelshoge hindernis.

09/06/2008:
Mijn eigen collectief moreel enerzijds triomferend over zijn eigen poëtisch
gelaagde geslaagde overwinning, anderzijds gebogen als een rups onder
kwesties buiten mijn bereik, het zoekt een uitweg, middenweg die ervoor kan
zorgen dat alles goed komt, rendabel voor mijn collectieve gemoedsgesteldheid.

10/06/2008:
Ik ben maar wachtende, aan ‘t wachten tot er iets groeit bij haar. Misschien
een gezond verstand met een telecommunatieve neiging richting mijn hart, misschien
een lichamelijke bijstand in het gedeelte tussen armen, buik en hoofd. Misschien
zelfs een liefde die zo groot wordt dat… Nee, hoogstwaarschijnlijk niet.

11/06/2008:
Zeg nooit iets tegen iemand want ze kunnen het op een nefaste manier
met een waarschijnlijke wijze gebruiken tegen jou, jullie, ook tegen ons.
Een minoriteit dient voor opstanden op te starten door op te staan, maar
in mijn lokaal blijft iedereen zitten, want niemand zegt nooit iets tegen iemand.

12/06/2008:
Het gebeurde nogal onverwachts, want werkelijk niets had men verwacht,
het was een doodlopende weg die leidde naar een eindig gegeven,
en men wilde zo graag stoppen. Een onmogelijkheid, zo blijkt, wanneer
men oppert dat iedereen toch hetzelfde is, gelijk en gelijkwaardig, en aardig.

13/06/2008:
Terug gekeerd naar binnen en op mezelf gedraaid bij haar verre aanblik,
verteerd en bezeten door een allerlei aan schokkende ingewanden, ik ga weg.
Ik durf amper terug te keren, uit schaamte en apartheid van de algemenen,
ik denk mezelf weg en zoek een poort, waarlangs ik niet binnen geraak. Ook goed.

14/06/2008:
Moeilijk is zijn ongelijk niet te ontkennen, want zijn rede brengt ons sowieso
en evidentmatig in conflict met onszelf, een broodnodige oorlog over wie zich
zal promineren. Over een affectie die noch beantwoord is noch ongeleverd wordt.
Heel dit bestaan, wee ons, gaat over pijn en grenzen die niemand meer kent.

15/06/2008:
Soms is het nodig -en plus: noodzakelijk zelfs en sterker- om wakker te worden,
ook al en zelfs al wordt het niet zo bevonden. Zich wekken door een toon,
een ensemble van tonen of een lumineuze omgeving, en u gelijkaardig
weer te bedde, te zetel of in uw eigen gevoelswaarden te leggen. Doch, kijk uit.

16/06/2008:
Ik word bevangen in ontvangenis, mijn water breekt en bevrijdt mij
hoogstwaarschijnlijk van een kind, een kind van kennis, klaarduidelijk.
Ik zie nog alles, ik hou van alles, mijn gedachten controleren mijn mond,
ze besturen de spieren. Ik kijk op en lach, zonder enige geldige geldende reden.

17/06/2008:
De vraag is ende zal blijven of we al dan niet nog een klein gevoeltje voor zin
voor smaak en voor bevalligheid hebben. Blijft ons nog een goesting over?
Ik vrees ervoor, want de keuze blijft als een vraagstuk voor mij, waarbij
de grafiek 2 nulpunten heeft, die allebei evenver van de as staande zijn.

18/06/2008:
Niet zozeer goed, verdrongen door gebreken aan tijdsbesef, ruimtegebreken
en landkaarten doen me niets meer. Minder goed, want teleurstelling heeft
mij in zijn hand terwijl ik in haar armen wil, men tezeer met mijn voeten speelt
en ik niets meer uit mijn zakken kan halen dan teneerslag en bijna verdriet.

19/06/2008:
Niets blijft over in mij na de slachting die ik hetzij amper, of misschien zelf niet
overleefd heb, omdat ze mij zozeer uitmergelde, vooral aan de geest.
Ik wenste een dier te zien, een dier met een gestreepte vacht, om welke reden
dan ook, en ik wenste dat ik kon zien en voelen hoe het voorbij ging gaan.

20/06/2008:
Ge zegt dat ik te veel denk en droom, dat ik eisen veel te hoog stel. Ik kan slechts
zoveel wensen, als mijn hart dat begeert, maar ik kan ook zoveel willen, zoveel
als mijn gevoel van mijn lichaam kan verdragen. En al antwoord ik niet,
noch met geest noch met beeld, ik ben toch in de buurt van u geweest.

21/06/2008: SUMMER EDITION
Iets brak en het was zowel mijn schuld als mijn bewustzijn, mijn waarde scheurde
over niets dan asfalt en steentjes in dat asfalt. En tegelijk bleef ik ademhalen,
met veel zuurstof, veel leven. Mijn gemoed ging erop vooruit, of misschien voorin.
En vooral was ik verward, ik kon niet meer tellen en ettiquette is mijn tas thee niet.

22/06/2008:
Gedane afvallige langs zijnde opvallende tot komende gevallene, zoals
een man beschreven door Rimbauds gewezenheid, zijn aanwezigheid,
zijn openlijke genialiteit en inzicht in ‘s mans kleine revolutie van het bestaan.
‘t is gedaan, zo kwam het over en zo bleek het ook, 6 uur en 10 mensen lang.

23/06/2008:
Alles is alles, en dat is veel in vergelijking met niets, iets dat mij vrijwel omgordt.
En zo stop ik de dynamica, ik ben reeds geioniseerd en reeds negatief geladen.
Ik vind niets meer, geen prijs om te prijzen, geen lover om te loven, geen eer of
niets eerder om te eren. Een spijtige zaak, wetende van onze gelaagde diversiteit.

24/06/2008:
Al het verlorene is geweten en gevreesd, maar op een andere manier is het
verliezend. Al de dingen die mij belangrijk lijken zijn een heel eind weg, soms
maar een halve toon, en als ze dichterbij komen, dan springt het kapot.
Niet uit frustratie, noch uit angst, gewoon omdat mijn voeten bespeelbaar zijn.

25/06/2008:
Ik heb niet gescoord en de vrees zit erin dat het op een laag niveau zal blijven,
geruchten gaan geen enkele ronde en mijn faam is beperkt tot mijn ego.
Waarom leef ik nog voor die mensen die er eigenlijk niet toe doen?
Mijn blik gericht, mijn hart gevuld, mijn brein ontspoord, mijn gedrag stoem.

26/06/2008:
Als ik ooit iets zou doen dat meer waard zal zijn dan welk ding dan ook,
of iets zou zien dat meer zegt dan welk woord dan ook, uit al de boeken,
beloof dan alstublieft mij te verzorgen, vertrouw mij uw zachtaardigheid toe,
gedenk mij dan alsof ik uw geliefde was en verkies de waarheid boven fictie.

27/06/2008:
Hoewel ik in vuur en vlam sta voor iemand als zij, als het ware zij zelf, toch
bevries ik door de liefde. Petrus hoefde niets te herhalen, men begreep het:
als wij de liefde niet hebben… Als zij de liefde niet heeft, ben ik niets.
Als ik de liefde niet heb, besta ik niet meer om ook maar te kunnen minnen.

28/06/2008:
Ik hoop op een gedenksteen voor mij, en niet enkel voor mij, ik hoop op een symbool
dat mij omvat en alle mensen aan wie ik mijn handen heb bevuild (of afgeveegd).
En één is groter dan de rest, een terechte gedachte. Ik wil een gedachte
aan mijn gedachten; een afbeelding van mijn inbeeldingen; een verhouding.

29/06/2008:
Het proces, bij correcte handeling absoluut niet overbodig, voert mij aan,
het behandelt mij, het probeert mij op te lossen, en erger, het dringt zich op.
Niets dan zien, drinken en bij mij hebben is mijn doel, met een lichte nadruk
op laatstgenoemde droombeeld, een zoals ze door Dalì niet werden gemaakt.

30/06/2008:
“Gedachtes zijn de shaduwen onzer bevoelingen, steeds duisterder, iets
minder vol en vooral eenvoudiger dan eerstgenoemden”. Nietzsche,
met een nagel en kop. Omdat niets ons geen route wijst, zelfs niet digitaal,
niets helpt ons, dan wijzelf en een beetje de inverse kracht van uw geliefde.

01-06-2008

Texts de chansons à la mode de Karel Pt.II

Andrew Ain’t No Queer
Boys who love boys aren’t gay
Girls who kiss girls are okay
Nobody cares
‘cause they should explain themselves anyway

They’re wasted
They’re drunk
They’re just insanely plain outta their mind
OI! OI! OI!
They’re horny
They’re dumped
They’re about the best shot they will ever find
OI! OI! OI!
But Andrew is no queer!
Andrew is no queer!
Thank God!

----------------------------------------------------------

Over iemand die niet homo is. Genaamd Andrew.
The Nobodys-stijl, I guess.

----------------------------------------------------------

Why Don’t You Like Me, Damnit?
Girls they tend to like me
they always stand beside me.
But one of them’s acting strange
I think she’s trying to derange
me. I hope she’s ordinary
but in fact she’s more than any
girl I’ve ever met before.
She is what I fucking live for.

And IIIIIIIII
keep asking myself
whyyyyyyy.

Why don’t you like me, damnit?
Why don’t you like me?
Is it because I’m ugly?
Is it because I’m not your type?
Is it because you hate me?
Is it because I’m not alright?
Is it because I don’t know how to say “I love you” in 236 languages?
Because I don’t.
And that’s too bad.

She takes me to another
level but I don’t bother,
I figured out the reason
to why she is so freezing
cold. She just won’t like me,
but never will despise me
since I do nothing wrong
thinkin’ ‘bout her all night long.

And IIIIIIIII
keep asking myself
whyyyyyyy.

Why don’t you like me, damnit?
Why don’t you like me?
Is it because I’m no fun?
Is it because I’m just a slob?
Is it because I’m undone?
Is it because I just don’t stop?
Is it because I don’t know which ingredients are in your favourite pasta dish?
Because I don’t.
And I don’t care.
I just think
you should be mine.
That’s why.

----------------------------------------------------------

Over Lien, en haar oninteresse in mij. Damn it.
Denk er iets alla The Movielife bij of zo.

WHAT'S THIS EMOTION? - poetae dictis

NOTA: Mei, vanaf 01/05/2008 tot 31/05/2008

----------------------------------------------------------

01/05/2008: ASCENSION/LABOUR EDITION
Ik ben aan te spreken als een heer, een man, een mens genaamd. Voldaan,
gezet, gebroken. Eigenschappen zonder enige referentie jegens mijn wezen,
wat ik werkelijk voorstel. Ik ben een oppervlakte, meetbaar en buigbaar,
maar ik ben invariabel. Ik ben een vlak, en gij kunt op uwe kop gaan staan.

02/05/2008:
Als echte graver van putten, holen, gaten, holtes, gatten, dieptes, ondieptes,
en andere aanhangers van het negatieve reliëf, en als maker van deksels en
dergelijke, zo gaat iedereen zijn pad tussendoor, zonder zich zorgen te verbeelden,
iedereen doorkruist, of springt desnoods over, de putten die gemaakt zijn.

03/05/2008:
Kapot, maar niet gebroken, wel gescheurd en scheurend, misschien bescheurd.
Zeker besmeurd, als dat kan, met zweet, of misschien met water met zeep.
Niks dat kan misgaan gaat misschien fout, maar is die fout dan niet misgegaan?
Mij kan het niets schelen, zolang de zon mijn goddelijk lichaam maar omhelst.

