Dit is het maximum reagentia
dat iemand nodig kan hebben, zonder
dat er te veel gespendeerd wordt.
Men is niet veilig meer voor
verantwoord'lijkheid, nee hoor.
Uw wereld, gesyncopeerd tot
een land vol elfjes en
nergens negens.
Geen bomen hol genoeg om
uw hart te verbergen,
want er zijn te weinig spechten
die vergeefs nog moeite willen doen.
Uitgeteld van één tot tien,
misschien gewoon om u te zien.
Want uw warmende product
is wat iedereen begeert, zonder
dat iemand ze echt nodig heeft.
----------------------------------------------------------
(03/11/2008)
Speciaal voor u geschreven. Ja, voor u.
08-11-2008
01-11-2008
WHAT'S THIS EMOTION? - poetae dictis
NOTA: Oktober, van 01/10/2008 tot 31/10/2008
----------------------------------------------------------
01/10/2008:
Ik betwijfel of er iemand een zeker zin voor goesting heeft, of een zekere
je ne sais quoi… Nee, ik weet het echt niet. Zonde na mijn val,
en ook wel zonde van de val. ’t Was niet te voorkomen, maar ach,
waarom zou iemand nog iets aandoen om iets nog iemand aan te doen?
02/10/2008:
Alsof precies of ze begrijpen niet wat er gaande gaat zijn, wat er gebeurt.
Blind voor dovemansoren en ze praten aan de muur. Alles valt op ons,
maar ons mechanisme is te zwak om terug bij te vallen. Alles valt ons op.
Misschien moeten ze eens iets anders proberen, menselijkheid bijvoorbeeld.
03/10/2008:
Dit maakt zowaar niets meer uit, iedereen, zowel meisjes als jongens,
alles is een procent kwijt. We krijgen niks, maar ze nemen van ons,
alsof wij arme rijke stakkers zijn die niets te delen hebben. Waarom?
Dat is niet te overzien, moest dit wel kunnen was ik u uiterst dankbaar.
04/10/2008:
Zou vandaag de dag de dag zijn om mijn chance uit te proberen,
of is de stemming niet perfect, of misschien ontbreekt er iemand om
van vandaag de dag, de dag te maken die het zou maken. Op een schaal
van 1 to 10 is het een 1, want alles ging goed op de verkeerde manier.
05/10/2008:
Wrange boodschappen worden zijdelings overgeleverd zonder iemand
die erom geeft, want alles dat gezegd moest worden, werd gezegd.
Tenzij, als er één enkel element uit het communicatie-schema weg was,
zou alles in het water vallen, een best lange tijd die voor niks meer diende.
06/10/2008:
Moest ge toevallig tijd hebben, en was die tijd dan ook vrij, en waart ge,
louter toevallig, een van de verschijningen die ik krijg, zowel in dromen
als wanneer ik straatstenen tel en onkruid bejegen, ik zou nog niet weten
wat te doen. De krachten heffen elkaar op, maar mijn mentaliteit is te zwak.
07/10/2008:
Tenzij het in mijn ogen een verkeerde reflectie weergeeft, heb ik alles
precies exact percies gezien. Hoe dingen voorbijgingen en hoe ik
aan dingen voorbijging, zoals het eventjes blijven stilstaan bij de dingen.
Dat wordt te doordacht beschouwd, en alles moet nog wat weken.
08/10/2008:
Alsof ze niks doorhebben, alsof het niet duidelijk is wat ze ons aandoen,
zo is de kennis een maskerade van de waarheid geworden. Alles wat ik doe,
is in functie van hen allemaal, en specifiek in functie van haar, maar
daar ga ik aan voorbij. Ik ga voorbij aan alles wat nog enige waarde heeft.
09/10/2008:
Een beetje te veel wordt het, een klein beetje maar, maar net zo veel,
dat het net zo zeer op het systeem inwerkt, net zo zeer een revolutie kan
veroorzaken. Zelfs zonder rade, van voren bedacht; ook zonder mij, geloof ik,
want ik doe niet meer mee. Ik ben bang van spelletjes die oorlogjes worden.
10/10/2008:
Niemand wist niks, en de rest wist allemaal alles, zonder iets door te zeggen.
Daar zaten ze dan, zonder iemand, met niemand, om hen heen, behalve misschien
de schijnende schimmen van hun geweten, en ze zullen het hebben geweten.
Te naïef, te zelfverzekerd, maar ook te weinig volgens de regels van het spel.
11/10/2008
Ik heb u niet nodig, ik ben perfect en gelukkig. De akkoorden en overeenkomsten
vlogen in het rond, en de eerste 7 letters van het alfabet waren niet eens
allemaal nodig. We betreden onbekende vlaktes van gelukzaligheid, testen
de glimlachspieren tot hun absolute extrema. Resultaten zijn eeuwigdurend.
12/10/2008:
Geen nood aan altruïstische noden van egoïstische menseenheden, of
waren het tientallen? Geen wens naar verder gaan, meer een vraag om
terug te trekken, met een te-rug-trek-zak. De mogelijkheid om stil te staan
is overwonnen, en de dwang is overbodig. Het is het allemaal evenwel waard.
13/10/2008:
Niet geen malchance, voor de verandering. God is spaarzaam met zijn variatio,
alsof hij de werkelijkheid –die van ons- in zijn bedwang wil houden.
Schiet niet onder mijn prijsduiven; verneder mij zo niet zonder enig publiek.
Misschien een afdinging naar een opgave die meer gesmaakt wordt.
14/10/2008:
’t Wordt een mix van meningen en hun peilingen, maar niemand wint nooit.
Geen idee wat te doen, geen impuls wat te denken, slechts 1 gedachte
stelt zich hoog boven mij op. Er bestaat nog steeds een geluk, maar het is
-om niet te zeggen ver- zeer gedistantieerd. Mijn aangrijpingspunt is te klein.
15/10/2008:
Zolang het geheel aan acties en hun reactie maar rendabel blijft, tegen
het woordige alsook ver geleden. Ik zou niets zeggen moeten kunnen,
omdat het recht niet mijns zijde, noch die van eenander van jullie verschaft is.
Het kost een eitje om zoiets te bedenken, maar het mag echter niet breken.
16/10/2008:
Een redelijk korte aanvang komt ons tegemoet, alsof het niets was, geweest,
noch zal blijven, zijn. Geen slag onder de riem, maar allen er netjes bovenop.
Loze vissers nemen al gauw ontslag. Zonder dat ik een zekere vorm herken,
of hoe dan ook in samenwerkingsverbondschapszwering geraak… Geen idee.
17/10/2008:
Het is nogal gevaarlijk, redelijk onverdraagbaar, vrij onhandelbaar, best wel
ongenadig. Mijn mouwen zijn nog steeds gebroken, uiteengerukt en
-het zij zo- in mijn eigen armen gelegen. Het is mijn taak om ze te wassen,
maar ik zie geen vlekken zonder bril, ik zie geen scheuren zonder inzicht.
18/10/2009:
Geen ideeën meer om na te denken over potentiële mentale ontspruitingen,
of fysieke uitstulpingen. Geen zekerheden over verzekeringen, want ik ben
niet meer in staat om kleine letters te lezen, en grote letters zijn nooit interessant
genoeg, jammer genoeg. Ik kom hier niet buiten zonder doel, of zonder gevolg.
19/10/2008:
Mijn spieren omringd door zijdezachte deeltjes, moleculen van liefde en lucht.
Mijn pezen zacht aangemaand tot ontspannen, tot uitrekken, tot ontspannen,
tot op het einde. Mijn grenzen zijn eindeloos, mijn eindes hebben een grens.
Zelfs de gelukkige. Zelfs degene waar ik zogezegd zou kunnen overleven.
20/10/2008:
Ach en wee, weer een dag. Alle obstakels die ik tegenkom op weg naar u, naar huis,
allemaal zitten ze, en ik zie niet meer. Mijn hobby is wenen. Mijn ogen zijn mijn club.
Niets zet aan het denken, niets wordt zomaar onderschat. De wereld gebeurt
recht voor mij voorbij. Het is nog maar de vraag of er een degelijk antwoord bestaat.
21/10/2008:
Gij moet geen hypotheses maken als gij dat niet wilt, ach gij. Gebruik van niets
te veel en verbruik met mate, alsof uw leven op een balans lag, tegenover
het mijne, en het uwe zou boven blijven hangen. Ik zou alles kunnen doen,
maar niets zou kunnen helpen. Niets meer, zo blijft mijn antwoord.
22/10/2008:
En er valt niks te veranderen, er valt niets te wijzigen. Er is geen belang aan.
Een onbemand sentiment tussen een onverzachte terugslag en
een nakende inslag. Goedkeuring van enorm hoge krachten, hoger misschien
dan een stapel hopen met verschillende bergen opeengezet. Misschien.
23/10/2008: SCIENCE EDITION
Incoherenties plakken vast als veestapels, de gelijkheid van waarde overal,
zelfs in jouw ogen, de gezindheid van enkelen onder ons, een stuk of 3,
de inimmuniteit voor formulaire inwikkelingen van schoonheden.
Ik ken enkel de praktijk, maar godzijdank dat ik dat tenminste ken.
24/10/2008:
Geen stromend water meer, geen brood en spijs meer nodig, noch gesneden
noch gebroken. Amper adem, amper vochten. Een eeuwig gering gering
in mijn oren, maar het werkt niet storend. Het inverse Nirvana voel ik.
Ik ruik niet meer goed, maar ik heb steeds maar meer en meer en meer.
25/10/2008:
Ik verdien mezelf terug, zonder iemands hulp en met eigen belang.
Vol trots en op de nodige bankjes ronddwalen in mijn geheugen,
De tijd uit het oog verliezen en toch het geluk aan mijn kant hebben.
Ik win voor ne keer, ik bloei open terwijl het midden herfstseizoen is.
26/10/2008:
Niet zeker of alles hier wel op rolletjes loopt, of ofdat er geen wieltjes meer zijn.
Onovertuigd van bepaalde doelen, verveeld door sommige passies.
Maar ach, er is slechts zoveel dat een mens kan verdragen, slechts zoveel,
en dat is best weinig, dat een mens kan weggeven zonder te nemen.
27/10/2008:
Ik denk er het mijne van, maar tegelijkertijde ook het jouwe, het zijne,
dat van jullie, het onze, het hunne. Dat meen ik ervan te peinzen.
De enige waarde nog toevoegbaar is het hare; niet slechts hetgeen denken,
maar zorgen dat wat ik denk en doe ooit wel eens parallel zal lopen.
28/10/2008:
Geen enige eer voor welke schepper dan ook, daar hij nooit alles perfect doet.
Er zijn gebreken, verspreid over hele universa, waar niemand van wist, maar nu
ieder personages in elke persoon er kritiek over heeft. Die arrogante reclame,
ik word er ziek van, en als ik nu nog niet moet kotsen, dan komt dat door te weinig.
29/10/2008:
Tijdstippen zijn terug in den goede. Leven van bloem tot bloem, dartelend
tussen steden, dorpen van vertier. Een sluitende overeenkomst door ons,
vrijvechters van de liefde. Ik heb slechts 1 doel dat niet wordt behaald, niet
op voorhand, niet tijdens de stelling en niet nadien. Volgend doel: 2 doelen.
30/10/2008:
De essentie is de smaak, het zicht van blikken op de wereld en zijn aspecten,
verder doet er weinig toe. Misschien, heel misschien de strijd tussen mijn dag
en mijn nacht, gevochten door ogen en oogleden, maar allemaal heel stiekem.
Moest iets anders van belang zijn, was ik reeds vergaan door paniek.
31/10/2008: HALLOWEEN EDITION
Ik weet echt niets meer, noch wat te denken, noch wat te drinken, en zelfs niet
wat te zeggen, en of ik wel iets zou zeggen. Ik weet niet meer te missen,
omdat ik het wil vermijden. Goed. Er mankeert niets, nee, maar er is iets
dat er nog had kunnen zijn, zoals het tegenovergestelde van overbodig.
----------------------------------------------------------
01/10/2008:
Ik betwijfel of er iemand een zeker zin voor goesting heeft, of een zekere
je ne sais quoi… Nee, ik weet het echt niet. Zonde na mijn val,
en ook wel zonde van de val. ’t Was niet te voorkomen, maar ach,
waarom zou iemand nog iets aandoen om iets nog iemand aan te doen?
02/10/2008:
Alsof precies of ze begrijpen niet wat er gaande gaat zijn, wat er gebeurt.
Blind voor dovemansoren en ze praten aan de muur. Alles valt op ons,
maar ons mechanisme is te zwak om terug bij te vallen. Alles valt ons op.
Misschien moeten ze eens iets anders proberen, menselijkheid bijvoorbeeld.
03/10/2008:
Dit maakt zowaar niets meer uit, iedereen, zowel meisjes als jongens,
alles is een procent kwijt. We krijgen niks, maar ze nemen van ons,
alsof wij arme rijke stakkers zijn die niets te delen hebben. Waarom?
Dat is niet te overzien, moest dit wel kunnen was ik u uiterst dankbaar.
04/10/2008:
Zou vandaag de dag de dag zijn om mijn chance uit te proberen,
of is de stemming niet perfect, of misschien ontbreekt er iemand om
van vandaag de dag, de dag te maken die het zou maken. Op een schaal
van 1 to 10 is het een 1, want alles ging goed op de verkeerde manier.
05/10/2008:
Wrange boodschappen worden zijdelings overgeleverd zonder iemand
die erom geeft, want alles dat gezegd moest worden, werd gezegd.
Tenzij, als er één enkel element uit het communicatie-schema weg was,
zou alles in het water vallen, een best lange tijd die voor niks meer diende.
06/10/2008:
Moest ge toevallig tijd hebben, en was die tijd dan ook vrij, en waart ge,
louter toevallig, een van de verschijningen die ik krijg, zowel in dromen
als wanneer ik straatstenen tel en onkruid bejegen, ik zou nog niet weten
wat te doen. De krachten heffen elkaar op, maar mijn mentaliteit is te zwak.
07/10/2008:
Tenzij het in mijn ogen een verkeerde reflectie weergeeft, heb ik alles
precies exact percies gezien. Hoe dingen voorbijgingen en hoe ik
aan dingen voorbijging, zoals het eventjes blijven stilstaan bij de dingen.
Dat wordt te doordacht beschouwd, en alles moet nog wat weken.
08/10/2008:
Alsof ze niks doorhebben, alsof het niet duidelijk is wat ze ons aandoen,
zo is de kennis een maskerade van de waarheid geworden. Alles wat ik doe,
is in functie van hen allemaal, en specifiek in functie van haar, maar
daar ga ik aan voorbij. Ik ga voorbij aan alles wat nog enige waarde heeft.
09/10/2008:
Een beetje te veel wordt het, een klein beetje maar, maar net zo veel,
dat het net zo zeer op het systeem inwerkt, net zo zeer een revolutie kan
veroorzaken. Zelfs zonder rade, van voren bedacht; ook zonder mij, geloof ik,
want ik doe niet meer mee. Ik ben bang van spelletjes die oorlogjes worden.
10/10/2008:
Niemand wist niks, en de rest wist allemaal alles, zonder iets door te zeggen.
Daar zaten ze dan, zonder iemand, met niemand, om hen heen, behalve misschien
de schijnende schimmen van hun geweten, en ze zullen het hebben geweten.
Te naïef, te zelfverzekerd, maar ook te weinig volgens de regels van het spel.
11/10/2008
Ik heb u niet nodig, ik ben perfect en gelukkig. De akkoorden en overeenkomsten
vlogen in het rond, en de eerste 7 letters van het alfabet waren niet eens
allemaal nodig. We betreden onbekende vlaktes van gelukzaligheid, testen
de glimlachspieren tot hun absolute extrema. Resultaten zijn eeuwigdurend.
12/10/2008:
Geen nood aan altruïstische noden van egoïstische menseenheden, of
waren het tientallen? Geen wens naar verder gaan, meer een vraag om
terug te trekken, met een te-rug-trek-zak. De mogelijkheid om stil te staan
is overwonnen, en de dwang is overbodig. Het is het allemaal evenwel waard.
13/10/2008:
Niet geen malchance, voor de verandering. God is spaarzaam met zijn variatio,
alsof hij de werkelijkheid –die van ons- in zijn bedwang wil houden.
Schiet niet onder mijn prijsduiven; verneder mij zo niet zonder enig publiek.
Misschien een afdinging naar een opgave die meer gesmaakt wordt.
14/10/2008:
’t Wordt een mix van meningen en hun peilingen, maar niemand wint nooit.
Geen idee wat te doen, geen impuls wat te denken, slechts 1 gedachte
stelt zich hoog boven mij op. Er bestaat nog steeds een geluk, maar het is
-om niet te zeggen ver- zeer gedistantieerd. Mijn aangrijpingspunt is te klein.
15/10/2008:
Zolang het geheel aan acties en hun reactie maar rendabel blijft, tegen
het woordige alsook ver geleden. Ik zou niets zeggen moeten kunnen,
omdat het recht niet mijns zijde, noch die van eenander van jullie verschaft is.
Het kost een eitje om zoiets te bedenken, maar het mag echter niet breken.
16/10/2008:
Een redelijk korte aanvang komt ons tegemoet, alsof het niets was, geweest,
noch zal blijven, zijn. Geen slag onder de riem, maar allen er netjes bovenop.
Loze vissers nemen al gauw ontslag. Zonder dat ik een zekere vorm herken,
of hoe dan ook in samenwerkingsverbondschapszwering geraak… Geen idee.
17/10/2008:
Het is nogal gevaarlijk, redelijk onverdraagbaar, vrij onhandelbaar, best wel
ongenadig. Mijn mouwen zijn nog steeds gebroken, uiteengerukt en
-het zij zo- in mijn eigen armen gelegen. Het is mijn taak om ze te wassen,
maar ik zie geen vlekken zonder bril, ik zie geen scheuren zonder inzicht.
18/10/2009:
Geen ideeën meer om na te denken over potentiële mentale ontspruitingen,
of fysieke uitstulpingen. Geen zekerheden over verzekeringen, want ik ben
niet meer in staat om kleine letters te lezen, en grote letters zijn nooit interessant
genoeg, jammer genoeg. Ik kom hier niet buiten zonder doel, of zonder gevolg.
19/10/2008:
Mijn spieren omringd door zijdezachte deeltjes, moleculen van liefde en lucht.
Mijn pezen zacht aangemaand tot ontspannen, tot uitrekken, tot ontspannen,
tot op het einde. Mijn grenzen zijn eindeloos, mijn eindes hebben een grens.
Zelfs de gelukkige. Zelfs degene waar ik zogezegd zou kunnen overleven.
20/10/2008:
Ach en wee, weer een dag. Alle obstakels die ik tegenkom op weg naar u, naar huis,
allemaal zitten ze, en ik zie niet meer. Mijn hobby is wenen. Mijn ogen zijn mijn club.
Niets zet aan het denken, niets wordt zomaar onderschat. De wereld gebeurt
recht voor mij voorbij. Het is nog maar de vraag of er een degelijk antwoord bestaat.
21/10/2008:
Gij moet geen hypotheses maken als gij dat niet wilt, ach gij. Gebruik van niets
te veel en verbruik met mate, alsof uw leven op een balans lag, tegenover
het mijne, en het uwe zou boven blijven hangen. Ik zou alles kunnen doen,
maar niets zou kunnen helpen. Niets meer, zo blijft mijn antwoord.
22/10/2008:
En er valt niks te veranderen, er valt niets te wijzigen. Er is geen belang aan.
Een onbemand sentiment tussen een onverzachte terugslag en
een nakende inslag. Goedkeuring van enorm hoge krachten, hoger misschien
dan een stapel hopen met verschillende bergen opeengezet. Misschien.
23/10/2008: SCIENCE EDITION
Incoherenties plakken vast als veestapels, de gelijkheid van waarde overal,
zelfs in jouw ogen, de gezindheid van enkelen onder ons, een stuk of 3,
de inimmuniteit voor formulaire inwikkelingen van schoonheden.
Ik ken enkel de praktijk, maar godzijdank dat ik dat tenminste ken.
24/10/2008:
Geen stromend water meer, geen brood en spijs meer nodig, noch gesneden
noch gebroken. Amper adem, amper vochten. Een eeuwig gering gering
in mijn oren, maar het werkt niet storend. Het inverse Nirvana voel ik.
Ik ruik niet meer goed, maar ik heb steeds maar meer en meer en meer.
25/10/2008:
Ik verdien mezelf terug, zonder iemands hulp en met eigen belang.
Vol trots en op de nodige bankjes ronddwalen in mijn geheugen,
De tijd uit het oog verliezen en toch het geluk aan mijn kant hebben.
Ik win voor ne keer, ik bloei open terwijl het midden herfstseizoen is.
26/10/2008:
Niet zeker of alles hier wel op rolletjes loopt, of ofdat er geen wieltjes meer zijn.
Onovertuigd van bepaalde doelen, verveeld door sommige passies.
Maar ach, er is slechts zoveel dat een mens kan verdragen, slechts zoveel,
en dat is best weinig, dat een mens kan weggeven zonder te nemen.
27/10/2008:
Ik denk er het mijne van, maar tegelijkertijde ook het jouwe, het zijne,
dat van jullie, het onze, het hunne. Dat meen ik ervan te peinzen.
De enige waarde nog toevoegbaar is het hare; niet slechts hetgeen denken,
maar zorgen dat wat ik denk en doe ooit wel eens parallel zal lopen.
28/10/2008:
Geen enige eer voor welke schepper dan ook, daar hij nooit alles perfect doet.
Er zijn gebreken, verspreid over hele universa, waar niemand van wist, maar nu
ieder personages in elke persoon er kritiek over heeft. Die arrogante reclame,
ik word er ziek van, en als ik nu nog niet moet kotsen, dan komt dat door te weinig.
29/10/2008:
Tijdstippen zijn terug in den goede. Leven van bloem tot bloem, dartelend
tussen steden, dorpen van vertier. Een sluitende overeenkomst door ons,
vrijvechters van de liefde. Ik heb slechts 1 doel dat niet wordt behaald, niet
op voorhand, niet tijdens de stelling en niet nadien. Volgend doel: 2 doelen.
30/10/2008:
De essentie is de smaak, het zicht van blikken op de wereld en zijn aspecten,
verder doet er weinig toe. Misschien, heel misschien de strijd tussen mijn dag
en mijn nacht, gevochten door ogen en oogleden, maar allemaal heel stiekem.
Moest iets anders van belang zijn, was ik reeds vergaan door paniek.
31/10/2008: HALLOWEEN EDITION
Ik weet echt niets meer, noch wat te denken, noch wat te drinken, en zelfs niet
wat te zeggen, en of ik wel iets zou zeggen. Ik weet niet meer te missen,
omdat ik het wil vermijden. Goed. Er mankeert niets, nee, maar er is iets
dat er nog had kunnen zijn, zoals het tegenovergestelde van overbodig.
01-10-2008
WHAT'S THIS EMOTION? - poetae dictis
NOTA: September, van 01/09/2008 tot 30/09/2008
----------------------------------------------------------
01/09/2008: SCHOOL EDITION
Ontdekken dat hoop niets behalve een woord is, 4 letters, 1 syllabe,
weinig tot geen betekenis meer. Het is allemaal wat vergeefs,
en toch is er van vergeving geen sprake, noch van aanvaarding.
Mijn hoop leidt bijna tot haat, 4 letters, 1 greep, geen betekenis.
02/09/2008:
Als ik kon, keek ik op naar alles wat kleiner was dan mij. En ik maakte
rechten krom, en krommen recht. Ik ging op en onder, zoals de zon,
zoals die 's zomers mijn nachtrust gunt. Ik speelde god, ik was god als ik kon.
Als ik kon, ik was een bureaulamp, of een lantaarnpaal of iets anders banaals.
03/09/2008:
Soms komen er gedachten op uit de grond, maar ze zijn ongegrond,
ze verdoezelen hetgeen wat elke dag opnieuw in de kast blijft zitten.
Het is nog steeds geen geloof, ook niet als ge denkt dat het bestaat;
en wonder bij wonder, er is nog steeds geen aanhang, noch een gevolg.
04/09/2008:
Ethiek is een kwestie van het buitenwereldse, blijkbaar. Sinds de val
van Rome, of die van Troje, zitten mensen met handen in haren,
en niemand weet wiens haardos. Een hoop op een schoonheid
die langs mij voorbij zal komen terwijl ik naar haar toe wandel.
05/09/2008:
Hey, er bestaan dingen waarvoor mensen bestaan die die zaken afzweren,
Omdat ze het beu zijn, de dingen of de mensen zelf, wat maakt het uit.
Alles komt samen in één grote anti-climax, zonde van de enige tijd.
Want als wij nog verder leefden, wat groots nut zouden wij worden?
06/09/2008:
Het milieu is gezellig warm en toedekbaar, zoals een slapende kat in de zetel.
Ik ben nogal los, gelaten en toevertrouwd aan een repetitieve vriendschap,
tot ik godzijdank verder word gedropt, in een tweezaat, in een herkenbaar
stelsel. Geen gesloten cirkel van mensen, maar een volwaardig gezin.
07/09/2008:
Meermaals gebeuren dingen zonder geldige reden, en vooral tegen geldige zin
van de betrokkene. Een of andere god leerde mij ooit om te zijn wie je bent,
wel, die god was een dommerik. Deze was een kapitein in de evidentie.
Als er nog eens iets wordt verwacht, sta ik klaar, net omdat ik ben veranderd.
08/09/2008:
Gevangen in een net van macht van buitenaf, terwijl ik buitenaf zou moeten zitten,
misschien een les, misschien een getreiter, hoe dan ook vecht ik me erdoor.
Het is leuk, om te denken hoe alles beter kan zijn, omdat verlangens vervulbaar zijn
niet zozeer snel dan wel na ettelijke tijd. Begeerten beheersen mijn dagen.
09/09/2008:
Het is een geschenk vanaf heden tot iets meer heden, de rest valt af te wachten.
Er moet iets gebeuren maar het is vrij dubieus of het wel kan,
want het denken is achterhaald en verstand is totaal uit de mode.
Maar –om het weerzinwekkendlijk af te maken-, ik zie u nog steeds, en graag.
10/09/2008:
Misschien heb ik minder nodig in de plaats van meer, en weinig dan meer.
Wat is ons leven nog waard als ge maar den helft van uzelf zijt?
Er zijn veel problemen, maar allemaal extern, oftewel ook overdreven,
en ze zijn onoplosbaar, want niemand doet nog enige moeite.
11/09/2008:
Hectische gevoelens in rustige sferen onder verschillende omstandigheden
brengen nefaste situaties voor de emotionele ziel teweeg, helaas. Helaas.
Ge kunt niks veranderen, tenzij ge er macht over hebt, en de regel is:
mensen hebben geen macht, ze hebben enkel de liefde. Of zoiets.
12/09/2008:
Van her en der een evenwichtige extase, uitgebroeid naar de zon toe,
zoals een convergente vreugdestraal vanuit mijn brein en zenuwbaan.
Tot een punt van explosie van explosies van sterren en zonnen,
en wolken en dauwdruppels die aan de wenkbrauwen blijven hangen.
13/09/2008:
Misschien bestaat er nog een hoop op een klein deeltje mensheid,
een achtste misschien, alleszins genoeg voor mij, opdat wij alles
zeggen kunnen dat onze lever niet kan dragen, en waarbij onze
prostaat niet meer kan helpen. We leggen te weinig druk, me drunkt.
14/09/2008:
Ge krijgt een wachttijd van 3 tot 4 achtsten van een seconde, en zeg dan
wat wij nodig hebben en waarom. Vertel wat je te zeggen hebt,
ik zorg voor de aanbidding, gij zorgt voor de ontvangst daarvan.
Mijn hart zit vol met lucht, en af en toe moet dat afgelaten worden.
15/09/2008:
Een onverwacht pad kruist mijn verwachtingen door steegjes en dreven,
en daarenbovendien verblijdt het mij met een enorm aantal kwaliteiten
waarvan ik nooit had geweten dat ze bestonden. Tot zover tot ze ietwat
instortten, en bijna pijn doen, omdat ge bang zijt voor een onverwacht verlies.
16/09/2008:
Zonder al te veel te doen in een roes blijven zitten, en ervoor zorgen
dat ge die niet verliest. Levensdoelen worden te hoog gesteld, me dunkt,
en ze worden te weinig bedoeld. Mijn uitvoering wordt uitgevoerd
omdat ik ertoe wordt gedwongen door mijn eigen inzicht en gelijk.
17/09/2008:
Geen roes is aan mij besteed, maar een rush, een haast sneller dan de wind,
een wind van 60 km/h. En toch lukt het om rethorische antwoorden te vinden,
belachelijke zaken te verklaren en zien verklaard worden, en toch
sta ik op punt van bijna uit mijn voegen te barsten, ik heb teveel fundamenten.
18/09/2008:
Tijd schijnt te vluchten van alles wat er achter hem wordt gelaten.
Het is een beetje duivels, het is wat gemeen. Er is geen einde aan,
noch een aanknooppunt. Het is zo abstract als de liefde, maar erger,
en net zo concreet als de aarde, maar minder erg. Tempus fugere viderit.
19/09/2008:
Noch mijn hoofd, noch mijn lichaam is zeker van zijn zaak te voeren,
althans niet op deze vermaande manier, deze weelderige wijze vanverwaandheid.
Ik val noch met mijn achterste, noch met mijn voorste in de boter,
omdat die vloot te klein is voor mijn afzetgebied in het verre weiland.
20/09/2008:
Ik ben misschien niet de slimste, of de meest intelligente, maar ik weet wel veel.
Gij zijt misschien niet de meest interessante, of de leukste, maar ik hou van u.