04/05/2008:
Ik krijg een tegoed terug, zonder bonneke, maar met veel liefde; en al.
Ik denk. En ik stop ermee, want alles is niet om over te denken. Genot.
Ik doe maar alsof, maar uiteindelijk werkt het echt en schrik ik ik schrik
wel even, terecht misschien. Prachtige paletten, kapitalen aan kleuren. En al.

05/05/2008:
Zeven à acht minuten duurde het, tot mijn zoete ogen zich konden openen,
en nog eens zoveel voor ik ergens gekomen geweest ben. Veel tijden die
voorbijgingen, nodeloos en jammerlijk, tedere tijden. Fijn en niet aan te raken.
Ik wilde iedereen laten zijn, laten doen, laten zien, maar dat gaat fout. Verzekers.

06/05/2008:
Als ge een aftocht moogtafblazen, waarom verwijten ze ons dan, wanneer wij eens
een optocht opblazen. Er is geen vergelijking en alles blijft hetzelfde, in rust.
Het is een kleine afwijking van de norm, maar als zelfs de norm al afwijkend is,
wat maakt het dan nog uit. Wij zijn van mening dat goud iedereen goed doet.

07/05/2008:
Suspensie, pretentie, vergankelijkheid, wie weet mij het te vertelle, Muze?
En Muze, mag ik u aanroepen? Mag ik iets vragen? Muze, ik zie uw fotografie!
Verbanden die ongewild gelegd worden maar een beetje vergeten tegelijk,
zoals verliefdheid ons uitbreidt, maar ons tegelijk vergeet, of niet ziet staan.

08/05/2008:
Een hevig verlangen naar 2 velden verder overmant mij, een overheersende
Schoonheid, het neo-platonisch ideaal, inclusief wind, haren en schone blik.
Zij is wat iedereen wil, maar niet iedereen krijgt. Allesbehalve lustobject,
een schoonheid omvat haar die liefde amfetaminetisch opwekt. Terecht.

09/05/2008:
Een veroorzakende zon, stralen van abormale grootte, zweet overal.
Als een golf spanning overal, een druppel die een emmer verbazing vol maakt.
De noten, tonen, oren, een perpetuele gratie van de digitale echtheid.
Ontlading van kop tot teen, achter naar voor: Beatissimus. Hot. Water. Music.

10/05/2008:
Zonder gezever, een grootst geluk en onevenaarbaar, niks deed me beter.
Ik kan sterven, en ik zal tevreden zijn, omdat ik gezien heb wat ik wilde,
omdat ik ervaard heb wat begeerd werd dat ik ervaarde. Ik heb alles
wat ik wil, dus het kan me niet schelen als ik het ineens kwijt speel.

11/05/2008:
Een ver te zoeken empathos, maar aanwezig. Mijn fysiek gedrag werd snel
een gedrang, met mensen om te gaan, door ze een afscheid te bieden,
iets waardig maar niet te veel. Gezellig maar niet te veel. Ik ben nu efkens
in orde, maar of dat blijft, is een gok. En gokken is niet echt gemakkelijk.

12/05/2008:
Door overvloedig wederkerige voornaamwoorden te gebruiken, laat ik, terecht,
mijn overvloedig wederkerige gevoelswoorden zien. Iets atypisch, onvoorspelbaar,
ne klop die ge nooit had verwacht, een greep die het verleden niet kan vasthouden
(noch door zwakte noch door tegenzin), maar iets tegelijk onmetelijk verregaand.

13/05/2008:
Als een paard bestegen, maar kapotgedraaid. Kapotgebroken. Kapotgezaaid.
Kapotgegaan. Kapotgelegen. Kapotvermaand. Kapotgekregen. In 2 stukken.
Uit. Één. Kapotgezeten. Kapotbestreken. Kapotgeketend. Kapotgekeken.
Van grimas tot glimlach in 2,15 seconden, doenbaar, doende en gedaan.

14/05/2008:
‘t Was schoon geweest, bleek genoeg geweest. Niks meer schoon, maar nederig.
Ondergaand, nedergehaald. Niet om goede bedoelingen. Een mentaliteits - eh -
changement. Of een vastzitten, een blijvensteken. Een debiele fase die ontweken
moet worden. Jammer voor ons, want ‘t is zo aanwezig als een nat grasdek.

15/05/2008:
Vertier was niet ver te zoeken. Zelfs als men onder een steen keek kon men
plezier vinden. In het leven, in het moment, in een andere dimensie. Overal, gelach.
Nooit slecht bedoeld, soms verkeerd verstaan, als bijtjes die rond je oren zoemen.
Alles blijft nog in orde, fijn zo, heus waar. Niets klapt ineen, niemand valt aan.

16/05/2008:
Elke seconde werd een twijfel, maar hij duurde nooit lang, elke minuut deed ertoe.
Als een bende, een groep, een hoopje met 1 uitsteekpunt dat we willen vormen
tot een team, een ploeg, een humain werktuig met steeds 1 hoogtepunt,
van waaruit Euler zelf de rechte mag kiezen. Zolang het maar geen lijnstuk wordt.

17/05/2008:
Moest ik in Frankrijk wonen, ik zocht onophoudelijk naar verbanden, relaties,
en ik zou ze vinden, zeker, maar ik zou ze niet kunnen vatten. Ik kan
zo hoog niet grijpen, ook al probeer ik te springen. Soms zitten zo’n dingen
in het innerlijk, en zonder dat geraakt ge niet ver. Zij is het onbereikte.

18/05/2008:
Een acht op een schaal van één tot tien in hoeverre ik mij niet druk maak,
niet om wat men ziet, noch hoort, maar vooral om wat men niet ziet.
Een acht en een half om te tonen dat ik slechts een beetje geef, om slechts
een beetje persoon, begin ik te denken. Een negen voor de eenzaamheid.

19/05/2008:
Op zoek naar een uiterlijk rust was ik, bleef ik steeds maar. Vermoeidheid had
geen betere toeslag kunnen wensen, een promotiedag. 1 leven voor de prijs van 2.
En of het eerlijk was, scheelde me niet, maar dat het heerlijk was, des te meer,
ik vond echter vooral, dat het, ondanks alle misgunsten, begeerlijk was.

20/05/2008:
Ofwel was er geen eind ofwel waren er veel te veel. Stopplaatsen bij elke weg
naar mijn hart, en een file wegens ongeluk recht voor die ene die ertoe doet.
Een changement de décor zal noodzakelijk zijn, bedenk ik, denk ik al lang,
maar het begiint te dringen en ik heb nog steeds geen ruimte ervoor vrij.

21/05/2008:
Half weggezakt in een droom die geen droom was, over een liefde,
die geen liefde is, met een individu, welke te verheven is, en een entiteit.
Een geheven hoop op verrijking, een vergeven hoop. Maar ik volhard,
met een knipoog naar mijn held, door een verbintenis met een taal.

22/05/2008:
Er is iets in mijn omgeving dat onbespreekbaar is, en erger, onbereikbaar, en erger;
onvergetelijk. Onverwaarloosbaar, op een dysfemistische manier uitgedrukt.
Waarom ben ik geen vanger in een graanveld? Waarom loop ik rond tot ik val,
tot ik val en er bij neerval, zonder opgevangen te worden. Ik moet mezelf vangen.

23/05/2008:
Een nood aan een personage in mijn leven dat cruciaal zal blijken, en dat nu al
doorslaggevend is in mijn gedrag. Een zoektocht naar net dat wat ik wil,
en ook al is het vrijwel onmogelijk, en ook al is het onbereikbaar, en zelfs al
is het te hoog gegrepen, dan… Ach zot, dan geef ik het misschien beter op.

24/05/2008:
Een slecht begin zonder eind leek het me in den beginne. Het werd positief
anders, verschillend en misschien zelfs beter, met een stilzwijgende afspraak
met mezelf dat ik stilzwijgend zou verlangen. Mijn ogen krijgen des te meer
te zien, wanneer ik er op let, en aan aandacht ervoor ontbreekt het me niet.

25/05/2008:
Niets te veel voor mij, bij voorbeeld een herhaling in een herhaling is gewoon
iets uniek. Een heel aantal la’s en re’s die eigenlijk nullen en vijfen zijn
opent mij een wereld, reeds ontdekt maar te beperkt. En zonder mogelijkheden
tot exploitatie blijf ik er alleen bij zitten. Aan de wereld: ‘t is min 10 graden nu.

26/05/2008:
Ik zit niet met een klein probleem; ‘t is iets psychisch, psuchusch zelfs, want het
raakt me, denk ik. Het is een tweestrijd tussen 2 krachten, een positieve
en een veeleer negatieve. Het is jammerlijk, want ik weet niet wat te doen,
niet hoe het te doen en ik weet niet hoe ik me een houding moet geven door hen.

27/05/2008:
Uiteindelijk sta ik er maar alleen voor, volgens een wetenschappelijke studie
bij 6,5 miljard mensen. Er was sprake van een syllogisme, waar bij de conclusio:
“individu = eenzaam” net iets meer nodig had dan 2 1stegraadsvergelijkingen.
Ik hoop een uitkomst 0 gelijk aan 0, zodat alles vals blijt, zonder enige implicatie.

28/05/2008:
Een afgeleide brengt me in hogere sferen van afleiding, iets anders dan dat
wat ik zou moeten voltooien. Soms om het amusement, soms om de
noodzaak, soms om de afleiding op zich. Vooral om met mijn gedachten
vanalles te verzetten. Ik ben niet echt machtig maar ik denk van wel.

29/05/2008:
Het verzet geeft nooit op, en ook niet als het zich tegen het origineel keert.
Wij zijn wel echte mannen, jongens als het u blieft, maar krachtig genoeg en
verliefd genoeg. Capabel tot grote dingen van geen enkel belang, bereid tot
lachen, plezier maken en hersenmoorden. Het ondergaan doet ons niets.

30/05/2008:
Dood en quasi vermoord, noch in materie noch in achterliggende theorie
door mijn ganse omgeving, een bende hoopjes -maar loos van hoop- achter mij.
Slechts 1 begeerte en verder niets, en nog steeds lijd ik eronder. Ik zoek geen
eeuwige rust en ik wil mijn verlangen niet uiten. Ik wil haar als verlangen hebben.

31/05/2008:
Te veel variatie komt mij amper ten goede, verzoekende doch vergezochte
mensen komen mij tegemoet voor samenspraak, over de mensheid, maar dat is
onbewust. Perpetueel geluk is voor ons ook maar temporain, maar wie klaagt?
Ze zijn ervan minderbewust, wonderbewust dat ze alles kunnen hebben.

04-05-2008

WHAT'S THIS EMOTION - poetae dictis

NOTA: April, vanaf 01/04/2008 tot 30/04/2008

----------------------------------------------------------

01/04/2008: FOOLS EDITION
Ik zit vast, genageld, gespijkerd, vooral gebonden door een arsenaal aan draad.
Koorden, knopen, zakskes die mij omsingelen, god weet waarom. Ik ook.
Ik ben graag content, indien mogelijk, en als alles goed loopt. Eén of twee
of drie keer storingen in het netwerk, god weet waarom. Ik niet echt.

02/04/2008:
Verheugd als een kantoorbediende om 5 uur ‘s namiddags, wanneer het werk
wordt afgeblazen. Zo ook blaas ik af, mijn wanhoop. Ik word tevreden.
Ik word gesteld. Ik wist van niks meer, misschien was ik van de wereld.
In één of andere andere dimensie, een derde bijvoorbeeld, verstopt voor niks.

03/04/2008:
Wij zijn Franken, en momenteel zijn wij in gevecht, een oorlog van reeds 4 dagen,
en hij blijft gaan. We zijn aan de verliezende hand, maar de heil is nabij.
Wij zullen worden bijgestaan door een volk, zo schoon en zo machtig,
zo helend, het zal ons een droom zijn, een droom vol, en vol deugd.

04/04/2008:
Blijven wat je bezig bent te zijn en dan nog worden wat je bezig bent te willen
eventueel verdienen wat je bezig bent te krijgen en en passant vergelijken.
Een eerste liefde die terugkomt op het eerste gezicht. Desalniettemin
op het tweede zicht ben je terug niet te spreken. Tegenslagen in mijn gelaat.

05/04/2008:
Verlossingen, één voor één voor nog één en dan nog één. Tot alles zowat
weg. Zodat alles weg is. Maar altijd, steevast blijft iets hangen, in mijn hoofd
zowel als in mijn buik, als rupsen die vlinders willen worden, maar daarvoor
te weinig stof hebben. Te weinig weerstof. Het idee is er nog steeds.

06/04/2008:
Soms wil ik weg, maar noch gebonden, noch gedwongen, ik blijf liggen.
Omdat ik dat kan, ik heb keuzes -misschien te weinig soms. Ik lig
met graagte. Geen problematici, neen, alles dat in orde komt is alles.
Zolang de tijd loopt kan ik erdoor, geen barrière van stilte houdt mij tegen.

07/04/2008:
Tijdsverschillen bestaan niet meer, een interesse ervoor is verdwenen,
samen met een zekere hulpeloosheid. Ik zou vechten voor wat ik wil,
maar in die plaats krijg ik een schoot, waar men nutteloze gedachtes
in gooit, alsof het een picknickmand was waar iedereen van kon genieten.

08/04/2008:
Het licht aan het eind van de tunnel bleek uiteindelijk niets meer dan
een gloeilamp, die reeds een jaar lang 3 uur per dag brandde, jammer,
maar nodig. Af en toe een flikkering houdt me scherp, zo scherp als alles
wat me stoort. Hetgeen gebeuren kan als ge nen echte man zijt.

09/04/2008:
Een niets dat me omringd, en dat soms wordt doorboord, met tegenzin
langs beide kanten. Het is een gebaar dat telt. Gebaren kunnen en effet
wel tellen in deze situatie. Een kleine voorsprong heb ik al, maar ik moet,
ik moet hem behouden. Zorgen dat ik niets meer verlies, dat ik win.

10/04/2008:
Verschillende psychologische weeën randen mij aan, en ik heb er geen idee van,
ik weet van geen duidelijkheid, eenduidigheid of gelijkheid. Ik stel geen plannen op.
Ik denk nergens meer aan en vergeet zelfs wat er gebeurd is, ik wil het zo.
Misschien moet ik terugkeren naar hoop, maar dat levert weinig op meestal.

11/04/2008:
Als koorden die me vasthielden, me vastknelden, en die werden weggehaald,
als een druk die even stopt en plaats maakt voor geluk; druk geluk.
Alsof ik kon opspringen en dansen en huppelen, en eventueel omarmen
en denken, ik heb jullie gemist, maar ik ga het nog steeds doen, tevens.

12/04/2008:
Een uitbraak van geestelijke invoer, te veel te vroeg, maar niemand die daarom maalt,
niemand die ook maar enigszins blijk geeft van twijfel. Een blij gezicht of 2, 3.
Misschien 4, met moeite te tellen. Alles lijkt een beetje nieuw, pas gekocht,
een beetje alsof het met schuurpapier gepoetst is en gepolijst en proper gemaakt.

13/04/2008:
Een rustig draaien en keren, een moeizaam bezigzijn, een uiterst fijn bestaan.
Een nadenken over de passages die langskomen, een verdenken van niemand,
ik wil niets weten maar het is wel nodig, een foutloos probleem, denk ik,
hetgeen niet op te lossen valt met letters noch brieven noch boeken.

14/04/2008:
Een verstoord ritme van halve tellen gedurende een hele, net geen 2.
Het gaat om koetjes, kalfjes, maar ook lammetjes en zelf vogelbekdiertjes
want niets is niet belangrijk in ons stelsel, stelselmatig blijkt alles
hetzelfde te zijn, enkel en alleen omdat wij geen verschil zien kunnen.

15/04/2008:
Geen messen hedendaags, geen wapens want die zijn verboden, en geen geluid.
Wij zijn stil en gerustig, volgens de wet moet dat, volgens de sinjoren echter
niet meer. Geschreeuw zou de mijne moeten zijn, maar dat is niet nodig
ik ben echt, nog een der weinigen, ik ben hard en wil niet ten laste zijn.

16/04/2008:
Frequentieel, plus minus 138 keer van de 1440, een oprisping, meermaals.
Serieus was het, een vijl die langzaam de korsten eraf pulkt, zonder probleem.
Gewoon een vervelende kwestie die zich eenmalig meermaals voordoet,
met een schitterende kwelling die niets zeggen wilt, geen woord komt eruit.

17/04/2008:
Geleidelijk gaat alles. Een hele stap vooruit voor de mensheid, dat ben ik.
Vooral ik, want ook anderen ondervindeneen soortgelijk, vaak erger nog,
tegenslag, een pijn als het ware, een ziekte aan een of meerdere bestanden
of bestanddelen van het lichaam. God weet waarom, en hij zegene hen.

18/04/2008:
Ik ervaar een integraal absolutisme voor mijn eigen goeddunken, ach ja,
zo sprak ene, en niemand wist wat er precies gaande was, maar het was goed.
Content, tevreden, blij, gerust en gesteld, opgelucht zou ik durven zeggen.
En moest men er nu een drama van maken, het werd ze kwalijk genomen.

19/04/2008:
Een inslag doet zijn intrede en ik ben in de war geraakt door vele gevallen,
vervelende voorvallen en derende deadlines. Ik mocht niet rusten maar
het was wel nodig. Ik durfde, ik kon niet anders. Geen andere manier,
geen wijze om naar voren te treden, na verloop van toch een behoorlijke tijd.

20/04/2008:
Kleine, haast en bijna vergeten attenties, aandachtjes van onverwachten
ze doen deugd en goed en het is fijn dat ze zo zijn. Alles is fijn wat is.
Werkelijk een handeling die nooit werd weerhouden, tot voor kort,
maar nu werkt werkelijk heel het systeem weder zoals het hoort te werken.

21/04/2008:
Spanning zonder erotiek, het lijkt onmogelijk, het blijkt te doen, goed te doen.
Ik blijf vertwijfeld en een beetje angstig om wat komen gaat, wat geweest is
zelfs, omdat alles terug een nieuwe outfit draagt, en ik hang erachteraan.
Ik ben gedreven door wellust, maar ik ben na het minste gedoe: een wrak.

22/04/2008:
Een strijd die minder doet aan mij dan aan anderen, de hel, de hemelen,
er woedt iets in mij en het is nog bezig, maar het kan me niet schelen denk ik,
ik wil ik voort, verder op een lijn, hetzij een kromme, hetzij een gebogen.
Wat niet lukt laat ik achterwege, ik doe eigenlijk gewoon mijn zin mijns inziens.

23/04/2008:
En niemand geeft, en omdat niemand geeft, loopt het zo goed, dit is goed.
Het verhaal van mijn leven begint nergens te laat, net op tijd en ik volg het stipt,
soms een beetje te vroeg. Straling vanuit ergens buitenaf, recht in mijn bestaan,
het komt recht op ons af, we kunnen het niet doden, dus we ontvangen het.

24/04/2008:
Een teveel een toestromen langs vele -niet alle- kanten recht op ons.
We zijn een entiteit, wij worden door een enkele overheid eenheid bestookt,
en jammerlijk zijn wij niet in staat terug te vechten. Geen communicatie.
Geen werking van eender welk intervariabel mechanisme, of dergelijk.

25/04/2008:
Ik kan toch moeilijk leven met een soms te genoeg en soms te weinig, want
ik heb liever te veel, in overvloed. Niet zelf-gecentreerd, of “egocentrisch”,
maar puur uit noodzaak. Puur om de noodzaak. Soms te veel moet,
soms moet ik verder overleven, soms moet ik afzien, soms moet ik niks.

26/04/2008:
Vertederend was het, zoals gedeeltelijk voorspeld, maar beter, ‘t wordt beter,
‘t wordt warmer, heter, beter, gezelliger. Comparatieven ontbreken nergens.
Gezamelijker. Contenter dat we nog eens weg zijn uit de sleur. Gebrekkiger.
Verlegener om iets te zeggen dan tevoren. En minder gelukkiger door u.

27/04/2008:
Ongebruikte dozen, leeg en zonder ook maar één artikel te bevatten, worden
opgestapeld, tot enkele meters hoog. Niet platgedrukt, niet opgevouwen,
want dat kost moeite, en moeite hebben wij niet. Niet platgeregend,
want dat kost ons zon, en zon houden wij liever voor onszelf, erg lang.

28/04/2008:
Mijn moleculen bewegen traag, soms, heel soms botsen ze, energie-toevoer.
Energie-afvoer, een slot, tegen mijn wil voor actie, geweld en vochtige bodems,
ik ben voor jullie, ervoor, maar ik vind u niet tof, noch aangenaam om bij te zijn.
Een spijtige zaak, ik ben een elite, een delicatesse, ik sta ver boven de meesten.

29/04/2008:
De basis van de omgeving ligt aan een basisch milieu, zacht en ongezwonden,
zoals een lelie die net uit het water rijkt, te kort voor overwoekering,
te lang om zich te verbergen. Wat we allemaal zouden willen, verbergen,
ons, in hoekjes, steegjes, donkerte, duisternis, en dan plots een straal licht.

30/04/2008:
Een uit de kast gekomen kerel, recht voor mij, rug gekeerd, hoofd gedraaid.
Ik zou volgen moeten, om mee te zijn, om te kunnen zijn wat ik wil.
Men zou plukken moeten, bloemekes en grassprietjes, en ruiken moeten.
Ieder voor zich zou kijken moeten, naar anderen vooral, en naar beneden.

16-04-2008

WHAT’S THIS EMOTION? - poetae dictis

NOTA: Maart, vanaf 01/03/2008 tot 31/03/2008

----------------------------------------------------------

01/03/2008:
Amai een geluid dat verder doortrilt dan tot in uw Eustachius buis want amai
ge voelt het zinderen in uw pezen die niets anders dan bewegen en spasmatischen
vertonen omdat alles en iedereen u niet meer boeien noch schelen kan en omdat
alles voluit geven nu ook weer niet alles is maar gewoon uiterst veel zeiden ze.

02/03/2008:
De ooh’s en aah’s van elke kant omsluiten me in het midden van het gezang,
mijn lichaam splijt in twee maar mijn geest heeft slechts één gebeurtenis,
en slechts één kans erop. Het leven is slechts een lichte vorm van roze, echter
wat erachter zit, uw bestaan, is feller gekleurd dan de wangen van mijn geliefde.

03/03/2008:
Er bestaat niet veel meer in deze wereld; geen smart om te geven, geen hoop
om te hebben, geen leven om te verdienen, geen ideeën meer om te verzetten.
Nood aan uiting van een oorzaak door middel van bewegingstoestand
in de verandering die niet meer of minder dan de norm volgt of volgen zou.

04/03/2008:
Hoe vriendelijk en attent zou het zijn moest iedereen voor een enkel moment
gedachteloos maar doordacht zijn ongelóóflijke ideeën die net buiten het kader
van de norm afstappen, eens feilloos verwijderen van de buitenwereld en gewoon
als eerste stap een nadenken toepassen zonder de declaratie? A.D.M.C.L.C.S.V.P.