Wij zijn misschien niet het meest perfect, of zelfs goed, maar dat maakt niet uit.
Wij zijn niet veel, erg weinig zou ik zelfs zeggen, maar wij weten dat tenminste.
21/09/2008: AUTUMN EDITION
Seconden waren nog nooit zo doorslaggevend, niemand was ooit zo strak.
Geen getijden, weinig tijden, veel spijzen, om het met een boutade te zeggen.
Het weer is er weer, en de was was af. De hoop op een zwart gat, toenemende,
maar ach, geliefde, ik geef er zo niet om, het zal me worst wezen.
22/09/2008:
Van slechts mijn pees tot een geheel achilleslichaam gemaakt, door het
gevreesde -doch uiteindelijk geliefde- systeem. Gekneden door het
werkwezen, de manueel bestuurde opdrachtenstructuur. Gemaaid,
als het gras aan deze kant van de straat, met enkele centimeters over gelaten.
23/09/2008:
Ik hoop dat ik niet meer zoveel levens over heb na dit, want dit lijkt
ook alweer eentje te veel. Of het aan mijn index ligt, of aan hetgeen wat
ik zelf schrijf, of niet lees: er is geen kat, geen hond of kanarievogel, en
bovenal is er geen mens die daarom maalt. Weinig op een schaal van 1 tot 10.
24/09/2008:
Ik moet nog veel bekijken, er zal nog veel blijken uit mijn emoties,
of het gebrek daaraan, of het gespeel daarmee, of het getrek daarvan.
Ik ga u niets beloven, niemand, nooit en nergens. Ik denk aan een ordo,
waarbij ik verloren sta, en in mijn gedachten ben ik nog steeds de betere.
25/09/2008:
Zonder kalender zou men niet eens weten welke dag het was,
zonder horloge zou men niet eens weten hoeveel uren nog moeten zijn,
zonder straatstenen zou het maar een pure gok zijn wat een straat was,
en zonder de liefde zou de mens zichzelf niet eens meer weten zijn.
26/09/2008:
Ik zou niet weten waar te slapen, waar te rusten, of wanneer te knipperen,
moest gij niet in de buurt zijn. Mijn hoop ligt allemaal op jou,
terwijl het verhaal ironisch genoeg van mijn kant moet komen,
Ik kan enkel slapen, als dat met u in een straal van 5 meter rond mij is.
27/09/2008:
Behalve een geheel arsenaal aan kennis dat op mij wordt afgevuurd,
dringt er precies ook een gelaagde diverse stroom aan gevoel binnen.
Alsof ik niet meer precies weet waar die kennis vandaan komt,
en ik zelfs niet meer weet waartoe ook maar iets nog dient, dan te zijn.
28/09/2008:
Het is niet zozeer moeilijk om mijn gedachten weg te houden, maar
des te meer om ze bewaren. Mijn beelden zijn vertekent omdat mij potlood
te zwaar is voor mijn zwakke handen. Mijn zinnen zijn verzet omdat
mijn punctuatie niet meer optimaal is, en ik op het einde van alles terecht kom.
29/09/2008:
Ik heb de bedoeling misschien niet door, en heel misschien snap ik niets,
doch mijn ogen lichten op in een kleurrijk spectrum aan bruin en blauw
telkens ik aan eender wat denk, want het past allemaal in mijn beelden.
Moest ik nu nog zelf in dat enige plaatje passen, het was een gift.
30/09/2008:
Rondziende, meeluisterende, aandacht vestigende op het slechte,
het negatieve, het geëufemiseerde. Overzichtend op de lucht gericht,
die ondertussen niets meer of niets minder dan niets meer of niets minder
geworden was geworden. Niet meer briljant, maar gestoord en ziekelijk.
----------------------------------------------------------
01/09/2008: SCHOOL EDITION
Ontdekken dat hoop niets behalve een woord is, 4 letters, 1 syllabe,
weinig tot geen betekenis meer. Het is allemaal wat vergeefs,
en toch is er van vergeving geen sprake, noch van aanvaarding.
Mijn hoop leidt bijna tot haat, 4 letters, 1 greep, geen betekenis.
02/09/2008:
Als ik kon, keek ik op naar alles wat kleiner was dan mij. En ik maakte
rechten krom, en krommen recht. Ik ging op en onder, zoals de zon,
zoals die 's zomers mijn nachtrust gunt. Ik speelde god, ik was god als ik kon.
Als ik kon, ik was een bureaulamp, of een lantaarnpaal of iets anders banaals.
03/09/2008:
Soms komen er gedachten op uit de grond, maar ze zijn ongegrond,
ze verdoezelen hetgeen wat elke dag opnieuw in de kast blijft zitten.
Het is nog steeds geen geloof, ook niet als ge denkt dat het bestaat;
en wonder bij wonder, er is nog steeds geen aanhang, noch een gevolg.
04/09/2008:
Ethiek is een kwestie van het buitenwereldse, blijkbaar. Sinds de val
van Rome, of die van Troje, zitten mensen met handen in haren,
en niemand weet wiens haardos. Een hoop op een schoonheid
die langs mij voorbij zal komen terwijl ik naar haar toe wandel.
05/09/2008:
Hey, er bestaan dingen waarvoor mensen bestaan die die zaken afzweren,
Omdat ze het beu zijn, de dingen of de mensen zelf, wat maakt het uit.
Alles komt samen in één grote anti-climax, zonde van de enige tijd.
Want als wij nog verder leefden, wat groots nut zouden wij worden?
06/09/2008:
Het milieu is gezellig warm en toedekbaar, zoals een slapende kat in de zetel.
Ik ben nogal los, gelaten en toevertrouwd aan een repetitieve vriendschap,
tot ik godzijdank verder word gedropt, in een tweezaat, in een herkenbaar
stelsel. Geen gesloten cirkel van mensen, maar een volwaardig gezin.
07/09/2008:
Meermaals gebeuren dingen zonder geldige reden, en vooral tegen geldige zin
van de betrokkene. Een of andere god leerde mij ooit om te zijn wie je bent,
wel, die god was een dommerik. Deze was een kapitein in de evidentie.
Als er nog eens iets wordt verwacht, sta ik klaar, net omdat ik ben veranderd.
08/09/2008:
Gevangen in een net van macht van buitenaf, terwijl ik buitenaf zou moeten zitten,
misschien een les, misschien een getreiter, hoe dan ook vecht ik me erdoor.
Het is leuk, om te denken hoe alles beter kan zijn, omdat verlangens vervulbaar zijn
niet zozeer snel dan wel na ettelijke tijd. Begeerten beheersen mijn dagen.
09/09/2008:
Het is een geschenk vanaf heden tot iets meer heden, de rest valt af te wachten.
Er moet iets gebeuren maar het is vrij dubieus of het wel kan,
want het denken is achterhaald en verstand is totaal uit de mode.
Maar –om het weerzinwekkendlijk af te maken-, ik zie u nog steeds, en graag.
10/09/2008:
Misschien heb ik minder nodig in de plaats van meer, en weinig dan meer.
Wat is ons leven nog waard als ge maar den helft van uzelf zijt?
Er zijn veel problemen, maar allemaal extern, oftewel ook overdreven,
en ze zijn onoplosbaar, want niemand doet nog enige moeite.
11/09/2008:
Hectische gevoelens in rustige sferen onder verschillende omstandigheden
brengen nefaste situaties voor de emotionele ziel teweeg, helaas. Helaas.
Ge kunt niks veranderen, tenzij ge er macht over hebt, en de regel is:
mensen hebben geen macht, ze hebben enkel de liefde. Of zoiets.
12/09/2008:
Van her en der een evenwichtige extase, uitgebroeid naar de zon toe,
zoals een convergente vreugdestraal vanuit mijn brein en zenuwbaan.
Tot een punt van explosie van explosies van sterren en zonnen,
en wolken en dauwdruppels die aan de wenkbrauwen blijven hangen.
13/09/2008:
Misschien bestaat er nog een hoop op een klein deeltje mensheid,
een achtste misschien, alleszins genoeg voor mij, opdat wij alles
zeggen kunnen dat onze lever niet kan dragen, en waarbij onze
prostaat niet meer kan helpen. We leggen te weinig druk, me drunkt.
14/09/2008:
Ge krijgt een wachttijd van 3 tot 4 achtsten van een seconde, en zeg dan
wat wij nodig hebben en waarom. Vertel wat je te zeggen hebt,
ik zorg voor de aanbidding, gij zorgt voor de ontvangst daarvan.
Mijn hart zit vol met lucht, en af en toe moet dat afgelaten worden.
15/09/2008:
Een onverwacht pad kruist mijn verwachtingen door steegjes en dreven,
en daarenbovendien verblijdt het mij met een enorm aantal kwaliteiten
waarvan ik nooit had geweten dat ze bestonden. Tot zover tot ze ietwat
instortten, en bijna pijn doen, omdat ge bang zijt voor een onverwacht verlies.
16/09/2008:
Zonder al te veel te doen in een roes blijven zitten, en ervoor zorgen
dat ge die niet verliest. Levensdoelen worden te hoog gesteld, me dunkt,
en ze worden te weinig bedoeld. Mijn uitvoering wordt uitgevoerd
omdat ik ertoe wordt gedwongen door mijn eigen inzicht en gelijk.
17/09/2008:
Geen roes is aan mij besteed, maar een rush, een haast sneller dan de wind,
een wind van 60 km/h. En toch lukt het om rethorische antwoorden te vinden,
belachelijke zaken te verklaren en zien verklaard worden, en toch
sta ik op punt van bijna uit mijn voegen te barsten, ik heb teveel fundamenten.
18/09/2008:
Tijd schijnt te vluchten van alles wat er achter hem wordt gelaten.
Het is een beetje duivels, het is wat gemeen. Er is geen einde aan,
noch een aanknooppunt. Het is zo abstract als de liefde, maar erger,
en net zo concreet als de aarde, maar minder erg. Tempus fugere viderit.
19/09/2008:
Noch mijn hoofd, noch mijn lichaam is zeker van zijn zaak te voeren,
althans niet op deze vermaande manier, deze weelderige wijze vanverwaandheid.
Ik val noch met mijn achterste, noch met mijn voorste in de boter,
omdat die vloot te klein is voor mijn afzetgebied in het verre weiland.
20/09/2008:
Ik ben misschien niet de slimste, of de meest intelligente, maar ik weet wel veel.
Gij zijt misschien niet de meest interessante, of de leukste, maar ik hou van u.
Wij zijn misschien niet het meest perfect, of zelfs goed, maar dat maakt niet uit.
Wij zijn niet veel, erg weinig zou ik zelfs zeggen, maar wij weten dat tenminste.
21/09/2008: AUTUMN EDITION
Seconden waren nog nooit zo doorslaggevend, niemand was ooit zo strak.
Geen getijden, weinig tijden, veel spijzen, om het met een boutade te zeggen.
Het weer is er weer, en de was was af. De hoop op een zwart gat, toenemende,
maar ach, geliefde, ik geef er zo niet om, het zal me worst wezen.
22/09/2008:
Van slechts mijn pees tot een geheel achilleslichaam gemaakt, door het
gevreesde -doch uiteindelijk geliefde- systeem. Gekneden door het
werkwezen, de manueel bestuurde opdrachtenstructuur. Gemaaid,
als het gras aan deze kant van de straat, met enkele centimeters over gelaten.
23/09/2008:
Ik hoop dat ik niet meer zoveel levens over heb na dit, want dit lijkt
ook alweer eentje te veel. Of het aan mijn index ligt, of aan hetgeen wat
ik zelf schrijf, of niet lees: er is geen kat, geen hond of kanarievogel, en
bovenal is er geen mens die daarom maalt. Weinig op een schaal van 1 tot 10.
24/09/2008:
Ik moet nog veel bekijken, er zal nog veel blijken uit mijn emoties,
of het gebrek daaraan, of het gespeel daarmee, of het getrek daarvan.
Ik ga u niets beloven, niemand, nooit en nergens. Ik denk aan een ordo,
waarbij ik verloren sta, en in mijn gedachten ben ik nog steeds de betere.
25/09/2008:
Zonder kalender zou men niet eens weten welke dag het was,
zonder horloge zou men niet eens weten hoeveel uren nog moeten zijn,
zonder straatstenen zou het maar een pure gok zijn wat een straat was,
en zonder de liefde zou de mens zichzelf niet eens meer weten zijn.
26/09/2008:
Ik zou niet weten waar te slapen, waar te rusten, of wanneer te knipperen,
moest gij niet in de buurt zijn. Mijn hoop ligt allemaal op jou,
terwijl het verhaal ironisch genoeg van mijn kant moet komen,
Ik kan enkel slapen, als dat met u in een straal van 5 meter rond mij is.
27/09/2008:
Behalve een geheel arsenaal aan kennis dat op mij wordt afgevuurd,
dringt er precies ook een gelaagde diverse stroom aan gevoel binnen.
Alsof ik niet meer precies weet waar die kennis vandaan komt,
en ik zelfs niet meer weet waartoe ook maar iets nog dient, dan te zijn.
28/09/2008:
Het is niet zozeer moeilijk om mijn gedachten weg te houden, maar
des te meer om ze bewaren. Mijn beelden zijn vertekent omdat mij potlood
te zwaar is voor mijn zwakke handen. Mijn zinnen zijn verzet omdat
mijn punctuatie niet meer optimaal is, en ik op het einde van alles terecht kom.
29/09/2008:
Ik heb de bedoeling misschien niet door, en heel misschien snap ik niets,
doch mijn ogen lichten op in een kleurrijk spectrum aan bruin en blauw
telkens ik aan eender wat denk, want het past allemaal in mijn beelden.
Moest ik nu nog zelf in dat enige plaatje passen, het was een gift.
30/09/2008:
Rondziende, meeluisterende, aandacht vestigende op het slechte,
het negatieve, het geëufemiseerde. Overzichtend op de lucht gericht,
die ondertussen niets meer of niets minder dan niets meer of niets minder
geworden was geworden. Niet meer briljant, maar gestoord en ziekelijk.
08-09-2008
Een te tedere aggregatie
De informatie van de erosies
En wanneer men haar zag,
zag ze er zo blauw uit als,
als het deel rondom de maan,
maar het was moeilijk haar te zien,
ze ging niet te snel, niet te traag,
ze koos echter zelf haar richting
-die ze nu steevast bepaald heeft-
en kiest zelf haar uitdijingen,
welke vaak misleidend blijken,
alsof ze hangt boven waar
alles golft onder.
Niet haar kracht, eerder haar uitstraling
moet besproken worden door ieder,
bewonderd worden door alle geliefden
en besprenkeld worden met regen,
welke door de zonnestralen breken
et ergo gedeeltelijk verdwijnen,
als sneeuw voor de zon, of als neerslag,
met doel op insensitieven voor neerslacht. (16/06/2008)
De ramificatie van de wateren
Zij was eens, de personificatie van het water
of de allegorie van een beginstroom, aan de oever.
Ellebogen waren haar wapen, vanaf de bron
tot de monding, zij maakte ellenlange bogen.
Zij maakte slechts bijna bochten, want dat
vond zij overbodig, zij kabbelde een liever.
De personificatie van het water, noch ludicus
noch liquidus, zij voerde allerminst vaart.
De allegorie haarzelve, in al haar schoonheid
en haar symboliek, verwees naar haar stroom.
“Als een preveling langs kleine keitjes en ruige rotsige
formaties, ofte als een grasoppervlak bij een kracht,
één der winden gelijk aan haar eigenste weerstand.”
De stroom vloeide standig en ook vast, dat hoort
en het past, geen enkel schade nog maar berokkende.
Zij liefkoosde haar bodem, die niet heel diep
of niet erg egaal was, door haar te strelen. (16/06/2008)
De stagnatie van de gronden
Hij stond er, de identificatie van den bodem
of de nagelatene van een water, overstroomd.
Bevalligheid of elegantie of schoonte, een virtuele
virtus der gronden, gedwong hem neerwaarts.
Al neerwaarts, de identificatie van den bodem
bleef schokkend, kende hij slecht één toevoeging.
Hij greep deze kans, gezien de rondom zijnde
toestandigheden, met zijn volledig bevlekt geloof.
Hij zou nog wijken noch sterven en, moest het
evenwel mogelijk zijn, een weg naar voren kiezen.
“Zo blijvend bespaard van onbenullen aan de randen,
geboren als een rood-witte leiddraad doorheen genen
behalve in beschouwing van zijn overste bovenste.”
Den bodem is aanhankelijk of afhankelijk, daar
de identificatie gesleten wordt, van zijn beleger.
Hij genoot van het plezier, volledig een terechte
of een collectieve stelling, voor zijn eigen aarden. (16/06/2008)
De inflatie van de limieten
Ze begonnen ermee, de realisaties van de grenzen
of de toevertrouwden van den bodem, voor geluk.
Bergen en grotere heuvels en klippen, voor al wie
van gestalte gediminueerd was, hielpen de perken.
Ze zagen geen nuttigheden, niet in de kristallen
of in de waterstofionen, met behulp van breedte.
Een ondermaatse kinetische vorm, met graagte
gezien meer dan anders, ze laten slechts niets door.
Ze gaan steeds verder, de realisaties van de grenzen
van des bodems des waters stroom, in den hoogte.
“Alles zal van ons uit gebeuren, maar nu werkt men
met name vooral tegen ons van binnenuit, en dan toch
wij horen dat wij brodig en noodzakelijk wezende.”
Ze begonnen een versterking, kleine twijgjes of
laurierbladeren of gesteente, tegenover elkaar.
Gedaan was het gevrees, verzameld door natuur
en ontzadigd uit zichzelf, zo werd ze verbreed. (16/06/2008)
De articulatie van de begrasden
Hij bleef zo staan, de alienatie van de velden
of de eenzaamheid van het grenzen, bij hen zelf.
Hij strekte en rekte, ofschoon er plaatsgebrek
dan niet plaatstekort was, zich uit over al.
Het meeste week, en terwijl hij ging en gaande
was over stompe hoeken, maar soms nam het.
Alsof hij moest verdringen, en zoals een veld
dat beamen zal, wat vuil en verward zou worden.
En leven gevend aan zij die willen, met inbegrip
van zij die misschien zouden willen, om eigen dunk.
“Wat blijft er zo niet van mijzelf over, moest ik niets,
kon ik niets zeggen over hun massa heen? Ik blijf liggen
ook al is het laat, ook al wordt er gegeten, gedronken.”
Een slag rechtswaarts, één die alles probeerde
te raken en beslagen, om voor variatie te zorgen.
Met gedachtenis en in vol ornaat, want alles
is hen als god, tonen zij de reflectie bij nacht. (23/06/2008)
De subgratie van de hemelen
Ze werd opgestegen, de incarnatie van het gesternte
of de aandachtsgift van de velden, als materie.
Een zekere zwaarte oefende, als het niet meer
of misschien ook niet minder was, een kracht uit.
Ze wist alles te zien, en ook al was er zelfs niets
niet in de buurt vindbaarder, te overblijkende.
En of ook enigszins een bepaling, alsof deze over
alles heen kroop en kruipt, zich terecht berecht.
Ze begeven zich ten lichte van hen, die evenzeer
een genitiefbepaling zijn, een schoonheid versterkt.
“Dit is een origineel script, een euclidisch gegeven,
dat in onzer handen verbergt zich, dat ons ter liefde
dient, en ter aarde reikt, zonder enige fysieke actie.”
Een nakomende versie van, wat wij eens noemden
het gefonkel van een hemel, het gelaat van goden.
Een ogenschijnlijk verschil tussen dit, waarom
blijkt wel, en het oneindige einde van haar rijk. (17/06/2008)
De latentie van de almachtigen
Zij zal zijn, de introductie van de algemachtigde
of de rafinatie van het bovenste gen, bij de atoom.
Zij zal moleculaire schenken, hetzij een geschenk
hetzij een inhoudsloos verdrag, als overlapping.
Alles kan zij tot creatie maken, want moest zij
niet capabel en rendabel zijn, voor als haar werk.
Het is totaal in haar geheel, zonder ook maar één
ontbrekend middel tot vrijheid, vervaardigd.
Niets blijft over van het overige of, ofschoon
overbodig misschien, vroeger gepolijst werk.
“Leven wordt mij met veel graagte liefgehad, maar
wat ben ik doch tot nut als het gediminueerd wordt,
ik beleef, gedragen door niets dan mijn stelsel.”
Gelukzalig en ook welvarend, in de hoop dat
dit zo kan blijven, zij strijdt verder ten gunste.
Zij verhoogt niets, zij is namelijk zelf in vol
ornaat een hoogte, zij blijft een overheid. (17/06/2008)
----------------------------------------------------------
'k Denk dat het best saai is om te lezen, maar om het te schrijven was wel heel cool! Ge kunt eigenlijk voort blijven doen, tot in het oneindige, maar daar heb ik geen goesting in, oké?
En wanneer men haar zag,
zag ze er zo blauw uit als,
als het deel rondom de maan,
maar het was moeilijk haar te zien,
ze ging niet te snel, niet te traag,
ze koos echter zelf haar richting
-die ze nu steevast bepaald heeft-
en kiest zelf haar uitdijingen,
welke vaak misleidend blijken,
alsof ze hangt boven waar
alles golft onder.
Niet haar kracht, eerder haar uitstraling
moet besproken worden door ieder,
bewonderd worden door alle geliefden
en besprenkeld worden met regen,
welke door de zonnestralen breken
et ergo gedeeltelijk verdwijnen,
als sneeuw voor de zon, of als neerslag,
met doel op insensitieven voor neerslacht. (16/06/2008)
De ramificatie van de wateren
Zij was eens, de personificatie van het water
of de allegorie van een beginstroom, aan de oever.
Ellebogen waren haar wapen, vanaf de bron
tot de monding, zij maakte ellenlange bogen.
Zij maakte slechts bijna bochten, want dat
vond zij overbodig, zij kabbelde een liever.
De personificatie van het water, noch ludicus
noch liquidus, zij voerde allerminst vaart.
De allegorie haarzelve, in al haar schoonheid
en haar symboliek, verwees naar haar stroom.
“Als een preveling langs kleine keitjes en ruige rotsige
formaties, ofte als een grasoppervlak bij een kracht,
één der winden gelijk aan haar eigenste weerstand.”
De stroom vloeide standig en ook vast, dat hoort
en het past, geen enkel schade nog maar berokkende.
Zij liefkoosde haar bodem, die niet heel diep
of niet erg egaal was, door haar te strelen. (16/06/2008)
De stagnatie van de gronden
Hij stond er, de identificatie van den bodem
of de nagelatene van een water, overstroomd.
Bevalligheid of elegantie of schoonte, een virtuele
virtus der gronden, gedwong hem neerwaarts.
Al neerwaarts, de identificatie van den bodem
bleef schokkend, kende hij slecht één toevoeging.
Hij greep deze kans, gezien de rondom zijnde
toestandigheden, met zijn volledig bevlekt geloof.
Hij zou nog wijken noch sterven en, moest het
evenwel mogelijk zijn, een weg naar voren kiezen.
“Zo blijvend bespaard van onbenullen aan de randen,
geboren als een rood-witte leiddraad doorheen genen
behalve in beschouwing van zijn overste bovenste.”
Den bodem is aanhankelijk of afhankelijk, daar
de identificatie gesleten wordt, van zijn beleger.
Hij genoot van het plezier, volledig een terechte
of een collectieve stelling, voor zijn eigen aarden. (16/06/2008)
De inflatie van de limieten
Ze begonnen ermee, de realisaties van de grenzen
of de toevertrouwden van den bodem, voor geluk.
Bergen en grotere heuvels en klippen, voor al wie
van gestalte gediminueerd was, hielpen de perken.
Ze zagen geen nuttigheden, niet in de kristallen
of in de waterstofionen, met behulp van breedte.
Een ondermaatse kinetische vorm, met graagte
gezien meer dan anders, ze laten slechts niets door.
Ze gaan steeds verder, de realisaties van de grenzen
van des bodems des waters stroom, in den hoogte.
“Alles zal van ons uit gebeuren, maar nu werkt men
met name vooral tegen ons van binnenuit, en dan toch
wij horen dat wij brodig en noodzakelijk wezende.”
Ze begonnen een versterking, kleine twijgjes of
laurierbladeren of gesteente, tegenover elkaar.
Gedaan was het gevrees, verzameld door natuur
en ontzadigd uit zichzelf, zo werd ze verbreed. (16/06/2008)
De articulatie van de begrasden
Hij bleef zo staan, de alienatie van de velden
of de eenzaamheid van het grenzen, bij hen zelf.
Hij strekte en rekte, ofschoon er plaatsgebrek
dan niet plaatstekort was, zich uit over al.
Het meeste week, en terwijl hij ging en gaande
was over stompe hoeken, maar soms nam het.
Alsof hij moest verdringen, en zoals een veld
dat beamen zal, wat vuil en verward zou worden.
En leven gevend aan zij die willen, met inbegrip
van zij die misschien zouden willen, om eigen dunk.
“Wat blijft er zo niet van mijzelf over, moest ik niets,
kon ik niets zeggen over hun massa heen? Ik blijf liggen
ook al is het laat, ook al wordt er gegeten, gedronken.”
Een slag rechtswaarts, één die alles probeerde
te raken en beslagen, om voor variatie te zorgen.
Met gedachtenis en in vol ornaat, want alles
is hen als god, tonen zij de reflectie bij nacht. (23/06/2008)
De subgratie van de hemelen
Ze werd opgestegen, de incarnatie van het gesternte
of de aandachtsgift van de velden, als materie.
Een zekere zwaarte oefende, als het niet meer
of misschien ook niet minder was, een kracht uit.
Ze wist alles te zien, en ook al was er zelfs niets
niet in de buurt vindbaarder, te overblijkende.
En of ook enigszins een bepaling, alsof deze over
alles heen kroop en kruipt, zich terecht berecht.
Ze begeven zich ten lichte van hen, die evenzeer
een genitiefbepaling zijn, een schoonheid versterkt.
“Dit is een origineel script, een euclidisch gegeven,
dat in onzer handen verbergt zich, dat ons ter liefde
dient, en ter aarde reikt, zonder enige fysieke actie.”
Een nakomende versie van, wat wij eens noemden
het gefonkel van een hemel, het gelaat van goden.
Een ogenschijnlijk verschil tussen dit, waarom
blijkt wel, en het oneindige einde van haar rijk. (17/06/2008)
De latentie van de almachtigen
Zij zal zijn, de introductie van de algemachtigde
of de rafinatie van het bovenste gen, bij de atoom.
Zij zal moleculaire schenken, hetzij een geschenk
hetzij een inhoudsloos verdrag, als overlapping.
Alles kan zij tot creatie maken, want moest zij
niet capabel en rendabel zijn, voor als haar werk.
Het is totaal in haar geheel, zonder ook maar één
ontbrekend middel tot vrijheid, vervaardigd.
Niets blijft over van het overige of, ofschoon
overbodig misschien, vroeger gepolijst werk.
“Leven wordt mij met veel graagte liefgehad, maar
wat ben ik doch tot nut als het gediminueerd wordt,
ik beleef, gedragen door niets dan mijn stelsel.”
Gelukzalig en ook welvarend, in de hoop dat
dit zo kan blijven, zij strijdt verder ten gunste.
Zij verhoogt niets, zij is namelijk zelf in vol
ornaat een hoogte, zij blijft een overheid. (17/06/2008)
----------------------------------------------------------
'k Denk dat het best saai is om te lezen, maar om het te schrijven was wel heel cool! Ge kunt eigenlijk voort blijven doen, tot in het oneindige, maar daar heb ik geen goesting in, oké?
03-09-2008
WHAT'S THIS EMOTION? - poetae dictis
NOTA: Augustus, van 01/08/2008 tot 31/08/2008
----------------------------------------------------------
01/08/2008:
Het schijnt dat niets nog eindigt, en dat reïncarnatie gewoon het leven zelf is.
Vol herhalingen, met een lichte variatio, vol met staccato's die hoe dan ook
je de grond in boren. Het origineel is te ver afgelegen van hetgeen nu is,
en we zijn het in eerste instantie toch quasi vergeten, zelfs vergeven.
02/08/2008:
Net wanneer je denkt dat het meeste van alles wat op het spel staat, ervanaf
gespeeld zal worden, net dan wordt uw gezichtsvermogen tijdelijk verruimd.
Sommige mensen zijn ook personen, anderen zijn slechts massaal en massief.
Ongebruikelijk in het bijzijn, verantwoord in het gedrag voor zichzelf.
03/08/2008:
Soms zijn er dingen die niet goed werken, zoals auto's zonder benzine
of de spijsvertering van mijn hart, omdat ze een stof te kort komen.
Het is een jammerlijke zaak van allertwegen, vooral mijnentwegen,
maar bij elke oplossing past een probleem dat niet goed kan werken.
04/08/2008:
Wij leven wij van nacht tot nacht, en liefst zonder dag, want slapen
dat is niet onze tas thee, nog onze interesse overdag of 's nachts.
Een dilemma in de luxe, eenheidsproblemen die samentellen en zo
doen ze alsof ze iets waard zijn. Maar veel keren niets blijft niets.
05/08/2008:
Even denk ik dat alles goedloopt, en even later ben ik er zeker van, want:
maakt het uiteindelijk enkele greintjes uit als ik dit anders ineen steek?
Is het een misdrijf om weg te dromen en ver weg te gaan met gedachten?
Is liefde een misdaad? Want dan geef ik mezelf liever aan voor psychopaat.
06/08/2008:
Iedereen durft wel eens zeggen dat men van alles houdt, en van iedereen
(al is laatstgenoemde minder frequent gebruikt), en dan menen ze het
voor hoogstens enkele seconden, totdat hun aandacht verspeeld wordt.