05/03/2008:
Specialiteiten der voorouders turbuleren hevig de wanorde in mijn dagelijkse dag,
zoals een kou front botst met een warm front en mijn sinus laat verdrinken.
Veel voorgebeeld door achtergestelde voorgangers, of alternatief genoemd,
naar mijn vocabularium gericht, de mensheid, de val ervan en de mislukte roem.

06/02/2008:
En ik wou dat ik kon vliegen, naar boven jou, zodat ik in jouw boezem kon zien.
Zodat ik in jouw hart kon zien, en zodat ik kon zien of en wat je aan mij denkt.
Wanneer en hoe en waar en hoevaak en telkens weer wil ik jou weten zijn.
Telkens wil ik jou zien zonder te besluiten dat ik inferieur ben. Zonder weinig pijn.

07/03/2008:
Uren duren heden 2 uur langer, minuten blijven aanhouden per 2 in groepjes van 3,
en het ergst van al is de klok, waarvan er 5 allemaal een ander tijdstip geven, alsof
New York gelijk stond aan Oud Amsterdam. Ik smeek naar god, in mijn visioen
een godin, ik vraag voor inkorting van mijn leed. Ik krijg niks maar ik vind niks erg.

08/03/2008:
Sequenties van inactieve acties leidend tot vervelende littekens in uw huid
gekerfd door de stok der gratie, positieve krachten vanuit ons aller milieu.
Dwalen, dwalen, dwalen. Geeneens spoor te volgen, volgen, nee! Geeneens
een merkteken van iemand tevoren, niks te zien niks te horen niks te bedenken.

09/03/2008:
Met spijt in het hart en een berg tegenstellingen - 10, zo bleek - in het hoofd,
ik word zot, gij maakt mij gek, gij maakt mij labiel, het mocht nietzijn, ik was er
in ‘t echt geweest, ze waren er in ‘t geweest, maar zij als ensemble en ik alleen
en wij niet ensemble. Met pijn in het hart en een knoop in de maag. Een zonde.

10/03/2008:
Een vorm van beneden. Zo ver beneden, dat men terug boven eindigt als een cirkel.
Ze proberen zichzelf boven te houden, maar geen nood noch haan die kraait,
geen 3 keer om precies te zien. Geen waardes in interne exualiteit met niemand.
Niks dat nog standhoudt, alles overhoop, terecht, en terecht, en ik hoop nog meer.

11/03/2008:
Muze, ik aanroep u, niet om inspiratie, maar om intrigatie en irrigatie in mijn vaten.
Hebt gij enig idee van mij, van waaruit ik besta, van waarvóór ik leef, waarachtig?
Gij zegt mij niks, maar ge zegt mij veel. Maar hebt gij een idee, wie het is,
die u zo aankijkt als muze en die bang u niks zegt. Ik heb spijt van mijneigen, Muze.

12/03/2008:
Vraagt dit leven een conjunctieve vorm van een inexistentieel werkwoord?
Ben ik te fervent, te frequent en te insubordinairieelischtischesqueachtige?
Wie rest ons om te belachen, waar is er nog een objectieve subjunctief?
Ik denk dat ik zal vallen, en zoniet in een afgrond, dan wel in een ophoping.

13/03/2008:
Mijn onderwerpen worden onderworpen aan voorwerpen van de lijdende soort.
Niemand die meewerkt, alsof een zeker een eenzaat is en deze alleen eenzaam
ledigt wat hem zo dierbaar is. Als alles herleid wordt tot een zorgzame vallei
en als ik ook maar een glip in bezit krijg, het werd de mijne. Blitzschönheit.

14/03/2008:
Mijn aders springen nauwelijks open of ik voel een gevlinder in mijn buik,
ik word slechts amper ontsproten, mijn leven weg van uw leven, laten we leven.
Een ander halfrond, bestaande uit het verloochenen en het tegenstellen, in combinatie
met een maatstaf voor negatieve uitstraling en met -mogelijks- idioten.

15/03/2008:
Zwaar en gemoedeloos struint er ene zekere door straten van gelach en door de
wegen van indirecte aggressie, coureurspaddekes van trots op mijn soorten,
open en gebroken vanbinnen veroorzaakd door de sprookjes in sterk verkorte
vormen omdat wij, voorouders van de primaten, niet tot een orde behoorden.

16/03/2008:
Gij zijt mijn koningin, maar gij spreekt precies niet tot uw volk, volk als ik.
Maar ik denk toch dat er enig verband tussen ons bestaat ‘tgeen gij mist.
Gij hebt geen ideeën, koningin, geen naturale kennis van ons wezen.
Ik wil het uitleggen, maar ge kent mij niet, ge wilt mij niet kennen niet.

17/03/2008:
Mijn verergerd is verbeterd door zovele factoren die zo weinig voorstellen
en zelfs in grootse termen als die van ons geen impact, impact hebben. Als zou
een vis een vogel waren, en een mens een dier met verstand, dan lijkt mij alles
verloren. Ze zijn alles verloren: hun vogels, vissen, vooral -zo bleek- hun verstand.

18/03/2008:
Ik zit met een opgesloten gevoel van openheid, waarin ik voel dat ik onbeperkt
in de tang word gehouden. Ik kan overal weg, mamanipulatie. Warmte noch
liefde houdt mij over een of andere verlangd ofte verlengd ofte verlegd eind.
Recht(s) is beheer(s)d, links onbezonnen, voorwaarts te riskant voor enige woorden.

19/03/2008:
Een absolute moraal drijft onzer samenzijn in gedrang, zonder spanning, hoe
enigszins ook, te creëren. Alles blijft voor de verniet tesamen. Tesamen. Hoe
prachtig verrijkend mooi iets ook is, het is nooit een bloem, nooit een klank,
zelfs is het geen meisje, dat onder begeleiding van een crescendo bloemen plukt.

20/03/2008:
Witte woorden op een zwarte achtergrond met een witte kader en zonder lichtinval.
Alles zit veropgeborgen in doofstomme kisten die niet willen uiten, net als ons.
Ieder is zoals ons, een gevestigde uniciteit onderzocht met 6 miljard mensen, 8 studies.
Andere wijzen van autodestructieve manieren, nooit eerder gekend of zelfs getracht.

21/03/2008: SPRING EDITION
Mijn omvangenis houdt mij bevangen, maar ik ben aan het vechten en ik geraak er.
Ik denk niet veel, maar mijn richting blijkt wel te zijn. Gij verwoordt alles schoon,
letterlijk plus figuurlijk. Ik hoop alleen maar dat wij ons ook kunnen optellen,
het zou een pak van mijn -tevens een onbedachte diefstal van jouw- hart zijn.

22/03/2006:
Dit werd een hitteklap in mijn gezicht, maar pas laat, in een wereld onbepaald.
Een veinzende (alsof het lang duurde) lach op dit (alsof het mijn bezit was) mens,
en alles werd roze en blauw en grijzig, na een tijd. Een biotoop met als bestemming
het woord, dat mijns inziens nog bij god mag zijn, vooraleer ons te verstenen.

23/03/2008:
Twéé onverspreide mentale orgasmes, één stimuleert, de ander degradeert mij
tot tien-tot-de-min-vijftiende. Een mogelijkheid pi op het totaal phi brengt mijn
kansen op een ideale, ideële en/of fidele fractie van nul. De abstractie van mijn
kostbaarste en liefbaarste bezit, maar! ‘t Was blijkelijk niet meer nodig voor haar.

24/03/2008:
Er is een metertje dat tussen 15 en 150 meet, maar bij een van de twee blijft steken
als was het een zandloper die geen tijd bepaalt maar kracht. Inzet is troef,
maar de uitzet is het belangrijktse. Uitgewogen op een weegschaal tussen 15 en 150,
gemeten op een temperatuur tussen 15 en 150 en alles leek halfdaags in orde.

25/03/2008:
Ik schrijf leegte met een m, ofschoon iemand mij verbetert, en terecht. Onterecht
blijf ik regels vol schrijven, honderden keren, malen hetzelfde woord, dezelfde
letters. Vlak na elkaar, zonder ook maar één zin te kunnen maken. Zonde.
Opruimen is een optie, maar ik breng niets toe en ben dus overbodig. Zonde.

26/03/2008:
Het uiterlijk is van geen belang, naar men zegt, maar men zegt… zoveel.
De transactie van een intern gegeven dat wordt geëxporteerd naar ergens
een plaats extravagant, zonder muren rondom of andere blokkades.
Wij zitten met te prominente privacy en te weinig wetten voor uitingen.

27/03/2008:
De uitgang was zichtbaar, een plakaat met pictokilogrammen bevestigd.
Gevolgd van een persoon tegen alles in feite en alles tegeneen, een occlusie.
Geen fronten, enkel achterkanten, -flappen, -huizen en diverse. Schok,
schok, als een worp in het haardvuur zonder gastheer, eenzaam en licht.

28/03/2008:
Een greintje hoop maar net iets meer greintjes -durf ik wel- wanhoop
omzadelen mij, dekens en kussensen vliegen -letterlijk- in het rond
maar ik geraak niet mee. Ik blijf achter, mijn 2 lichamen op de grond,
een weinig stevig, een beetje hard, bijna vastgegroeid in een verdict.

29/03/2008:
Een zenuwaanval waarvan een kleine verschuiving, miniem als nooit,
een trein naar een centraal station, in eender welke stad, incluis banlieu,
met als eindstation: nergens. Een tegenslag of 25 per dag, en wij moeten
daar maar tegen kunnen, denk we, maar in perspectief bleek alles anders.

30/03/2008:
Een springplank, zo flexibel dat hij het water in het zwembad zou kunnen raken,
doch! Een afgebouwde weerstand en een massa van vervlogen deeltjes
kiezen voor een andere weg, niet zo zeer en, of zo nodig, maar anders
in een tikkeltje verband, een klein beetje redding, zoals echte mensen.

31/03/2008:
Ik heb geen hak om over te springen, zodat ik regelrecht op de tak belandde,
hetgeen vaak gevaarlijk is, onvoorbereid en zonder voor- noch nakennis.
Een vervriendelijkte stem met een vertederendete palm, pols slag, hart,
hoofd, lichaam buiten controle, brein op stand 10+1 voor een tijdje.

25-03-2008

WHAT’S THIS EMOTION? - poetae dictis

NOTA: Februari, vanaf 01/02/2008 tot 29/02/2008

----------------------------------------------------------

01/02/2008:
Ik ben dronken ofte zat van zat te zijn. Beuheden langs overal maar doelgericht. Ik
ben te dronken om nog te kunnen zien. Inzien dat ik hier het pad moet kiezen. Ik
ben zo dronken dat ik geeneens mijn sleutel vind. De deur naar oneindigheid is op slot.
En ik wilde, oh ik wilde dat mijn wilde gedrag zich verborg onder zo’n stille zee.

02/02/2008:
Zijn hologrammen een werkelijkheid, of slechts een weerspiegeling van een imitatie
van een idee in een werkelijkheid? En zijt gij een verdraaiing, een positieve afwijking
der natuur? Visioenen in uw dromen komen geuit in mijn buien, degenen van plezier.
Ach, mocht ik u zien en graag zien, zag gij mij dan ook terug? Noch graag, zeker?

03/02/2008:
Drinkgelagen bij zuiver kaarslicht en etentjes in de koudste koude in jouw centrum
en een rijzende en stijgende warme luchtstroom die hielp om het hart te bereiken.
2 rood-blauwe draden verbonden in de eeuwigheid, een totaal gehele onverwachte
schok en alles werd een grijs-paarse massa van wit en rood en blauw en vooral geel.

04/02/2008:
Ongeweten een doordrang tot het overgeweten, te veel is meestal heel erg goed.
Te weinig is maar een minimum aan valentie, behalve dat gejammer en gebeuren,
te weinig om te eten en te drinken, te weinig om deftig te richten op een doelwit.
Ach… Ecco ergo, moest elk leven een hemel zijn en moest elke dood niet bestaan?

05/02/2008:
Ingemaakt in de vorm van een figuur dat op een bepaalde stijl lijkt van het genre
idiotie, een wereld voor de meeste onbekend om 2 redenen, elk stereotypischer.
Achterbarige conclusies en een teveel aan vertrouwens voor het wel- en nietzijn
ze brengen mij tot ideeën onmenswaardig en gedachten pejoratief en stoem.

06/02/2008:
Vier keer zoveel dan gewoontelijk, 4 keer het aantal geluk tot een 4de macht.
Trillingen als vlinders die trillen in uw buik, een antinaturalistische opwekking,
zorgen voor een simulatie der drogeringen, zo zeer verwekkend en oplevend.
Dat een tijd maar voortdraait in plaats van terug, dan valt alles juist en precies.

07/02/2008:
Jullie eten blijkbaar, vooral met gouden lepels, zilveren vorken, een marmeren bord.
Ik grijp dusver mis en verkrijg een houten mes met splinters in mijn hand/hoofd.
Ik schijn heilig maar ik ben razend en kwaad. Ik ben niets meer dan een product
van mijn eigen ontwikkeling. Ik ben auto-teleurgesteld en onomkeerbaar gewist.

08/02/2008:
Bakken wolken en stapels regen, een vochtige ondergrond en natte bovengrond
maakten rustiek plaats voor een geheel van dit alles tot een negatieve macht.
Een volkomen genormeerde magie in de lanen van de steden in al onze landen
verbleekte tot een omvattende optie van richting en zin en goesting per dag.

09/02/2008
Een verlof naar buiten het centrum van mijn wezen, ik reis ver weg, weg naar
een stad gelegen achter bijna onbetreden treden maar amper onbewogen wegen.
Ergens ooit een zekere loopt mij tegen mijn lijf als een klap van een zonnebloem
waarvan alle zaadjes en alle blaadjes blijven kleven tot ze het besterven van koude.

10/02/2008:
Zinderingen zinderen zinderend na nadat wij muziek muzikaal musiceren laten, laat.
Herinneringen die vers uit een propere bodem kruipen doch lijken als een deel jeugd.
Eindeloze vergaderingen van -1 tot 6 uur, van 0 tot 0,05 procent, van 5 tot 24 procent,
van 5 tot 24 graden, van 0 tot 6 graden, en alles, a-lles, is enorm, eno-rm, lachwekkend.

11/02/2008:
Terwijl ik uitwaai in een imaginaire wind en word meegesleurd en word aangevallen
en ik vecht niet terug. Ik win anders, ik ontken en ik weet niets meer en ik ben bang
en terecht en ik hoop gewoon en ik zal winnen. Want ik ben zover geraakt, zo dicht
dat ik blijf. Ik keer noch terug noch weder noch verder. Maar ik blijf noch staan.

12/02/2008:
Een bezigheid alleen houdt mij soms alleen overeind, als in “in leven, over leven”,
dus werd ik afgemaakt met het mes op mijn slaapgewricht en een pistool tussen mijn
reeds eerder aangerande hersenen. Een fout komt nooit alleen, nooit zonder slechts,
en het betekent zo weinig zoals die helse vraag ook niets betekent, alleszins enigszins.

13/02/2008:
Jij, wind, jij wederkeert mij. Je werkt mij tegen alsof ik een veertje was, drijvend
in een warme luchtstroom die nergens te bekennen valt. Ik zou eindigen in een doos
vol zoetheid, allemaal verschillend, allemaal levensbepalend, allemaal even belangrijk,
allemaal even tijdsrovend. Maar slechts weinigen zo enerverend ende dwangmatig.

14/02/2008:
Alsof er een manifest label werd geplakt dat ik zelf niet kon lezen, zo’n gedacht
hebben ze van mij, alsof ik minder waard zou geweest zijn. Ik ben zelf bang, angstig
voor de liefde en de chaos in mijn hoofd. Er spookt iets, het besef van 2 tegenpolen
die elkaar maar niet kruisen. Ik wil veel, maar ik denk niet dat ik het ineens bekom.

15/02/2008:
Een (on)zekere warmte in mijn hart - omvat door een externe bedroefde kilte.
Ik weet niet beter, maar ik verlangde van wel. Ik zou een vraag stellen of zo,
een deling mede. Ik ben niet niet voor geen afwijzing bang. Zij is een godin,
ik ben een overwonnen Griek. Ik heb ook behoeftens, zoals haar. Echt waar.

16/02/2008:
Ik ben niet de enige, maar toch zeker een van de weinigen. Geen bezwaren of…
Mijn hoofd van benedenonder naar bovenop geheven, alsof ik belandde in een schip.
Voor eerst ook vooreerst een sterk verlangen naar een einde, een oneindig einde,
een einde waarin ik de protagonist ben, ik word er gaandeweg afgemaakt.

17/02/2008:
Loosheden in mijn kop overtreffen wijsheden ergens in mijn lendenen ergens.
Ik heb een idee dat niet bestaat of een feit dat niet klopt in uw wereld vol politiek
correctheid. Ik wilde maar dat ik vrij kon zijn, maar terzelfdertijd heb ik nood.
Ik ben reeds ver genoeg geraakt om te blijven staan, nu enkel nog blijven zijn.

18/02/2008:
Een wereld van faaldom, waarin iedereen die wint slim genoeg is om om te keren,
terwijl de dommen verliezen van het lachen. Een vertekend wereldbeeld zoals ik.
Mijn gemoed houdt geen midden tussen blij-esque en rustig. Reeds worden
bloedvaten verwacht compleet open te springen, zowel indien ja als indien nee.

19/02/2008:
Geen traag verzet doch vertraagde zet in jullie brein als een stomerij voor hersens.
Het luchtledige in mij komt vrij nadat een fictief wit, poeder in mijn stof kwam terecht.
Een spook dat net tussen uw boezem zit en eruit komt net voor ik u naderen wil.
Dicht gesloten en onbereikbaar mooi tegen ongezien tof en onbegrepen vreugdig.

20/02/2008:
Hoegenaamd specifiek gericht op een futuristische noch wetenschaps fictieve
reis doorheen verschillende stadia van mijzelf. 4x kom ik iets tegen, 4x mezelf.
Een lange weg naar beneden, en de enige kant weg van de weg is benedenwaarts
veel afstand, weinig tijd, weinig veiligheid. Hopend op een afloop. Degelijk.

21/02/2008:
Mijn ziel gevangen in een anticomplex omringd door proconcepten en contracten.
Ik zit enerzijds gebonden aan een telefoonpaal, verbonden met onzekere lijnen,
anderzijds aan een draadloze verbinding die mij laat denken wat ik wil, hoe ik wil,
en vooral waarom ik wil. Antwoorden zijn zo te geven maar niet zo te begrijpen.

22/02/2008:
Ik ondervind meermaals op onthoud een gebrek in zo’n gesprek, waarvan ieder dacht
dat zoiets inhumaan en incorporaal zou zijn. Een onwerkelijk in de negative zin
kwam uit de kelder der angst. Een laat geluk, een bevrijdenising van een bloedbad
tot een slechte behouding naar een zweetbad, bijgevuld met tranen van afschuw.

23/02/2008:
Lachend ween ik zo mijn zorgen weg, want ik lach me zelfs levend dood.
Pijn doet er niet toe en niemand geeft om uw uiterlijk, noch uw lage status,
want iedereen is gelijk, gelijkgebalsemd, gelijkgestemd als een gitaar in drop D.
Vibratie die al even over tijd is, maar nog net zo hoog wordt geacht als altijd.

24/02/2008:
Zo klein, zo ongelooflijk jong maar toch reeds verantwoordelijk. Leven is plezier,
verlangen is een abstractie maken van uw bezit. Een materieel gebeuren hier,
mijn hart, mijn omgeving, overal behalve dichtbij. Er zijn geen pakken meer
om bij te zitten. ‘t Blijkt beter af te zijn met mij erbij, ik ben jullie stimulans.

25/02/2008:
Elke dag die er maar toegevoegd wordt aan mijn kalender der lusteloosheid,
elke dag een is een dag te bekoren, te beminnen als een voorbereide routine
zonder script noch generale repetitie. We leven een toneelstuk, en de een is
figurant, de ander is een belangrijke figurant. Ieder is een pion onder dit regime.

26/02/2008:
Behalve standvastig gevoel en ook gemengd en tesamen, er is vooral weinig.
Een implosie van ontploffingen tussen mijn epidermis en de appendixxx.
Gebroken duimen of enkels zijn geveinsd, maar een of ander hart is echt kapot,
voor mij een gok, voor u een mysterie waarvan gij niets vanaf weet n’est-c’pas?

27/02/2008:
Heimelijk stiekem kruip ik in mijn eigen huid en mijn hart kruipt in de jouwe
zolang totdat we op dezelfde golflengte zitten en zokort dat jij je bedenkt en
ik spijt heb van een eind aan dat dit onbepaald begin. Ach, ik zou amper tot
zelfs nooit kwaad kunnen zijn op u, zelfs al bestond ge uit ideaele moleculen…

28/02/2008:
Het oog krijgt wat het wil, maar wij, gehelen, willen ook wat. Een kunst op zich,
zo worden wij beschreven, of erger: een verzameling van entiteiten met hun eigen
identiteiten. Te vaak ben ik verwaarloosd, te vaak zijt gij miskend, te vaak zijn wij
misnoegd en te weinig respect gaat naar ons uit. Een schande, een schaamte!

29/02/2008: LEAP EDITION
Niets dat eruit springt, maar er bleef veel inzitten. Potentiële krachten die naar
boven zouden vallen verbergen vaak onderliggende berichten die niet betekenen.
Soortgelijk aan vermaak, vertier en die trend, kwamen treinwagons aan met genoeg
in de overtreffende trap, maar ik blijf wachten tot hij stopt aan mijn spoor.

WHAT’S THIS EMOTION? - poetae dictis

NOTA: vanaf 14/01/2008 tot 31/01/2008

----------------------------------------------------------

14/01/2008:
Dit is voor de mensen die ik graag heb, voor de mensen van toen,
voor de mensen die ik niet ken en waar geen fouten gebeuren,
door mij noch hen. Ofschoon ik bang ben of kleinzerig, scheelt niets,
vooral beangd, omdat er druk achter mij aanzit, hopend op mijn hart.

15/01/2008:
Te veel is ook maar uitbundig, en triestverwekkend, en eigenlijk jammer.
Tegenstand achterstand achterslag gene zever meer in mijn gezicht ze!
Gewoon een hel, een kleintje dan wel. Een hemel gedissocieerd,
en ik ben negatief geladen. Of in een hemel volledig omgekeerd…

16/01/2008:
Soms net genoeg, meestal evenveel, eigenlijk geraffineerd tot alles
wat voltooid is en alles wat ik ooit gevoeld heb. Een voordeel van twijfel
en nadeel door gebrek. Gebrek maakt onze gang, gebrek is een deur
die opent en zelfs toereikt wat ge soms niet nodig hebt, net nodig hebt.

17/01/2008:
Er zit een spervuur van vlammen achter mijn gat en ik loop naar achter.
In de hoop dat, op de stapel, een berg vol hoop, ik begin te twijfelen.
Routine ben ik beu, maar een nouveau species staat als een acies voor mij.
Voor hoelang nog, is dit te houden als ik labiel was, als wij er niet waren?