Het is een hoog goed om slechts laag te blijven, voor iedereen en alles.
07/08/2008:
Een beetje verliefd, een beetje verstrooid, een beetje verward en een beetje
van rechts naar links tot in de goot overhoop gegooid door mezelf.
Of het initieel mijn intentie was om intensief iets insensitief te doen,
laat ik maar in het midden, tussen links en rechts, en een beetje verder.
08/08/2008: 8TH EDITION
Een hoop opgestapeld, een hoop zaken en affaires die vallen te bezien,
die ik nog moet verkleinen tot een hoopje dat mij gerust laat, hopelijk.
Als naar een 3de hemel maar zonder ook maar een beetje dood te zijn,
integendeel. Ik ga voort, zonder mijn rem in te duwen. Maar niet te hard.
09/08/2008:
Ik begeef me in een zwart gat van tijden en momenten, mensen en
persoonlijkheden die bloeien als bloemen in de nacht. Voorzichtig.
Alles ziet er enorm vreemd uit, alsof het gestolen is uit een ander leven,
alsof iemand iets gehaald had van een ander en er zelf mee werd gemaakt.
10/08/2008:
Gelukkig in één tiende ornaat, mijn volledige versiering blijft achterwege.
Ik ben als een strohalm, zou je kunnen zeggen, of iets anders klein
en onbelangrijks, maar ik help mee, zou je kunnen zeggen, met het binden.
Een strohalm die af en toe gek doet, die af en toe stil en rustig blijft.
11/08/2008:
Een fijn gedacht, om wakker te worden en de dag te beginnen, ook al
en zelfs zelfs al is het vroeg en is niemand ter wereld goed wakker.
Niemand is nooit goed wakker, we slapen allemaal nog een klein beetje
maar de dag geeft ons toch een beetje kracht om te schijnen naar iedereen.
12/08/2008:
Ik overdenk niets meer, het is afgeleerd vanaf dat ik ergens tegenover sta.
We zijn omringd door een gigantisch landschap, onderverdeeld in miniscule
landjes, gecategoriseerd in schapjes van 1 op 2 centimetertjes. En we zijn blij.
Geen lenzen nodig, geen brillen voorzien, maar ik kan zover kijken als ik wil.
13/08/2008:
Grappig hoe alles zo voortgaat, zonder dat je iets tegen kan houden,
want als je dat probeert, verlies je alleen maar. Gek hoe men niets doorheeft.
Jammer hoe men nooit tijdmaakt voor de juiste dingen, hoe men tijd opvult
met de minder belangrijke zaken, met inspanningen ten gunste van zichzelf.
14/08/2008:
Een welgemeende feestuitroep voor de levens van vele mensen,
het is een verrassing dat zoveel persoonlijkheden positief blijven zijn.
Ik heb geen idee waar ik sta, en ik betwijfel of ik geïnteresseerd ben,
maar ik denk een klein deel te zijn van iets enorm en onzichtbaar.
15/08/2008: MOTHER EDITION
Als je nagaat, hoeveel mensen nog aan elkaar denken, en dan eens
het aantal personages die simultaan aan zichzelf denken bekijkt, ik vrees
dat er nooit op aarde genoeg wiskunde tekens zullen bestaan om
dat verschil uit te schrijven, want het is meer dan gigantisch.
16/08/2008:
Een voorbarig gevoel van beschrijflijke noch voorspelbare nostalgie,
het begeren naar een vorig tijdperk als het ware, waarin alles nog
gewoon was, zorgeloos want dat is het mooiste goed mijns inziens.
Misschien moet ik vervanging zoeken, voor alles wat weggaat.
17/08/2008:
Alles wat ooit goed was werd nu in één zweterige plaats gestoken,
een creatieve maar eerder gedissecteerde sfeer voor vele van ons.
Stel je voor wat voor onheil er te wachten staat, zelfs na dit, na
een deel van mijn leven weggeven te hebben, aan een land, aan een mens.
18/08/2008:
Alle troeven verspeeld, zonder enig idee van de juistheid van mijn handeling.
Als ik gods hulp inroep, zou hij dan een middel tegen emotie geven,
een apathie-apotheek misschien. Het is moeilijk om om te gaan, maar,
stel je voor, het is zelf nog moeilijker om niet om te gaan, niet te begaan.
19/08/2008:
Ik lig helemaal overhoop met vuil dat wordt gewassen -momenteel-
en onder het gewicht van 11 jaren liefde en iets of wat vriendschap,
gebogen door alles wat ooit is gebeurd in mijn bijzijn, verborgen ergens
in een struik of gebladerte, omdat angst de grootste kwetsbaarheid is.
20/08/2008:
Dit betekent niets, want ik heb er geen baat bij, behalve een hoofdzonde.
Ik ben niets vooruit gekomen, niks is er gebeurd dat mij hielp, tenzij
het abnormale. En dan nog van geluk spreken dat ik van geluk mag spreken,
zoniet had alles tegengezeten, in afwachting tot de verdwijning.
21/08/2008:
Stel dat de wereld een spijsvertering is, en heel het uiterste is wat ons verteert,
zouden wij dan naarmate we verouderen, onze stoffen afgeven
aan de aarde, opdat zij beter kan leven, en wij slechter, wij de componenten.
Wie weet wat wij toedoen, of tegoeddoen, of welke bergen wij verzetten.
22/08/2008:
Ik ben een gemiddeld minimum in een zee van extreme maxima, alsof
ik mezelf niet herken, niet meteen alleszins, want ik ben vermomd.
Maar ik draag geen masker, geen bepaalde stijl die mij werd voorgedaan
misschien wil ik wel weg, ik wil slapen, en warmte, bij mezelf.
23/08/2008:
Als ze zeggen dat ze één geworden zijn met iets, hetzij de natuur,
hetzij een partner, hetzij het eten dat reeds bereid is door topchefs,
moet ge zorgen dat gij zelf niet één wordt, maar apart -als twee- blijft.
Want als één zijn vergt het hoogste goed in de rij der deugden.
24/08/2008:
Er is geen sprake van beenderen die gebroken worden, enkel door
de frequentie en de decibels. Ik ben een muur van contrasten, en ik houd
de verkeerde gedachten tegen, waarna ze voor lang tegen mij
blijven plakken. Alles verdwijnt even. Alles behalve 1 situatie.
25/08/2008:
Mijn leven is een open veld van nostalgie en verborgen melancholie,
waarin gelukkig struiken groeien, zo groot als grote struiken worden,
die mijn pathos in de positieve zin naar de bovenhand helpen grijpen.
Ik ben een veld waarin onkruid slechts traag wordt gewied, maar effectief.
26/08/2008: BIRTHDAY EDITION
Perpetueel geluk voor pakweg 15 uur en een half, tot zover mijn
uren van aandacht, affectie, actie en een beetje alternatie, god dank.
Horatius zei ooit eens dat men de dag moest plukken, ik geloofde het niet:
een dag moet met rust gelaten worden, opdat ge ervan kunt genieten.
27/08/2008:
Het gebeurde en het lag buiten mij bereik, alsof mijn Latijn op was
en mijn Nederlands het moest overnemen. Het lukte met glans,
maar niets bleef zo blinken. Als je wilt verven, beken dan ook kleur.
Zorg voor alles en iedereen, maar vergeet uzelf niet, alsjeblieft.
28/08/2008:
Ongehoord en nooit verstaan, zo stil was mijn afwezigheid van motie.
Niemand luistert naar wat je doet, doch daarmee breekt en vervoegt
men de harten van hen. Openstaan voor redevoeringen, een eerste stap.
de volgende: rede voeren, slapen, vrede voeren en laten gebeuren.
29/08/2008:
Ik ben hier niet graag, maar ik weet nergens anders te belanden.
Ik ben mijn verdrijf kwijt, maar mijn tijd heb ik nog, en een lege variabele.
Een zonde van het leven, zonder van het leven beter te weten, allicht.
Tijden hebben geleden en uren zijn vergaan, en toch, ik ben hier nog.
30/08/2008:
Te weinig druk op te veel dagen, nachten, het weegt ogenschijnlijk, ook al
lijkt het gebrek een deugd, en zelfs al lijkt de afwezigheid aanwezig.
De weg is weg. Er is geen route meer die naar huis leidt, alles gaat verder.
Geen ontkomen, het gangpad richting dageraad komt steeds dichter.
31/08/2008:
Ik geef er om, jammer genoeg, dat van mij veel ontnomen wordt door mij,
omdat ik geen idee‘n heb die worden uitgewerkt, geen plannen
die worden uitgetekend, geen kinderen die worden uitgebroed, of zoiets.
Mijn vrijheid overmant mijn bestaansdom, jammer genoeg, en ik geef er om.
----------------------------------------------------------
01/08/2008:
Het schijnt dat niets nog eindigt, en dat reïncarnatie gewoon het leven zelf is.
Vol herhalingen, met een lichte variatio, vol met staccato's die hoe dan ook
je de grond in boren. Het origineel is te ver afgelegen van hetgeen nu is,
en we zijn het in eerste instantie toch quasi vergeten, zelfs vergeven.
02/08/2008:
Net wanneer je denkt dat het meeste van alles wat op het spel staat, ervanaf
gespeeld zal worden, net dan wordt uw gezichtsvermogen tijdelijk verruimd.
Sommige mensen zijn ook personen, anderen zijn slechts massaal en massief.
Ongebruikelijk in het bijzijn, verantwoord in het gedrag voor zichzelf.
03/08/2008:
Soms zijn er dingen die niet goed werken, zoals auto's zonder benzine
of de spijsvertering van mijn hart, omdat ze een stof te kort komen.
Het is een jammerlijke zaak van allertwegen, vooral mijnentwegen,
maar bij elke oplossing past een probleem dat niet goed kan werken.
04/08/2008:
Wij leven wij van nacht tot nacht, en liefst zonder dag, want slapen
dat is niet onze tas thee, nog onze interesse overdag of 's nachts.
Een dilemma in de luxe, eenheidsproblemen die samentellen en zo
doen ze alsof ze iets waard zijn. Maar veel keren niets blijft niets.
05/08/2008:
Even denk ik dat alles goedloopt, en even later ben ik er zeker van, want:
maakt het uiteindelijk enkele greintjes uit als ik dit anders ineen steek?
Is het een misdrijf om weg te dromen en ver weg te gaan met gedachten?
Is liefde een misdaad? Want dan geef ik mezelf liever aan voor psychopaat.
06/08/2008:
Iedereen durft wel eens zeggen dat men van alles houdt, en van iedereen
(al is laatstgenoemde minder frequent gebruikt), en dan menen ze het
voor hoogstens enkele seconden, totdat hun aandacht verspeeld wordt.
Het is een hoog goed om slechts laag te blijven, voor iedereen en alles.
07/08/2008:
Een beetje verliefd, een beetje verstrooid, een beetje verward en een beetje
van rechts naar links tot in de goot overhoop gegooid door mezelf.
Of het initieel mijn intentie was om intensief iets insensitief te doen,
laat ik maar in het midden, tussen links en rechts, en een beetje verder.
08/08/2008: 8TH EDITION
Een hoop opgestapeld, een hoop zaken en affaires die vallen te bezien,
die ik nog moet verkleinen tot een hoopje dat mij gerust laat, hopelijk.
Als naar een 3de hemel maar zonder ook maar een beetje dood te zijn,
integendeel. Ik ga voort, zonder mijn rem in te duwen. Maar niet te hard.
09/08/2008:
Ik begeef me in een zwart gat van tijden en momenten, mensen en
persoonlijkheden die bloeien als bloemen in de nacht. Voorzichtig.
Alles ziet er enorm vreemd uit, alsof het gestolen is uit een ander leven,
alsof iemand iets gehaald had van een ander en er zelf mee werd gemaakt.
10/08/2008:
Gelukkig in één tiende ornaat, mijn volledige versiering blijft achterwege.
Ik ben als een strohalm, zou je kunnen zeggen, of iets anders klein
en onbelangrijks, maar ik help mee, zou je kunnen zeggen, met het binden.
Een strohalm die af en toe gek doet, die af en toe stil en rustig blijft.
11/08/2008:
Een fijn gedacht, om wakker te worden en de dag te beginnen, ook al
en zelfs zelfs al is het vroeg en is niemand ter wereld goed wakker.
Niemand is nooit goed wakker, we slapen allemaal nog een klein beetje
maar de dag geeft ons toch een beetje kracht om te schijnen naar iedereen.
12/08/2008:
Ik overdenk niets meer, het is afgeleerd vanaf dat ik ergens tegenover sta.
We zijn omringd door een gigantisch landschap, onderverdeeld in miniscule
landjes, gecategoriseerd in schapjes van 1 op 2 centimetertjes. En we zijn blij.
Geen lenzen nodig, geen brillen voorzien, maar ik kan zover kijken als ik wil.
13/08/2008:
Grappig hoe alles zo voortgaat, zonder dat je iets tegen kan houden,
want als je dat probeert, verlies je alleen maar. Gek hoe men niets doorheeft.
Jammer hoe men nooit tijdmaakt voor de juiste dingen, hoe men tijd opvult
met de minder belangrijke zaken, met inspanningen ten gunste van zichzelf.
14/08/2008:
Een welgemeende feestuitroep voor de levens van vele mensen,
het is een verrassing dat zoveel persoonlijkheden positief blijven zijn.
Ik heb geen idee waar ik sta, en ik betwijfel of ik geïnteresseerd ben,
maar ik denk een klein deel te zijn van iets enorm en onzichtbaar.
15/08/2008: MOTHER EDITION
Als je nagaat, hoeveel mensen nog aan elkaar denken, en dan eens
het aantal personages die simultaan aan zichzelf denken bekijkt, ik vrees
dat er nooit op aarde genoeg wiskunde tekens zullen bestaan om
dat verschil uit te schrijven, want het is meer dan gigantisch.
16/08/2008:
Een voorbarig gevoel van beschrijflijke noch voorspelbare nostalgie,
het begeren naar een vorig tijdperk als het ware, waarin alles nog
gewoon was, zorgeloos want dat is het mooiste goed mijns inziens.
Misschien moet ik vervanging zoeken, voor alles wat weggaat.
17/08/2008:
Alles wat ooit goed was werd nu in één zweterige plaats gestoken,
een creatieve maar eerder gedissecteerde sfeer voor vele van ons.
Stel je voor wat voor onheil er te wachten staat, zelfs na dit, na
een deel van mijn leven weggeven te hebben, aan een land, aan een mens.
18/08/2008:
Alle troeven verspeeld, zonder enig idee van de juistheid van mijn handeling.
Als ik gods hulp inroep, zou hij dan een middel tegen emotie geven,
een apathie-apotheek misschien. Het is moeilijk om om te gaan, maar,
stel je voor, het is zelf nog moeilijker om niet om te gaan, niet te begaan.