18/01/2008:
Vergaan door tijd en nog ietstof, gedaan met spelen, opnieuw spelen
en opnieuw beginnen, een nieuwe week in één dag, storm en geluk in 1 dag
Ik wil er zijn, daar, zonder hier of zonder u of uw of hoe dan ook
mijn armen zijn stijf, een te grote ontvangst, mijne zender is ontregeld.

19/01/2008:
Gezapig doch eenzaam, gezamelijk doch bedeesd. Een leven van duurte
weegt nergens tegen. De tegenpool van plusminus een vreselijk idee,
de antithese van een ontkenning is een geslacht. Eh, gedacht. Eh, gemacht.
Wir haben das nicht gemacht. E-ter-naal en bevrijd van welk bedrag dan ook.

20/01/2008:
En aldaar kwam een stroom van zeegebergte. Een beata magna aura.
Ik was nooit zo bevoeld geweest, ik, ik was ik een echte bevaarder der varen.
Rondom mij; gezwoel en gelach, maar bespot noch bedaard, een menselijk.
Maar mijn lach begroette veel, bleek te veel eigenlijk genoeg te zijn, zin.

21/01/2008:
Een ongeluk bij een gelukkig ziel. Een storing in een mentale correctie.
Mij scheelt het niets, het zijn les autres, unfair enfer, ik doe niets, ik denk,
en bovenal, ik ben dronken van geluk. Gedrogeerd eerder. In een roes.
Als een boog in een spuit, een pilletje zonneschijn, maar te duur en té goed.

22/01/2008:
Genen aanstoot tot geen misdrag, lame, een leemte. Een blik stroomwaarts
een breed égard jegens alles humaan en een smalle kracht tot het natuur.
Ik voel een vroeger, de gisterens en eergisterens, de negentigen anderen.
Doch ik hoop gewoon een regressie, want dat voortgaan blijkt geen optie…

23/01/2008:
Gezien ons gezicht gelijk blijft in de donkere duisternis, en omdat wij niet
verschillen in onze on gelijk matig heden vroeger. Geen grenzen noch baren
of we verlagen ze tot hartniveau. Level 1 is bijna voltooid maar den uitgang
die zit verstopt tussen de wouden van liefde en vriendschap en vooral liefde.

24/01/2008:
Mixed miserie. Equivalente ellende. Zotte zaligheid en een graaf geluk.
Vooral valse humor doch bejammerde samenverzen. En terecht, jazeker, terecht.
Ik blijf in een of andere zekere vage onbestemde en dubbelzinnige nuance en
ik kan er moeilijk uit. Amper 5 jaar geleefd, en nog slechts 2 te gaan tot ik aftel.

25/01/2008:
Wat nog maar slechts even overblijft voor een hele tijd is een belachelijk gestel
en een glimlach is nogal vermijdelijk. Verleidelijk, eh… Mijn valse papieren bewegen
voor mijn valse kop en in mijn valse handen houd ik vals genot valst. Vast, eh…
Gefractioneerde hu-mor leidt mij ten gronde, maar ik ben toch zo gelukkig.

26/01/2008:
Een gezag boven mij vertelde mij dat ik mij voltooid mocht voelen. Een gezant
onderaan, zag mij en mijn vertrek. Ik wilde een boom worden, een klein stuk
van een spriet van gras dat heendwarrelt. En weerdwarrelt. Tot in het oneindige,
maar beginnend van 56. Ik wilde een gedachte worden, die een boom vasthield.

27/01/2008:
Mannelijk. Alles is mannelijk. Vrouwen zijn mannelijk. Ik ben zelfs mannelijk.
Het rijmt en het maakt plezier. Het herhaalt en het zingt. En al een chance dat:
het bijna zomer is. Een zomer vol plezier en pintjes. Winter’s koud en oud.
Het rijmt. Het komt goed. Goed is iets dat ge voelt, een doel bestaat er niet.

28/01/2008:
Hoe ver is een ongelukkige al gekomen, wanneer hij in zijn onvermoeide raakt?
Hoe ver blaft een hond die slechts 3 poten heeft, ocharme. Hoe zeer doet het nu?
Weldadig op de rechte plaats. Veerkrachtig, een multí-platform. Steeds maar meer.
En ook verder. Ik ben niet verder waard. Ik ben evenver als jullie, doch sneller.

29/01/2008:
Melancholische gebruiken van het verleden komen wederom-om het mèn’tnâ
te bevolkeren. Als een 4de wiel aan een driewieler. Een godvergeten dankgebed.
Schaamtelijk eigenlijk, dat zoveel misgaat wanneer er ook maar één - 1 - reactie komt.
Culminatie leidt tot vermenigvuldiging, wat desondanks ons grootste doel wordt.

30/01/2008:
Ik wilde dat ik wou dat ik bijna verdrinkte of verdronk in mijn eigenste verdriet
en niet in andermans geluk. Ik ben geluk. Ik ben een adder onder het gras, bijtend.
Wentel, keer, draai, een stoot ven energieke elektrisiteit wederom en wederom
een puntig insteeksel in mijn oren zorgt voor een voldane blik en een kapotte long.

31/01/2008:
Verslagen door mijn eigen gewil. Gedragen door mijn eigen hand. Gedogen door
mijn eigenste eigen hebzucht. Ik weet ik veel te weinig om nog intelligent te zijn
maar ook te veel om niet te weten waardat ik naartoe moet. Ik zou een weg moeten
vinden en die misschien links laten liggen. Zoals alle andere wegen. Ik ben wegen.

----------------------------------------------------------

4 regels per dag. Stiekem eigenlijk te laat begonnen, maar als ik dan te laat eindig is dat allemaal goed. Het plan is dus om tot 13/01/2009 hetzelfde te blijven doen. Een soort dagboek.

24-03-2008

Een toekomst met Rakel!’, ‘s avonds & intiem!! (Vooral intiem!)

Monoloog door Karel Geuens:
Beste mensen, ik kom u eens te vertellen wat ik denk. Rakel denkt. Als individu denk ik. Ik denk voor mezelf en voor de maatschappij. Voor de samenleving, beschaving, cultuur, welzijn, samenhorigheid. En vooral voor ik.
Mensen, ik ben angstig. Leeftijden naderen waar ik ook sta, en ze naderen snel. Zoals Nerviërs tegenover Romeinen, zoals levensloop tegenover ik. Ik ben nu welgeteld 15 jaren en enkele maanden. Ik ben geboren in 1991. Beseft u dat het reeds 2006 is, op de rand van 2007. Tweeduizend en zeven. Het lijkt wel juist geleden of het was nog 2000, of zelfs 1999. Dat is angstaanjagend. Van ‘00 naar ‘10 in no time. 1991-2007, daar zit 16 jaar verschil tussen. Onze glorie, onze nederlaag. Onze elektronen, onze protonen, onze neutronen. Onze kern. Alles wat ik ben zit in mijn leeftijd. Alles wat ik representeer, komt door een getal, mijn ouderdom. En wee mij, mensen, ik ben angstig! Ik heb dingen beleefd, die niet eens belangrijk waren. Ik heb dingen beleefd, die geen dingen waren. Ik heb iets gezien, dat niets was. Ik heb alles doorstaan, om tot de conclusie te komen dat het nodig was. Het was noodzakelijk, belangrijk, cruciaal, vertederend. Het was vooral voorbij. Gedaan, zeiden ze. Gedaan, zeg ik nu. En ik kan niet zeggen dat ik er spijt van heb, want dat is niet zo. Ik heb er deugd van. Maar, mensen, relativeert eens. Zo vaak dat we afscheid moeten nemen. Ik neem afscheid van een vriend waar ik ‘s avonds mee heb gebabbeld. Over dingen, weet u wel. Ik neem afscheid, en ik zit met een gevoel dat ik niet anders met woorden of talen kan omschrijven als “hmmph…”. Een… wrang… gevoel. Ik neem afscheid, en denk “hmmph…”, terwijl ik deze persoon de volgende dag gewoon terug zie, bijvoorbeeld op school. Situaties zijn vervormers van mensdom. Serieus, mensen, omgevingen en milieus zijn wat iemand maakt tot deze. U kent vast wel een geval waarin iemand die u normaal zo tof vindt, opeens vreemd doet. Ja, vreemd noemen wij dat dan. Bij gebrek aan moed, bij gebrek aan lef. Of in de wonderlijke Engelstalige uitdrukking: ‘Lack of guts.’ De afschuw spuwt ervanaf, als dat wordt uitgedrukt. Of in het Latijnse: ‘Audax deest.’ Een eufemisme gebruiken wij dan. Vreemd… En waarom? Waarom verdient deze persoon dat? Ik zal het u zeggen. Omdat in een andere situatie, een ander geval of een andere omgeving, deze persoon wel degelijk uw hart steelt, in die zin dat deze u graag ziet, en u deze ook. Situaties, ziet u. Personen zijn slechts illusies, zoals personages in het boek uwer leven. No shit.
Zo kom ik tot de conclusie dat tijd vooruitstrekt. Aangename periodes gaan voorbij. Ze gaan gedaan zijn geweest. Ze zullen geëindigd zijn. En dat is niet jammer, want dat is de bedoeling! Dat is niet spijtig, dat gebeurt! Wat dat wel is, dat is een subject. Mensen leven te ver van zich weg, terwijl ik hier wil suggereren om dichter met uzelve te vereenzelvigen. Bekijkt uzelf. Ziet uzelf. Ruikt uzelf. Geniet uzelve. En vervaagt uzelf, uiteindelijk. Maar wacht daar nog mee, dank u! Mensen, ik ben angstig. Ik ben Rakel de Vereenzelvigende en ik ben 15 jaar en ettelijke tijd later. Ik vecht niet, ik wacht. Ik vocht, en wachtte op. Dat was vroeger. U kent het gezegde dat u misschien beter stopt met in het verleden te leven? Awel, misschien is dat ook zo. Meerderheden kunnen gelijk hebben. Maar wat ons niet tegenhoudt is om dit verleden, wat eigenlijk gewoon een vroeger heden was, te koesteren. 5 jaar geleden wisten we nog niet dat we toen niet mochten leven. Nu is dat opeens sociaal veranderd, en bent u oud als je terugdenkt aan wat toen nog vrienden waren. Dat is nu voorbij. Mensen, dat is triest, want moesten we dat verleden niet hebben, zouden we niet weten dat dat binnenkort wederom zal gebeuren. Mensen, ik ben angstig. Binnen ettelijke jaren, zal mijn nu oh zo mooie 15-jaarssuffix veranderen in wat ik noem 18 jaar. Dit, mensen, is wat ik noem, angst. De wereld der volwassenen. La monde des adultes. Der Welt von Erwachsene. Orbis terrarum hominum grandium of zo. Il mondo di uomi grandi of zo. Ik weet het allemaal niet. Het kan mij misschien ook niet zozeer schelen. Wat mij wel aangaat, is de praktijk hiervan. Mensen, angstig. Dat 1 getal als achttien zo’n verantwoordelijkheid op uw schouders -en niet alleen op uw schouders- kan leggen, is enkel bedenkbaar in onze 21ste eeuw, welke vroeger nog niet bestond, en tevens onze ondergang zou opleveren. Wel, we zullen zien. Ik heb koud, mensen.
Ik ben jong, en ik wil ervan profiteren. Ik moet ervan profiteren! Zo lijkt het, en zo is het misschien ook. Nu! Ik weet alleen niet goed wat, en hoe. En vooral wie. En waarom, maar dat ik wil ten gunste en ongunste uit mijn duim zuigen, of eventueel uit mijn mouw schudden, terwijl ik met uw voeten zit te rammelen. Nu kan ik dat nog! Uw voeten dienen in mijn opzicht om mee te rammelen! Wat anders? Mensen, binnenkort ben ik wederom ouder. Ik krijg wederom meer maturiteit. Ik krijg een meerderheid. Ik heb familie die 13 waren toen ik geboren werd, 18 waren toen ik 5 jaren werd, en nu werken terwijl ik 15 jaren ben. Deze persoon heeft zijn jeugd gehad. Mensen, deze mens heeft zijn adolescentie gedaan! Volbracht! Afgewerkt! En deze kan niet meer terug. Deze heeft zich ingezet, en dat allemaal voor evolutie. Ik heb familie die binnenkort zal rij-examen-theorie zal mogen bestuderen. Mensen, ik ben angstig. En ik blijf achter. Ik ga voort, stagnerend. Ik moet voort, ik word gedwongen verder te gaan. Op dit eigenste moment heb ik daar geen probleem mee! Nee, meneer. Maar termijn speelt een rol. Verantwoordelijkheden stapelen zich op, en ik ben slechts een weinig voorbereid. Te weinig, misschien. Wat leer ik uiteindelijk als ik het voorgeschoteld krijg? Wat begrijp ik als ik word gequoteerd? Wat zie ik als het donker is? Ik vraag u, mensen, wat voel ik nu? Mensen, ik ben angstig. Weer een nieuw jaartal in onze reeds donkere toekomst. Weer een geboorte herdacht. Weer een Messias. Weer een verloren doel. Weer een opgehoopte liefde, verloren. En ik geniet! Mensen, ik geniet! Het is niet moeilijk in te zien dat iets leuk is. Dingen zijn magisch, betoverend, vertederend. Maar het is niet bij te houden! Een berg van begeertes en afschuw verschijnt wanneer ik opsta. Consequentie is moeilijk. Ik groei op in een luxueus milieu, en misschien is het dat wat mij angstig maakt, mensen. Overbodige of onderbodige luxe stroomt me toe, terwijl ik deze misschien niet nodig heb. Nee, ik heb dat niet nodig. Maar het is zo leuk! Mijn audio-visualiteit stijgt naar normen. Ik kijk, en luister, en zie, en hoor, en ik hou ervan. Ik geef, en ik krijg. En ik ben er nog dolgelukkig bij. De crisis van de burgerij. En de toekomst. Ik zal later groeien, en ik zal uit de greep van de sociale standvastigheid verdwijnen. Ik zal zogenaamd volwassen worden. Ik zal! En ik zal ik het misschien moeilijk krijgen. Ik zal ik het misschien gemakkelijk krijgen. Ik zal ik misschien gelukkig zijn. Voor efkens, want dat mag niet altijd in Volwassenenland. Rakelland is een vrije wereld. Om eerlijk te zijn, Rakelland is niet zo ver hiervandaan. Ik hou van u, mensen, ik ben angstig. Wat ik beleef, is een gemak op zich. Ik maak me druk om zaken die voor een grote mens nog niet eens bestaan. Ik begrijp het niet. Ik snap het niet.
Ik ga moeten kiezen. Nog efkens, of misschien direct? Nu of later? Wat of wie? Waarom of hoe? Ik of mij? Nog enkele jaren zonder al te moeilijke en doordringende beslissingen en keuzes. Nog efkens zonder stress. Nog dit, zonder scheiding. Nog wat zonder voldoening. Nog even met verbonden. Oh, God, mensen, overstijgt u mij! Ik overkom, ik gebeur! Ik vermaak, ik maak, ik doe. Ik overleef, ik voel, ik onderga. Ik vergeet, mensen. Ik ben angstig. Animatie, plezier, en gezelligheid. Alles is zo perfect. Maar mensen, waar blijft de relativiteit? Mensen vergeten, verwaarlozen en loochenen zelfs. En ze weten niet waarom, ze wisten niet waarom. Ik weet niets. Wat was onze toekomst, moest ik iets langer gebleven zijn? Wat was ons verloop, moest ik iets meer gezegd hebben? Wat was er, moest men net iets meer verteld hebben? Dit, mensen, is een medaille. Eén kant toont dat deze ontmoetingen, herinneringen als het ware, deze situaties moeten behouden worden, in onze hersenen. Want elke gezond denkende mens weet dat een hart dient om bloed te pompen en zo, en niet om “plekjes voor speciale personen” of “gevoelens voor iemand” te bewaren. Da’s zever. Nu, een andere kant zegt dat we als collectief nieuwe dingen moeten aandoen. Zoals eerder gezegd, verleden is gedaan. Maar mensen, ik vind dat er meerdere verledens mogen zijn! En ik weet niet wanneer, en ik weet niet welke, maar er komen er! Déjà vu, een verschijnsel vol pracht, reeds volbracht. Ik voel wat ik reeds heb gevoeld, en dat is leuk! Want ik heb dat gevoel gemist. Het stelt u in staat uw gedachten her te beleven. En amai, verleden is mooi. Neem het in uw armen mensen, en laat het na afloop terug los. Embrace the memory, zoals ze in Verenigd Koninkrijkland wel eens zeggen. ‘t Is misschien moeilijk voor sommigen, voor mij ook, mensen, dus doe het maar rustig aan. Vlieg efkens weg, uit deze greep van emotie.
‘t Speelt een spelletje met mij, met ons, mensen. En u moet vechten! U moet als positief vechten. Stijgend, lerend, gevend. We gaan allemaal door. Ik zal 16 jaar worden. 16 jaar is een alom bekende leeftijd om “uit” te “gaan”. En ik weet zelfs niet of ik dat al kan. Mijn sociale vaardigheden zijn om niet te zeggen ver ontwikkeld -doch mogen we niet overdrijven, ik kan wel degelijk goed met mensen omgaan. Ik voel me enkel niet altijd erg gemakkelijk, omdat we in de 21ste eeuw leven. De 21ste eeuw waar de mening van elke jongere van dezelfde leeftijdscategorie blijkbaar ongeveer hetzelfde moet zijn. De eeuw waar idealen enkel nog door propaganda wordt doorgevoerd. Nu, mensen, kan men belacht worden omdat men verdomme fruit koopt in plaats van snoep of zelfs alcohol tegenwoordig. De jeugd, hè, mensen, en ik zeg dit omdat ik er deel van uitmaak en ze dus ken, de jeugd is of heeft geen mentaliteit meer. Ik denk dat denken voor uzelve al moeilijk genoeg was, nu wordt er u nog opgelegd ook wat te begrijpen en in te zien als juist. Nee, eigenlijk niet als juist. Als -en let nu goed op- “cool” en/of “geweldig”! Zoniet, bent u “schraal” en/of “ne loser”. Ik, persoonlijk, ben beide, en ik ben ook “ne rare”, maar daar heb ik geen commentaar op. Ik wed dat u dat niet zo geweten had, en ik evenmin, moest de jeugd van tegenwoordig mij dat niet verteld hebben. Ik zal ze maar dankbaar zijn, denk ik dan. Politieke correctheid is de uitdrukking die ik zocht. Ik hoop dat u hebt opgemerkt hoeveel keer ik wel geen “ik” heb gebruikt in deze tekst. Ik hoop dat u daaruit verstandige conclusies trekt zoals “Hier moet ik eigenlijk niet naar luisteren.” of “Ik ben slim genoeg om zelf te zien wat ‘t beste is.” of “Ik ga ne keer een pintje drinken.”. En ik ben trots op jullie, mensen. Ik ben trots op jullie creaturen.
Dit “uitgaan” includeert andere mensen, die ik misschien te graag zie om mee “uit” te “gaan”, of te veel minacht om mee “uit” te “gaan”. Mensen, ik ben angstig. Ik ben misschien nog niet helemaal voorbereid. Misschien is dat ook niet nodig. Situaties maken mensen. Ik ben er nog niet uit hoe alles ineen zit. Theorie, dat is een verklaring. Maar praktijk, mensen, praktijk zit ferm moeilijk ineen. Ik weet het allemaal niet, misschien moet ik maar eens zien wat anderen doen. Ik zie jullie nee schudden. Of wacht, ik schud zelf nee. Maakt niet uit, zolang u maar doorhebt wat mijn intenties zijn. Jazeker, voortgroeien. Ik kan tegenwoordig 3 keer in 5 minuten gegroeid zijn. En hard gegroeid, zeker tegenover een week geleden. Het is allemaal niet zo simpel, ‘t leven. Sommige mensen zeggen wel eens dat ‘t leven kort is, en u moet ervan genieten. Mensen, het leven is niet kort! Wat een illusies, zeg, het leven is het langste abstract begrip dat bestaat. Zo lang, je kan het je niet voorstellen! Maar ik denk dat mensen pas op hun 60ste of zo begrijpen dat ze hun leven flink verpest hebben, en ja, dan is ‘t wel nog kort. En dan komen ze ons zeggen dat het kort is. Hé, fuck it hoor, ik luister wel naar God! Wat wel wordt uitgedrukt is dat men ervan moet genieten, van het leven. Awel, meen ik hier geen contradictie te vinden met de uitdrukking in verband met ons verleden niet vast te houden! We mogen wel van ons “leven” genieten, maar van ons verleden blijven we beter af? Alles is een formule, mensen, een verband van grootheden. En dit zijn erg grote heden, mensen.