19/08/2008:
Ik lig helemaal overhoop met vuil dat wordt gewassen -momenteel-
en onder het gewicht van 11 jaren liefde en iets of wat vriendschap,
gebogen door alles wat ooit is gebeurd in mijn bijzijn, verborgen ergens
in een struik of gebladerte, omdat angst de grootste kwetsbaarheid is.
20/08/2008:
Dit betekent niets, want ik heb er geen baat bij, behalve een hoofdzonde.
Ik ben niets vooruit gekomen, niks is er gebeurd dat mij hielp, tenzij
het abnormale. En dan nog van geluk spreken dat ik van geluk mag spreken,
zoniet had alles tegengezeten, in afwachting tot de verdwijning.
21/08/2008:
Stel dat de wereld een spijsvertering is, en heel het uiterste is wat ons verteert,
zouden wij dan naarmate we verouderen, onze stoffen afgeven
aan de aarde, opdat zij beter kan leven, en wij slechter, wij de componenten.
Wie weet wat wij toedoen, of tegoeddoen, of welke bergen wij verzetten.
22/08/2008:
Ik ben een gemiddeld minimum in een zee van extreme maxima, alsof
ik mezelf niet herken, niet meteen alleszins, want ik ben vermomd.
Maar ik draag geen masker, geen bepaalde stijl die mij werd voorgedaan
misschien wil ik wel weg, ik wil slapen, en warmte, bij mezelf.
23/08/2008:
Als ze zeggen dat ze één geworden zijn met iets, hetzij de natuur,
hetzij een partner, hetzij het eten dat reeds bereid is door topchefs,
moet ge zorgen dat gij zelf niet één wordt, maar apart -als twee- blijft.
Want als één zijn vergt het hoogste goed in de rij der deugden.
24/08/2008:
Er is geen sprake van beenderen die gebroken worden, enkel door
de frequentie en de decibels. Ik ben een muur van contrasten, en ik houd
de verkeerde gedachten tegen, waarna ze voor lang tegen mij
blijven plakken. Alles verdwijnt even. Alles behalve 1 situatie.
25/08/2008:
Mijn leven is een open veld van nostalgie en verborgen melancholie,
waarin gelukkig struiken groeien, zo groot als grote struiken worden,
die mijn pathos in de positieve zin naar de bovenhand helpen grijpen.
Ik ben een veld waarin onkruid slechts traag wordt gewied, maar effectief.
26/08/2008: BIRTHDAY EDITION
Perpetueel geluk voor pakweg 15 uur en een half, tot zover mijn
uren van aandacht, affectie, actie en een beetje alternatie, god dank.
Horatius zei ooit eens dat men de dag moest plukken, ik geloofde het niet:
een dag moet met rust gelaten worden, opdat ge ervan kunt genieten.
27/08/2008:
Het gebeurde en het lag buiten mij bereik, alsof mijn Latijn op was
en mijn Nederlands het moest overnemen. Het lukte met glans,
maar niets bleef zo blinken. Als je wilt verven, beken dan ook kleur.
Zorg voor alles en iedereen, maar vergeet uzelf niet, alsjeblieft.
28/08/2008:
Ongehoord en nooit verstaan, zo stil was mijn afwezigheid van motie.
Niemand luistert naar wat je doet, doch daarmee breekt en vervoegt
men de harten van hen. Openstaan voor redevoeringen, een eerste stap.
de volgende: rede voeren, slapen, vrede voeren en laten gebeuren.
29/08/2008:
Ik ben hier niet graag, maar ik weet nergens anders te belanden.
Ik ben mijn verdrijf kwijt, maar mijn tijd heb ik nog, en een lege variabele.
Een zonde van het leven, zonder van het leven beter te weten, allicht.
Tijden hebben geleden en uren zijn vergaan, en toch, ik ben hier nog.
30/08/2008:
Te weinig druk op te veel dagen, nachten, het weegt ogenschijnlijk, ook al
lijkt het gebrek een deugd, en zelfs al lijkt de afwezigheid aanwezig.
De weg is weg. Er is geen route meer die naar huis leidt, alles gaat verder.
Geen ontkomen, het gangpad richting dageraad komt steeds dichter.
31/08/2008:
Ik geef er om, jammer genoeg, dat van mij veel ontnomen wordt door mij,
omdat ik geen idee‘n heb die worden uitgewerkt, geen plannen
die worden uitgetekend, geen kinderen die worden uitgebroed, of zoiets.
Mijn vrijheid overmant mijn bestaansdom, jammer genoeg, en ik geef er om.
02-08-2008
WHAT'S THIS EMOTION? - poetae dictis
NOTA: Juli, van 01/07/2008 tot 31/07/2008
----------------------------------------------------------
01/07/2008:
Een enorm succes, een opvolging van gevolgen durft men wel eens te zeggen,
nu, of straks misschien ook nog, is een moment van glorie, zij het dubbel telt,
zij het als drie keer telt. En diep in ons hart dragen we alles mee van alles wat
ons bezielt. We zijn allemaal kinderen van verschillende oorsprong, niettemin.
02/07/2008:
Net wanneer alles, werkelijk, bijna goed ging, ging net een klein detail mis;
niet dat het ergerlijk was, eerder bejammerlijk, maar hetgemoed daalde
procentueel, zoals de beklommen hellingen. Doch bleef alles tof, tof als de rest.
Ik wenste om een hemelsgeschenk, en mijn wensen werden verzegeld. Of zo.
03/07/2008:
Geen vijand dan een lichte drang huiswaarts, zonder dwang, maar een gericht
gezicht, een brein op 33 1/1 RPH, en mijn spieren op nul. Alles in zwart,
of een tint van grijs dat enige schoonheid weer kon geven, enig plezier in leven.
Een idee achterhaald en te idioot om voor te stellen aan een groep te groot.
04/07/2008:
Zoekend trachtend vindend naar een uitweg voor eender wat - emoties of
geen emoties - elk begrip dat mij bevrediging kan brengen, zonder dat
ik daar zelf moeite voor zou moeten doen. Misschien beland ik bij een geluid,
een piepend meisje, om de 45 seconden een baslijn, en een 1-2-3-4 introductie.
05/07/2008:
Bedankt aan allen die mij bijstonden, vooral diegenen in het verleden.
De tegenwoordigen zal ik later wel bedanken, als het daar tijd voor zal zijn.
Bedankt dat ik van u mocht houden en dat ik u mocht aanschouwen
alsof gij tot mijn eigenste zichtsveld behoorde. Bedankt om mooi te zijn.
06/07/2008:
En als er ooit iets gebeurde miste ik het wel, gij zijt er altijd bij geweest,
alsof ik ben verdrongen tot laatsterangsliefde. Ofschoon dat niet eens van toe-
passing is, van geen enkel belang. Als gij nu zou stoppen met liefhebben,
ik zou niets snappen, want ik had het voordien niet begrepen. Jammerlijk.
07/07/2008:
Soms is het onnodig om aanwezig te zijn, soms moet je niet wakker zijn
om te kunnen slapen. Een biologische klok werkt niet in mijn gebuurten
en de anatomische wekker is er niet. Zij is niet bepaald op mijn wekken gesteld.
Ik zou wenen maar ik vind geen klein hoekje en ik heb te veel penis daarvoor.
08/07/2008:
Alsof er niets is dat kan bezighouden of interesseren, iemand boeien, nee.
Schijnbaar vindt men niets meer dat echt er nog toe doet, wat men kan schelen.
Wat tegenwoordig evident is, is onze nutteloosheid, onze gedwongen no-life.
En men vindt niemand, niet iemand, die er iets aan wilt doen, niet voor ons.
09/07/2008:
Het leven lijkt mij gelijk aan een spel, en de liefde aan het decor, de achtergrond.
Ze is allesoverheersend en prominent, maar laat plaats voor jezelf, een chance.
En moest ik kunnen kiezen, ik koos het rechte pad. Misschien zijn er 1 of 2
bochtjes, naar links of rechts, maar het is vooral recht. En omgeven met kleur.
10/07/2008:
Je moet voortgaan alsof je moet zwemmen als een zalm, roze vanbinnen
en stoer vanbuiten, ook tegen de stroming in, zodat op het einde van de dag
nog steeds -of wederom- bent als op het aanbrekingspunt. Maar hoewel
je daar eindigt -of verder-, bij het eindpunt is alles toch anders dan anderen.
11/07/2008: FLEMISH EDITION
Vreemd hoe alles zo snel eindigt maar toch zo ver weg schijnt, lijkt, blijkt. Het
is voor mij niet meer of niet minder dan een goddelijk, een godinnelijk gedrag.
Een uitzicht dat zonder meer of minder zalig verklaard kon worden, en terecht.
Er is vlak voor mij een put waar in kan gevallen worden, misschien hoop ik goed.
12/07/2008:
Een valselijke start met een juist beginsel dat toch maar eens moet aanvangen.
Doch als ik toch een bijl erbij neerleg, of even stop met mijn gelederen
te belederen, en ze gewoon in hun stof laat groeien en rotten, dan
zal het ook voorgoed gedaan zijn, want dat is zowat alles nog, wat ik heb.
13/07/2008:
Noodzakelijk lichamelijk of misschien mentaal ook wat, alleszins aandacht
of affectie, en liefst effectief, zodat ik mijn zorgen kan kwijtspelen.
Ik draag ze niet over, ik verwijder ze in uw armen, als ik die tenminste heel, heel
even bij mij kan hebben. Zoniet bezorg ik me 2 keer zoveel, dankzij en voor jou.
14/07/2008:
Soms zegt iets mij iets, maar soms zegt het mij niets, en dan ben ik doelloos.
Functionabiliteit is best moeilijk als uw manier geen wijze is. Een moment
doorspekt met een vluchtige emotie van vreugde, dan een aangaand idee
van teneerslaging. Of het een goed idee is, daar heb ik geen idee van. Eerlijk.
15/07/2008:
Dit lijkt eindeloos, en zalig. Dubieus en vol weinig gezag in mijn macht loop ik
van links naar rechts tot ik op 39 graden oosterlengte blijf staan. Ik verval
binnen enkele jaren, dus laat ik maar alles liefhebben wat werd liefgehad.
Laat ik leven, samen met anderen, en laat ik niet meer tellen kunnen.
16/07/2008:
Ik ben hevig onderhevig aan een infinitesimale eindeloze repetitieve herhaling
die steeds maar weer zonder einde opnieuw voorkomt, terwijl ik stil en
zwijgend wacht op een cruciale baanbrekende belangrijke behandelde
actie die noch van mij, noch van jou komt, maar ons misschien samenbrengt.
17/07/2008:
En ge moet ook niet denken dat ik een idee heb, want mijn antwoord
-of de vraag?- zal niet affirmatief zijn. Het zal gedragen worden door
rode draden van negatieve gevoelens, maar het zal het allerminst zelf dragen.
En ge moet ook niet denken dat ik nadenk, want dat vergt te veel ratio.
18/07/2008:
Dit is de laatste vuurpijl die het nieuwe jaar aankondigde, de allerlaatste,
omstreeks kwart na 5 op een denkbeeldig 1 januari van een jaar dat nog
moet worden uitgevonden of bedacht. Ik hoop maar dat alles goedkomt,
dat hij ontploft en zal nazinderen als alles al is afgelopen, beëindigd is.
19/07/2008:
Ik zit aan het begin van het einde, en het einde is positief. Het aanknooppunt
zit vast aan mijn principe. Ik zit tot mijn armen toe verstrengeld
aan een actieve plant die een wakend oog verwacht, van beide kanten.
Ik ben blij, ik ben tevreden, ik voel mezelf vol geluk, en ik voel u ook.
20/07/2008:
Ik beleef een fijne, tedere maar zelfs ook leuke tijden in mijn lang verlangen.
Gedaan met rondlopen zonder haar, of hoofd, of hersenen zonder goesting.
Misschien moet ik nog eens enkele kilometers verzinnen die ik aankan,
en nog enkele uren fout interpreteren alsof het dagen en enkele minuten waren.
21/07/2008: BELGIAN EDITION
Alsof ik een trap trede per trede op en af moest lopen, wandelen, langlaufen
desnoods, waar men recht in het centrale midden een allesverhinderende paal
in mijn weg, zicht en zenuwstelsel geplant had. En ik laat mij wel afschrikken,
maar ik denk erover om dat los te laten. Ik denk daar lang over. Erg lang.
22/07/2008:
Ik word niet omringd, ik omring jou, maar gij hebt niets door, gij snapt niets,
hoewel ik helemaal rond u zit en gij rond mij, in zulk een constructie
waar Escher zijn jaloezie niet op zou tekenen kunnen, laat staan tonen.
Een kleine lege gang staat me in de weg naar een doos vol grootheid.
23/07/2008:
“Liever iets dan niks, maar soms ook liever niets.” Dat is mijn filosofie,
zo simpel als het leven, met dezen en genen, en afhankelijke componenten.
Ik zou graag alles willen doen, maar soms toch liever niets, niets denken,
niets weten, niets schrijven, niets laten, niets maken. Ik wil niets gedaan hebben.
24/07/2008:
Misschien is er helemaal niets te doen, of te behandelen in een straal van
een vijftiental kilometers die niks betekenen, uren vervoer die niet gelden.
Misschien duurt alles nogal lang, of veel te breed opdat het uitgerekt wordt.
Ik bezit die inzichten niet, maar de ideeën als beginsels spreken me wel aan.
25/07/2008:
Het meeste van de artikelen die klaarstaan in mijn nabijheid, het heeft effect,
zoals een natuurramp effect heeft, maar dan de omgekeerde versie.
Een weinig gebeurt in de omgeving, en meer, in het milieu, de banlieu
daarvan zelfs. Heel de wereld behoort mij -even- toe, en god zij dank.
26/07/2008:
Ik sta niet alleen op, ik word ook -net genoeg- wakker opdat ik zogenaamd
dagen en eventueel uren kan doorbrengen op krachten uit eigen bron.
En ik beklaag mezelf nog steeds mijn wedergeboorte, ook al was die
leuk en impulsief. Ooit ben ik een bloem, of misschien een plant.
27/07/2008:
Of dit bestond of zelfs maar heeft bestaan ligt niet binnen mijn kennis,
welke nochtans alleszins zeer uitgesproken, expliciet en een beetje
gebroken is. Tonen zijn verre van topografische wonderen van god,
het zijn des te meer noten in een overduidelijk anagram gegoten.
28/07/2008:
De rethoriek van het leven probeert me iets te zeggen, maar ik weet niet wat.
Stel dat ik affirmatief antwoord, en het draait anders uit, stel dat ik mezelf
om zeep help, omdat ik niet kuis genoeg ben, en stel dat wij gesloten zijn.
Ik denk dat iedereen alles kan weten, jammer genoeg, ik weet dat zelfs.
29/07/2008:
Niets is de bedoeling om te doen, het is de bedoeling te hebben, te bezitten.
En al lijkt niet alles zo verkrijgbaar, er zijn manieren, ongekend voor
mensen der aarde, om het onvatbarre te omvatten, alsof het een liefje was.
Maar het was de liefde. De transcendentie druipt er helemaal van af.