En het gaat verder. Ik zit nu in mijn jeugd. Ik ben 15 jaar, en als ik zo ne keer terugkijk wat ik al gedaan heb dat noemenswaardig is. Weet je, ik zal u zeggen wat. Niets! Nikske extreem of zo. Ik ben hier al 15 fucking jaren, en ik heb eigenlijk amper iets bereikt, behalve enkele spectaculaire ongelukken. Misschien moet ik maar eens meer een stapje buiten zetten. Misschien moet ik maar een revolteren! Misschien ga ik mij nu wel onmiddellijk zat drinken en pissen in den hof van ne wildvreemde kerel waarna ik in hun vijver spring en een of andere slapende eend onderkots. Of misschien doe ik dat morgen. Want mensen, dat is punk! Anarchie! Totale anarchie! In mijn hart, in mijn hersenen, en vooral in mijne lever! Maar daar zitten mijn principes mij in de weg. Ik had graag cool geweest, mensen, en ik waan mij ook zo. Jammer genoeg drink ik geen alcohol, en ben ik dat niet van plan te doen, en zal ik dus niet zat worden. Wat ik heel jammer vind. Maar, terugkomende op het aspect van mensen en vrienden, mijn omgeving en samenleving biedt de mogelijkheid niet mij te uiten. Stel dat ik wil pissen in iemands vreemde kapot gebroken bloembak, van wie ga ik dan steun krijgen? Nee, juist niemand. Van jullie misschien? Mensen, ik ben angstig. Ik heb nog een doel. Maar ga ik dat nog kunnen beleven? Heb ik nog plaats en tijd genoeg? 1 kant van mij zegt van wel, omdat ik denk dat ik nu pas eigenlijk met een fase van actie begin. Terwijl zegt er een andere kant dat ik al zoveel had kunnen verwezenlijken. Maar ik ben ik zwak! En iedereen weet dat dat niet goed is in deze periode. En ‘t gaat allemaal zo snel, tegenwoordig. Alles wordt vervroegd, en vervoegd. Mensen worden soms 80 jaar en al, en ik vraag mijzelf zelfs al af wat iemand in 10 jaar allemaal doet, laat staan waarmee iemand 80 levensjaren vult. Dat is werken, vragen, zoeken, denken. Daar is veel inspiratie voor nodig. Veel geduld. Veel gedachten hebben die mensen! Veel meegemaakt. Veel situaties. Veel mensen. Veel dieren. Veel getallen. En vooral veel verdriet. Mensen, ik ben angstig. Als ik weer een nieuw jaar achter mij laat, en tegelijk weer ettelijke enkelingen gedag zeg, en mij volledig blootleg, zal ik mij dan afvragen waarom? Zou dat een goed idee zijn? Zou ik van deze laatste jaardag moeten genieten, om het jaar genaamd 2006 in eer en bovengenoemde anarchie achter mij te laten? Ik zal het achter mij laten, dat is zeker. Ik laat momenteel alles achter wat ik heb. Ik moet voortgaan, verdomme! Ik kan niet anders. En uiteindelijk wil ik niet anders. Ik heb jullie graag. Ik heb andere mensen graag. En om dat staande te houden, ja, wij gaan verder.
En bij de aankomst moet opeens iedereen zich herinneren wat er gebeurd is, hoe dat gebeurd is en hoe vreselijk en afschuwelijk dat wel niet is geweest. Dat dat heeft kunnen plaatsvinden, komaan, mannekes, da’s toch geen doen niet meer, zoiets wordt dan gezegd. En waarom eigenlijk. Awel, mensen, de mensen lezen niet graag in een krant met een voorpagina waarop gedrukt staat dat HET LEVEN MOOI IS. Nee, dat is oninteressant. Dat moeten wij toch niet weten? En zodoende weten de meeste mensen dat ook niet! Beseft u de gevolgen hiervan? Wat is uiteindelijk nog tegelijk positief en “nieuws”? Niets, nee. Vreselijk. De wereld zal binnen zoveel tijd ontploffen, en er zijn vandaag zoveel mensen vermoord. Er is oorlog en wanorde in -toevalligerwijs- het Midden Oosten. Altijd die visering van zulke bepaalde regio’s, terwijl er overal oorlog en wanorde is! Maar nee, ‘t moet weer bij de moslims, God zegt dat. En dan stellen ze zich daar nog vragen bij ook? Ik heb gewoon een vraag aan u, de maatschappij, en de tijd: Waarom? Why? Warum? Pourquoi? Perché? Porque? Vorwatte? Mensen, u begrijpt dit? Ik dacht van niet. Sorry.
Wij leven hier in een wereld waarin minderheden met veel macht bewapend zijn en de grootste meerderheden die u kan bedenken leven in armoede, verdriet, en honger en dergelijke. En uiteindelijk is dat logisch, maar daarom niet correct. Politiek correct, misschien. Het draait allemaal over de capaciteit van ‘s mans wegen. Soms klaagt men wel eens over de grote verdeeldheid van naties in onze generaties. Sommigen staan voor een verdere splitsing, ofwel omdat ze zichzelf beter achten dan hun verbondene, ofwel omdat ze beter zijn. Anderen vinden dan weer dat er meer eenheid moet zijn. Een wereldheerser is een idee dat onmogelijk is, en zonder enig nut behalve dat oorlogen dan burgeroorlogen zullen zijn. Een continentale heerser is nog moeilijk. Een heerser is eigenlijk moeilijk. Lang leve bestuursverenigingen. Lang leve individuele ideeën. Misschien hebben we onderhand door dat we gewoon ne keer ons bakkes moeten houden, af en toe.
Wij gaan, tellend tot oneindigheid, en dan nog voortdenken. Het oneindige, dat is het onbereikbare, onzichtbare, onechte. Het is vooral het prefix on-. Het is veraf. Maar, mensen, onthoudt u, het komt, jazeker, het komt. We gaan wij nog verschieten, want het duurt misschien niet zo lang meer. Oneindig lang nog, en wie weet hoe lang dat nog is? Inderdaad, niemand weet dat. Omdat het oneindig is! Zulke abstractie maakt u van uw leven niet meer mee. Dat kan kort zijn of lang, veel of weinig, maar in ieder geval niet eindig, niet ophoudend. En als u het nog niet begrijpt, ga dan eens naar een heel lange straat of weg met bochten en lange rechten, en fiets daar ne keer door. Gewoon fietsen. Dat duurt erg lang, en meestal staat u op het einde van deze ‘avenue’ nog een zeer lange ‘boulevard’ te wachten! En zo kunt u blijven voortdoen, zonder ook maar effectief een einde te vinden, wordende een oneinde.
Mensen, ik ben angstig. Wat gaan we doen als er wel een einde is? Wat zal er van ons worden? Welke rampscenario’s gaan onze breinen nog terroriseren? Wat gaan we vandenavond eten? Ah nee, ik ben belachelijk bezig. Verman uzelf, Rakel! Wij zijn sterk! Wij zijn wijs -oh, oh, assonantie! Wij gebeuren, want wij zijn, en wij denken! Aaaargh! Roep ne keer, mensen! Wat is er gebeurd met redenloos eens roepen, of praten, of zingen? “We don’t give a shit about tomorrow!” zoals Ben Weasel ooit trots zong voor zijn ‘Suburbia’. We staan bij het einde van de wereld, letterlijk en figuurlijk, en wat doe ik dan? Ik maak mij nutteloos, en vooral belachelijk, en mensen, ik sta er niet bij stil! Zoveel dat ik kan doen, genieten en al. Maar dat is maar terloops. Net zoals nu. Ik zit mij uit te leven, en alleen aan mijzelf te denken. En het kan me niet veel schelen, ook niet. Dank aan jou, geweten. Ik denk aan mijn individu en houd nog steeds stand, maar op wulk een manier. Wederom een voorbijgelaten en onvolbracht doel uit zicht. Maar laten we vechten en strijden ten zijde van onze verlangens! Volg hen, oftewel uzelf, en laat u gaan aan de hemelen die onze aarde ons te bieden heeft. En vraag u niet af waarom, maar geef u over en geniet. Doe wat u ten goede komt, wat u verdient! Wij zijn geschapen naar Gods beeld, naar ‘t schijnt, maar mensen, een selecte groep van mensen rebelleert hiertegen. Waaronder de islam en zo, maar dat staat daarvan los. Stel dat u een zevende dag niets zou doen? Zou u dat fijn vinden? Voor deze selecte groep anarchisten kunnen we ze misschien bijna noemen, is dat niet het geval. Waarom zou een zondag minder moeten zijn. Op zondag moet u wel iets doen, namelijk profiteren van uw noden. Ga seks hebben met uw partner, met een vreemde, of met uzelf! Ga ne keer naar de voetbal kijken! Ga pistolets halen bij den bakker die stampvol zit! Dat, mensen, is het genie van de tijd. U had effectief kunnen rusten, maar wat had dat dan uiteindelijk bijgedragen tot uw welzijn, of zelfs dat van de samenleving? Retoriek, hè mensen! U zal voldaan ‘s middags een broodje kunnen eten, een brief schrijven naar de lach van uw beminde en/of beminnende, en efkens de wereld vergeten. Oké, dat laatste was niet echt serieus, maar de rest wel! Hoe kunnen wij ons veroorloven iets te vergeten in deze wereld, laat staan de aarde zelf? On-fckn’-mogelijk!
Een moeilijk bestaan leven wij eigenlijk, maar ik ben er alvast tevreden mee. Ik kan ook niet anders, nietwaar God? Ahzo. Godsdienst is fucked up. Mensen denken daar te veel, zodat ze uiteindelijk een oplossing misslagen en moeilijk gaan doen. Rationaliteit is sowieso niet meer ons sterkste punt, sinds de wetenschappelijke en individualistische processen voelen wij ons veel te geslaagd en te objectief waardoor we te “na” denken, en eigenlijk subjectieve dingen doen. Wat was er mis met oldschool dinosaurus-style leven? Inderdaad, daar was wel wat mis mee, dus ik ga hier niet ontkennen dat we zo regressief bezig zijn. Doch in zekere mate is er met de jaren een evolutie begonnen die we eigenlijk niet nodig hebben, maar we kunnen niet stoppen, en dat is het probleem! Mensen, ik ben angstig. Wij zijn allemaal zo slim! Hoe komt het dat we nu eindelijk toch doorhebben dat we eens eerlijk moeten gaan handelen, terwijl er in de 16de eeuw nog schaamteloos slaven werden verscheept. En dan grijpt de commercialiteit en/of machtsgebruik en/of corruptie in, en gaan we dingen doen waar niemand eigenlijk iets aan heeft. Wie heeft uiteindelijk naastenliefde nodig? Wie moet er nog kennis hebben van vriendschap uit de hersenen?
Nog zoiets! Waarom zeggen mensen altijd dat gevoelens of gevoelswaarden uit het hart komen. Mensen, het hart is een spier! Ik kan nog begrijpen dat u het hart met de abstracte begrippen ‘leven’ en ‘dood’ in verband brengt, omdat dat daar wel een grote rol in speelt, maar mensen, liefde zit in uw hoofd! Verliefdheid zit in uw brein. Geluk bevindt zich in uw hersenen! Verdriet zit in uwe kop! En als u dan verder gaat denken, dan komen we uit dat gevoelens, zowel verliefdheid en liefde, als verdriet en haat, illusies zijn, die u uzelf enkel inbeeldt. Want, eigenlijk, wat anders is het? Een tijd later, na efkens wachten, is dat terug weg. ‘t Was maar een gedacht. De uitdrukking ‘ik zie u graag’ is een mooi voorbeeld, omdat dat een link geeft naar het oog, dat registreert wat het ziet en deze signalen via zenuwen naar de hersenen doorstuurt. Deze zenuwen leiden niet naar het hart. De kern van uw levensduur zit bij uw hart, de kern van uw levensgang zit in uw brein. Koester het dus. Lees een boek, misschien zelfs op ne zondag! Schrijf een boek! Bekijk een boek! Kook eens voor een ander om uw creativiteitsgrens uit te breiden. Kijk eens een film! Luister eens! Naar om het even wat. Luister naar vogels, uw echtgenoot of echtgenote, uw kind of kleinkind, uw makelaar, de luidsprekers aan het station in uw geboortestad. Luister naar wat iets doet, of wat iemand zegt. Of, en dit vooral, want dat is niet gemakkelijk, luister naar wat iemand niet zegt, of wat niemand zegt. De stimulans hiertoe is ver te zoeken, maar een bevredigend resultaat is nochtans te garanderen. Want woorden zeggen erg veel, maar op den duur beginnen die mensen te zagen, en dan moet u gewoon luisteren naar hun pauzes, hun stiltes, en neem in u op -dat is ook belangrijk- wat hij of zij effectief zegt, spreekt, bedoelt! Wat hij wilt laten luisteren!
Wij leven allemaal in onze eigen utopie, en uiteindelijk is dat zo erg nog niet, want dat is tof! Maar er is een evenwicht tussen gevoel en verstand nodig om erdoor te komen. Nadat u uw vriend of vriendin hebt bedrogen -desnoods met uzelf-, keert u gewoon met een doodgewone liefhebbende glimlach terug. Dat hebben de mensen graag. Laten we in harmonie en nostalgie samenleven, laat ons zonder schaamte naakt op ‘t straat wandelen, gedag zeggen aan onze allerliefste 74-jarige buurvrouw, ne keer goed met onze PIEMEL zwaaien, of voor de madammen met onze TETTEN. Laat ons vredig slapen na een dag als deze, en wachten op de volgende trein naar de volgende middag waarop we weer ouder worden en de angst niet begrijpen alsof hij er niet is en zeker gisteren niet is geweest omdat we gisteren niet mogen blijven vasthouden want wij zijn de generatie van de toekomst. Ik mag dat. Maar ik wil dat niet. Of toch efkens niet. Misschien morgen, of volgend jaar. Je weet het direct, want het gaat zo snel voorbij.
Dank u om uw tijd te komen verdoen. Now go get drunk, bitch.

----------------------------------------------------------

Deze is geschreven op de valreep van 2006, zoals wel duidelijk is. Stel je voor.