30/07/2008:
Ik vraag me weinig af, ik heb daar namelijk geen zin in noch tijd voor,
maar soms bedenk ik mijn geweten. Alle verdiensten zijn vlug vergeten,
maar elke enkele misstap brandt dagenlang (of avondlang) op mijn hoofd,
zo sterk dat het een ader zou doen springen, moest er een naald bij zijn.
31/07/2008:
Ik ben blij dat alles zo meevalt, want een tegenval doet je vaak teruggaan.
Ik wil geen gedeins van jewelste, ik wil, verlang, begeer een gematigd
pad, waarop ik niets dan vooruit ga, zelfs niet stil blijf, ik ga rechts en door.
Ge moogt mij tegenhouden, als het u lukt voor ik het zelf heb gedaan.
----------------------------------------------------------
01/07/2008:
Een enorm succes, een opvolging van gevolgen durft men wel eens te zeggen,
nu, of straks misschien ook nog, is een moment van glorie, zij het dubbel telt,
zij het als drie keer telt. En diep in ons hart dragen we alles mee van alles wat
ons bezielt. We zijn allemaal kinderen van verschillende oorsprong, niettemin.
02/07/2008:
Net wanneer alles, werkelijk, bijna goed ging, ging net een klein detail mis;
niet dat het ergerlijk was, eerder bejammerlijk, maar hetgemoed daalde
procentueel, zoals de beklommen hellingen. Doch bleef alles tof, tof als de rest.
Ik wenste om een hemelsgeschenk, en mijn wensen werden verzegeld. Of zo.
03/07/2008:
Geen vijand dan een lichte drang huiswaarts, zonder dwang, maar een gericht
gezicht, een brein op 33 1/1 RPH, en mijn spieren op nul. Alles in zwart,
of een tint van grijs dat enige schoonheid weer kon geven, enig plezier in leven.
Een idee achterhaald en te idioot om voor te stellen aan een groep te groot.
04/07/2008:
Zoekend trachtend vindend naar een uitweg voor eender wat - emoties of
geen emoties - elk begrip dat mij bevrediging kan brengen, zonder dat
ik daar zelf moeite voor zou moeten doen. Misschien beland ik bij een geluid,
een piepend meisje, om de 45 seconden een baslijn, en een 1-2-3-4 introductie.
05/07/2008:
Bedankt aan allen die mij bijstonden, vooral diegenen in het verleden.
De tegenwoordigen zal ik later wel bedanken, als het daar tijd voor zal zijn.
Bedankt dat ik van u mocht houden en dat ik u mocht aanschouwen
alsof gij tot mijn eigenste zichtsveld behoorde. Bedankt om mooi te zijn.
06/07/2008:
En als er ooit iets gebeurde miste ik het wel, gij zijt er altijd bij geweest,
alsof ik ben verdrongen tot laatsterangsliefde. Ofschoon dat niet eens van toe-
passing is, van geen enkel belang. Als gij nu zou stoppen met liefhebben,
ik zou niets snappen, want ik had het voordien niet begrepen. Jammerlijk.
07/07/2008:
Soms is het onnodig om aanwezig te zijn, soms moet je niet wakker zijn
om te kunnen slapen. Een biologische klok werkt niet in mijn gebuurten
en de anatomische wekker is er niet. Zij is niet bepaald op mijn wekken gesteld.
Ik zou wenen maar ik vind geen klein hoekje en ik heb te veel penis daarvoor.
08/07/2008:
Alsof er niets is dat kan bezighouden of interesseren, iemand boeien, nee.
Schijnbaar vindt men niets meer dat echt er nog toe doet, wat men kan schelen.
Wat tegenwoordig evident is, is onze nutteloosheid, onze gedwongen no-life.
En men vindt niemand, niet iemand, die er iets aan wilt doen, niet voor ons.
09/07/2008:
Het leven lijkt mij gelijk aan een spel, en de liefde aan het decor, de achtergrond.
Ze is allesoverheersend en prominent, maar laat plaats voor jezelf, een chance.
En moest ik kunnen kiezen, ik koos het rechte pad. Misschien zijn er 1 of 2
bochtjes, naar links of rechts, maar het is vooral recht. En omgeven met kleur.
10/07/2008:
Je moet voortgaan alsof je moet zwemmen als een zalm, roze vanbinnen
en stoer vanbuiten, ook tegen de stroming in, zodat op het einde van de dag
nog steeds -of wederom- bent als op het aanbrekingspunt. Maar hoewel
je daar eindigt -of verder-, bij het eindpunt is alles toch anders dan anderen.
11/07/2008: FLEMISH EDITION
Vreemd hoe alles zo snel eindigt maar toch zo ver weg schijnt, lijkt, blijkt. Het
is voor mij niet meer of niet minder dan een goddelijk, een godinnelijk gedrag.
Een uitzicht dat zonder meer of minder zalig verklaard kon worden, en terecht.
Er is vlak voor mij een put waar in kan gevallen worden, misschien hoop ik goed.
12/07/2008:
Een valselijke start met een juist beginsel dat toch maar eens moet aanvangen.
Doch als ik toch een bijl erbij neerleg, of even stop met mijn gelederen
te belederen, en ze gewoon in hun stof laat groeien en rotten, dan
zal het ook voorgoed gedaan zijn, want dat is zowat alles nog, wat ik heb.
13/07/2008:
Noodzakelijk lichamelijk of misschien mentaal ook wat, alleszins aandacht
of affectie, en liefst effectief, zodat ik mijn zorgen kan kwijtspelen.
Ik draag ze niet over, ik verwijder ze in uw armen, als ik die tenminste heel, heel
even bij mij kan hebben. Zoniet bezorg ik me 2 keer zoveel, dankzij en voor jou.
14/07/2008:
Soms zegt iets mij iets, maar soms zegt het mij niets, en dan ben ik doelloos.
Functionabiliteit is best moeilijk als uw manier geen wijze is. Een moment
doorspekt met een vluchtige emotie van vreugde, dan een aangaand idee
van teneerslaging. Of het een goed idee is, daar heb ik geen idee van. Eerlijk.
15/07/2008:
Dit lijkt eindeloos, en zalig. Dubieus en vol weinig gezag in mijn macht loop ik
van links naar rechts tot ik op 39 graden oosterlengte blijf staan. Ik verval
binnen enkele jaren, dus laat ik maar alles liefhebben wat werd liefgehad.
Laat ik leven, samen met anderen, en laat ik niet meer tellen kunnen.
16/07/2008:
Ik ben hevig onderhevig aan een infinitesimale eindeloze repetitieve herhaling
die steeds maar weer zonder einde opnieuw voorkomt, terwijl ik stil en
zwijgend wacht op een cruciale baanbrekende belangrijke behandelde
actie die noch van mij, noch van jou komt, maar ons misschien samenbrengt.
17/07/2008:
En ge moet ook niet denken dat ik een idee heb, want mijn antwoord
-of de vraag?- zal niet affirmatief zijn. Het zal gedragen worden door
rode draden van negatieve gevoelens, maar het zal het allerminst zelf dragen.
En ge moet ook niet denken dat ik nadenk, want dat vergt te veel ratio.
18/07/2008:
Dit is de laatste vuurpijl die het nieuwe jaar aankondigde, de allerlaatste,
omstreeks kwart na 5 op een denkbeeldig 1 januari van een jaar dat nog
moet worden uitgevonden of bedacht. Ik hoop maar dat alles goedkomt,
dat hij ontploft en zal nazinderen als alles al is afgelopen, beëindigd is.
19/07/2008:
Ik zit aan het begin van het einde, en het einde is positief. Het aanknooppunt
zit vast aan mijn principe. Ik zit tot mijn armen toe verstrengeld
aan een actieve plant die een wakend oog verwacht, van beide kanten.
Ik ben blij, ik ben tevreden, ik voel mezelf vol geluk, en ik voel u ook.
20/07/2008:
Ik beleef een fijne, tedere maar zelfs ook leuke tijden in mijn lang verlangen.
Gedaan met rondlopen zonder haar, of hoofd, of hersenen zonder goesting.
Misschien moet ik nog eens enkele kilometers verzinnen die ik aankan,
en nog enkele uren fout interpreteren alsof het dagen en enkele minuten waren.
21/07/2008: BELGIAN EDITION
Alsof ik een trap trede per trede op en af moest lopen, wandelen, langlaufen
desnoods, waar men recht in het centrale midden een allesverhinderende paal
in mijn weg, zicht en zenuwstelsel geplant had. En ik laat mij wel afschrikken,
maar ik denk erover om dat los te laten. Ik denk daar lang over. Erg lang.
22/07/2008:
Ik word niet omringd, ik omring jou, maar gij hebt niets door, gij snapt niets,
hoewel ik helemaal rond u zit en gij rond mij, in zulk een constructie
waar Escher zijn jaloezie niet op zou tekenen kunnen, laat staan tonen.
Een kleine lege gang staat me in de weg naar een doos vol grootheid.
23/07/2008:
“Liever iets dan niks, maar soms ook liever niets.” Dat is mijn filosofie,
zo simpel als het leven, met dezen en genen, en afhankelijke componenten.
Ik zou graag alles willen doen, maar soms toch liever niets, niets denken,
niets weten, niets schrijven, niets laten, niets maken. Ik wil niets gedaan hebben.
24/07/2008:
Misschien is er helemaal niets te doen, of te behandelen in een straal van
een vijftiental kilometers die niks betekenen, uren vervoer die niet gelden.
Misschien duurt alles nogal lang, of veel te breed opdat het uitgerekt wordt.
Ik bezit die inzichten niet, maar de ideeën als beginsels spreken me wel aan.
25/07/2008:
Het meeste van de artikelen die klaarstaan in mijn nabijheid, het heeft effect,
zoals een natuurramp effect heeft, maar dan de omgekeerde versie.
Een weinig gebeurt in de omgeving, en meer, in het milieu, de banlieu
daarvan zelfs. Heel de wereld behoort mij -even- toe, en god zij dank.
26/07/2008:
Ik sta niet alleen op, ik word ook -net genoeg- wakker opdat ik zogenaamd
dagen en eventueel uren kan doorbrengen op krachten uit eigen bron.
En ik beklaag mezelf nog steeds mijn wedergeboorte, ook al was die
leuk en impulsief. Ooit ben ik een bloem, of misschien een plant.
27/07/2008:
Of dit bestond of zelfs maar heeft bestaan ligt niet binnen mijn kennis,
welke nochtans alleszins zeer uitgesproken, expliciet en een beetje
gebroken is. Tonen zijn verre van topografische wonderen van god,
het zijn des te meer noten in een overduidelijk anagram gegoten.
28/07/2008:
De rethoriek van het leven probeert me iets te zeggen, maar ik weet niet wat.
Stel dat ik affirmatief antwoord, en het draait anders uit, stel dat ik mezelf
om zeep help, omdat ik niet kuis genoeg ben, en stel dat wij gesloten zijn.
Ik denk dat iedereen alles kan weten, jammer genoeg, ik weet dat zelfs.
29/07/2008:
Niets is de bedoeling om te doen, het is de bedoeling te hebben, te bezitten.
En al lijkt niet alles zo verkrijgbaar, er zijn manieren, ongekend voor
mensen der aarde, om het onvatbarre te omvatten, alsof het een liefje was.
Maar het was de liefde. De transcendentie druipt er helemaal van af.
30/07/2008:
Ik vraag me weinig af, ik heb daar namelijk geen zin in noch tijd voor,
maar soms bedenk ik mijn geweten. Alle verdiensten zijn vlug vergeten,
maar elke enkele misstap brandt dagenlang (of avondlang) op mijn hoofd,
zo sterk dat het een ader zou doen springen, moest er een naald bij zijn.
31/07/2008:
Ik ben blij dat alles zo meevalt, want een tegenval doet je vaak teruggaan.
Ik wil geen gedeins van jewelste, ik wil, verlang, begeer een gematigd
pad, waarop ik niets dan vooruit ga, zelfs niet stil blijf, ik ga rechts en door.
Ge moogt mij tegenhouden, als het u lukt voor ik het zelf heb gedaan.
30-06-2008
WHAT’S THIS EMOTION? - poetae dictis
NOTA: Juni, van 01/06/2008 tot 30/06/2008
----------------------------------------------------------
01/06/2008:
Wij zitten wij nergens op, noch onder, noch mee in. Ons alter ego neemt over
vanaf hier ergens en het deert me niet. Ik forceer ons lust, goesting en vrijheid
aan te houden. Wij houden vol omdat we moeten, opdat we verder kunnen doen.
Opdat niet alles verloren zou lijken. En niet alles zo banaal mogelijk verdween.
02/06/2008:
Opeens bijt ik ergens in, in iets zo fundamenteel groot dat ik niet kan missen,
maar ik bijt verkeerd. Mijn bijdrage blijft onopgemerkt, soms zelfs niet geapprecieerd
op momenten dat ik mij N.B. afvraag wie in gods naam -in zijn naam zelfs!-
deze mentaliteit opgang bracht, en waar het hele idee vandaan gekomen is.
03/06/2008:
Als een ballon die dringend leeggelaten moet worden, omdat hij reeds
rimpels vertoont van een ongekende en onvoorziene ouderdom, ons aller
bekend als de feromoniale vergankelijkheid, die men krampachtig probeert,
tracht, vergeefs, machteloos toekijkt hoe men deze passage niet kan verijdelen.
04/06/2008:
Halverwege stoppen en beginnen met één zoveelste af te werken, omdat
het moet. In de beginne was er niets, en dat is toch even zo gebleven, maar
wanneer Christus herrijst en ons in 2 rijen opdeelt, stap ik er gewoon uit, opdat
ik samen met soortgelijken een derde rij kan vormen, misschien dé differentiële.
05/06/2008:
Ik zet mijn eerlijkste beentje voor, en met het hoopvolste -tevergeefs tegelijk
ook het linkse- stap ik uit bed. Het draait voortaan om superlatieven, het liefst
het superlatiefst mogelijkst, zoals het nooitst iemand was. Moedig is de over-
treffende trap van hartig, de bepaling van gesteldheid met nuance van voorwaarde.
06/06/2008:
Mijn ontlading werd doorvoed met elektronen, maar ontdubbelt door een
eigen arsenaal protonen. Mijn stabiliteit viert zege, ik lach glim, ik ben tof.
Alles lijkt helderder achteraf, maar hetis toch niet zo. De illusie van het voorbije
neemt het over van de gedachte van het vermijdelijke heden, of misschien morgen.
07/06/2008:
Een vredig ochtendgloren day zichzelf tot wredige dageraad kroonde,
alsof het een spiegel was die mijn ziel telkens herhaalde, telkens wederbracht.
En ik naïef wachtte of gewacht heb tot er ieand langskwam, desnoods
enkel mentaal of psychisch. Alsof ik olifanten tot muggen maakte.
08/06/2008:
Misschien is alles -toch?- herleidbaar tot het niets. Misschien houdt alles,
waar dan ook, een afleidbaarbaar ontelbaar bestaan, levensloos of niet, vurig
of niet. We moeten sowieso opletten, voor alles wat ons niet in de weg staat,
omdat dat zich nog kan verplaatsen en vervormen tot hemelshoge hindernis.
09/06/2008:
Mijn eigen collectief moreel enerzijds triomferend over zijn eigen poëtisch
gelaagde geslaagde overwinning, anderzijds gebogen als een rups onder
kwesties buiten mijn bereik, het zoekt een uitweg, middenweg die ervoor kan
zorgen dat alles goed komt, rendabel voor mijn collectieve gemoedsgesteldheid.
10/06/2008:
Ik ben maar wachtende, aan ‘t wachten tot er iets groeit bij haar. Misschien
een gezond verstand met een telecommunatieve neiging richting mijn hart, misschien
een lichamelijke bijstand in het gedeelte tussen armen, buik en hoofd. Misschien
zelfs een liefde die zo groot wordt dat… Nee, hoogstwaarschijnlijk niet.
11/06/2008:
Zeg nooit iets tegen iemand want ze kunnen het op een nefaste manier
met een waarschijnlijke wijze gebruiken tegen jou, jullie, ook tegen ons.
Een minoriteit dient voor opstanden op te starten door op te staan, maar
in mijn lokaal blijft iedereen zitten, want niemand zegt nooit iets tegen iemand.
12/06/2008:
Het gebeurde nogal onverwachts, want werkelijk niets had men verwacht,
het was een doodlopende weg die leidde naar een eindig gegeven,
en men wilde zo graag stoppen. Een onmogelijkheid, zo blijkt, wanneer
men oppert dat iedereen toch hetzelfde is, gelijk en gelijkwaardig, en aardig.
13/06/2008:
Terug gekeerd naar binnen en op mezelf gedraaid bij haar verre aanblik,
verteerd en bezeten door een allerlei aan schokkende ingewanden, ik ga weg.
Ik durf amper terug te keren, uit schaamte en apartheid van de algemenen,
ik denk mezelf weg en zoek een poort, waarlangs ik niet binnen geraak. Ook goed.
14/06/2008:
Moeilijk is zijn ongelijk niet te ontkennen, want zijn rede brengt ons sowieso
en evidentmatig in conflict met onszelf, een broodnodige oorlog over wie zich
zal promineren. Over een affectie die noch beantwoord is noch ongeleverd wordt.
Heel dit bestaan, wee ons, gaat over pijn en grenzen die niemand meer kent.
15/06/2008:
Soms is het nodig -en plus: noodzakelijk zelfs en sterker- om wakker te worden,
ook al en zelfs al wordt het niet zo bevonden. Zich wekken door een toon,
een ensemble van tonen of een lumineuze omgeving, en u gelijkaardig
weer te bedde, te zetel of in uw eigen gevoelswaarden te leggen. Doch, kijk uit.
16/06/2008:
Ik word bevangen in ontvangenis, mijn water breekt en bevrijdt mij
hoogstwaarschijnlijk van een kind, een kind van kennis, klaarduidelijk.
Ik zie nog alles, ik hou van alles, mijn gedachten controleren mijn mond,
ze besturen de spieren. Ik kijk op en lach, zonder enige geldige geldende reden.
17/06/2008:
De vraag is ende zal blijven of we al dan niet nog een klein gevoeltje voor zin
voor smaak en voor bevalligheid hebben. Blijft ons nog een goesting over?
Ik vrees ervoor, want de keuze blijft als een vraagstuk voor mij, waarbij
de grafiek 2 nulpunten heeft, die allebei evenver van de as staande zijn.
18/06/2008:
Niet zozeer goed, verdrongen door gebreken aan tijdsbesef, ruimtegebreken
en landkaarten doen me niets meer. Minder goed, want teleurstelling heeft
mij in zijn hand terwijl ik in haar armen wil, men tezeer met mijn voeten speelt
en ik niets meer uit mijn zakken kan halen dan teneerslag en bijna verdriet.
19/06/2008:
Niets blijft over in mij na de slachting die ik hetzij amper, of misschien zelf niet
overleefd heb, omdat ze mij zozeer uitmergelde, vooral aan de geest.
Ik wenste een dier te zien, een dier met een gestreepte vacht, om welke reden
dan ook, en ik wenste dat ik kon zien en voelen hoe het voorbij ging gaan.
20/06/2008:
Ge zegt dat ik te veel denk en droom, dat ik eisen veel te hoog stel. Ik kan slechts
zoveel wensen, als mijn hart dat begeert, maar ik kan ook zoveel willen, zoveel
als mijn gevoel van mijn lichaam kan verdragen. En al antwoord ik niet,
noch met geest noch met beeld, ik ben toch in de buurt van u geweest.
21/06/2008: SUMMER EDITION
Iets brak en het was zowel mijn schuld als mijn bewustzijn, mijn waarde scheurde
over niets dan asfalt en steentjes in dat asfalt. En tegelijk bleef ik ademhalen,
met veel zuurstof, veel leven. Mijn gemoed ging erop vooruit, of misschien voorin.
En vooral was ik verward, ik kon niet meer tellen en ettiquette is mijn tas thee niet.
22/06/2008:
Gedane afvallige langs zijnde opvallende tot komende gevallene, zoals
een man beschreven door Rimbauds gewezenheid, zijn aanwezigheid,
zijn openlijke genialiteit en inzicht in ‘s mans kleine revolutie van het bestaan.
‘t is gedaan, zo kwam het over en zo bleek het ook, 6 uur en 10 mensen lang.
23/06/2008:
Alles is alles, en dat is veel in vergelijking met niets, iets dat mij vrijwel omgordt.
En zo stop ik de dynamica, ik ben reeds geioniseerd en reeds negatief geladen.
Ik vind niets meer, geen prijs om te prijzen, geen lover om te loven, geen eer of
niets eerder om te eren. Een spijtige zaak, wetende van onze gelaagde diversiteit.
24/06/2008:
Al het verlorene is geweten en gevreesd, maar op een andere manier is het
verliezend. Al de dingen die mij belangrijk lijken zijn een heel eind weg, soms
maar een halve toon, en als ze dichterbij komen, dan springt het kapot.
Niet uit frustratie, noch uit angst, gewoon omdat mijn voeten bespeelbaar zijn.
25/06/2008:
Ik heb niet gescoord en de vrees zit erin dat het op een laag niveau zal blijven,
geruchten gaan geen enkele ronde en mijn faam is beperkt tot mijn ego.
Waarom leef ik nog voor die mensen die er eigenlijk niet toe doen?
Mijn blik gericht, mijn hart gevuld, mijn brein ontspoord, mijn gedrag stoem.
26/06/2008:
Als ik ooit iets zou doen dat meer waard zal zijn dan welk ding dan ook,
of iets zou zien dat meer zegt dan welk woord dan ook, uit al de boeken,
beloof dan alstublieft mij te verzorgen, vertrouw mij uw zachtaardigheid toe,
gedenk mij dan alsof ik uw geliefde was en verkies de waarheid boven fictie.
27/06/2008:
Hoewel ik in vuur en vlam sta voor iemand als zij, als het ware zij zelf, toch
bevries ik door de liefde. Petrus hoefde niets te herhalen, men begreep het:
als wij de liefde niet hebben… Als zij de liefde niet heeft, ben ik niets.
Als ik de liefde niet heb, besta ik niet meer om ook maar te kunnen minnen.
28/06/2008:
Ik hoop op een gedenksteen voor mij, en niet enkel voor mij, ik hoop op een symbool
dat mij omvat en alle mensen aan wie ik mijn handen heb bevuild (of afgeveegd).
En één is groter dan de rest, een terechte gedachte. Ik wil een gedachte
aan mijn gedachten; een afbeelding van mijn inbeeldingen; een verhouding.
29/06/2008:
Het proces, bij correcte handeling absoluut niet overbodig, voert mij aan,
het behandelt mij, het probeert mij op te lossen, en erger, het dringt zich op.
Niets dan zien, drinken en bij mij hebben is mijn doel, met een lichte nadruk
op laatstgenoemde droombeeld, een zoals ze door Dalì niet werden gemaakt.
30/06/2008:
“Gedachtes zijn de shaduwen onzer bevoelingen, steeds duisterder, iets
minder vol en vooral eenvoudiger dan eerstgenoemden”. Nietzsche,
met een nagel en kop. Omdat niets ons geen route wijst, zelfs niet digitaal,
niets helpt ons, dan wijzelf en een beetje de inverse kracht van uw geliefde.
----------------------------------------------------------
01/06/2008:
Wij zitten wij nergens op, noch onder, noch mee in. Ons alter ego neemt over
vanaf hier ergens en het deert me niet. Ik forceer ons lust, goesting en vrijheid
aan te houden. Wij houden vol omdat we moeten, opdat we verder kunnen doen.
Opdat niet alles verloren zou lijken. En niet alles zo banaal mogelijk verdween.
02/06/2008:
Opeens bijt ik ergens in, in iets zo fundamenteel groot dat ik niet kan missen,
maar ik bijt verkeerd. Mijn bijdrage blijft onopgemerkt, soms zelfs niet geapprecieerd
op momenten dat ik mij N.B. afvraag wie in gods naam -in zijn naam zelfs!-
deze mentaliteit opgang bracht, en waar het hele idee vandaan gekomen is.
03/06/2008:
Als een ballon die dringend leeggelaten moet worden, omdat hij reeds
rimpels vertoont van een ongekende en onvoorziene ouderdom, ons aller
bekend als de feromoniale vergankelijkheid, die men krampachtig probeert,
tracht, vergeefs, machteloos toekijkt hoe men deze passage niet kan verijdelen.
04/06/2008:
Halverwege stoppen en beginnen met één zoveelste af te werken, omdat
het moet. In de beginne was er niets, en dat is toch even zo gebleven, maar
wanneer Christus herrijst en ons in 2 rijen opdeelt, stap ik er gewoon uit, opdat
ik samen met soortgelijken een derde rij kan vormen, misschien dé differentiële.
05/06/2008:
Ik zet mijn eerlijkste beentje voor, en met het hoopvolste -tevergeefs tegelijk
ook het linkse- stap ik uit bed. Het draait voortaan om superlatieven, het liefst
het superlatiefst mogelijkst, zoals het nooitst iemand was. Moedig is de over-
treffende trap van hartig, de bepaling van gesteldheid met nuance van voorwaarde.
06/06/2008:
Mijn ontlading werd doorvoed met elektronen, maar ontdubbelt door een
eigen arsenaal protonen. Mijn stabiliteit viert zege, ik lach glim, ik ben tof.
Alles lijkt helderder achteraf, maar hetis toch niet zo. De illusie van het voorbije
neemt het over van de gedachte van het vermijdelijke heden, of misschien morgen.
07/06/2008:
Een vredig ochtendgloren day zichzelf tot wredige dageraad kroonde,
alsof het een spiegel was die mijn ziel telkens herhaalde, telkens wederbracht.
En ik naïef wachtte of gewacht heb tot er ieand langskwam, desnoods
enkel mentaal of psychisch. Alsof ik olifanten tot muggen maakte.
08/06/2008:
Misschien is alles -toch?- herleidbaar tot het niets. Misschien houdt alles,
waar dan ook, een afleidbaarbaar ontelbaar bestaan, levensloos of niet, vurig
of niet. We moeten sowieso opletten, voor alles wat ons niet in de weg staat,
omdat dat zich nog kan verplaatsen en vervormen tot hemelshoge hindernis.
09/06/2008:
Mijn eigen collectief moreel enerzijds triomferend over zijn eigen poëtisch
gelaagde geslaagde overwinning, anderzijds gebogen als een rups onder
kwesties buiten mijn bereik, het zoekt een uitweg, middenweg die ervoor kan
zorgen dat alles goed komt, rendabel voor mijn collectieve gemoedsgesteldheid.
10/06/2008:
Ik ben maar wachtende, aan ‘t wachten tot er iets groeit bij haar. Misschien
een gezond verstand met een telecommunatieve neiging richting mijn hart, misschien
een lichamelijke bijstand in het gedeelte tussen armen, buik en hoofd. Misschien
zelfs een liefde die zo groot wordt dat… Nee, hoogstwaarschijnlijk niet.
11/06/2008:
Zeg nooit iets tegen iemand want ze kunnen het op een nefaste manier
met een waarschijnlijke wijze gebruiken tegen jou, jullie, ook tegen ons.
Een minoriteit dient voor opstanden op te starten door op te staan, maar
in mijn lokaal blijft iedereen zitten, want niemand zegt nooit iets tegen iemand.
12/06/2008:
Het gebeurde nogal onverwachts, want werkelijk niets had men verwacht,
het was een doodlopende weg die leidde naar een eindig gegeven,
en men wilde zo graag stoppen. Een onmogelijkheid, zo blijkt, wanneer
men oppert dat iedereen toch hetzelfde is, gelijk en gelijkwaardig, en aardig.
13/06/2008:
Terug gekeerd naar binnen en op mezelf gedraaid bij haar verre aanblik,
verteerd en bezeten door een allerlei aan schokkende ingewanden, ik ga weg.
Ik durf amper terug te keren, uit schaamte en apartheid van de algemenen,
ik denk mezelf weg en zoek een poort, waarlangs ik niet binnen geraak. Ook goed.
14/06/2008:
Moeilijk is zijn ongelijk niet te ontkennen, want zijn rede brengt ons sowieso
en evidentmatig in conflict met onszelf, een broodnodige oorlog over wie zich
zal promineren. Over een affectie die noch beantwoord is noch ongeleverd wordt.
Heel dit bestaan, wee ons, gaat over pijn en grenzen die niemand meer kent.
15/06/2008:
Soms is het nodig -en plus: noodzakelijk zelfs en sterker- om wakker te worden,
ook al en zelfs al wordt het niet zo bevonden. Zich wekken door een toon,
een ensemble van tonen of een lumineuze omgeving, en u gelijkaardig
weer te bedde, te zetel of in uw eigen gevoelswaarden te leggen. Doch, kijk uit.
16/06/2008:
Ik word bevangen in ontvangenis, mijn water breekt en bevrijdt mij
hoogstwaarschijnlijk van een kind, een kind van kennis, klaarduidelijk.
Ik zie nog alles, ik hou van alles, mijn gedachten controleren mijn mond,
ze besturen de spieren. Ik kijk op en lach, zonder enige geldige geldende reden.
17/06/2008:
De vraag is ende zal blijven of we al dan niet nog een klein gevoeltje voor zin
voor smaak en voor bevalligheid hebben. Blijft ons nog een goesting over?
Ik vrees ervoor, want de keuze blijft als een vraagstuk voor mij, waarbij
de grafiek 2 nulpunten heeft, die allebei evenver van de as staande zijn.
18/06/2008:
Niet zozeer goed, verdrongen door gebreken aan tijdsbesef, ruimtegebreken
en landkaarten doen me niets meer. Minder goed, want teleurstelling heeft
mij in zijn hand terwijl ik in haar armen wil, men tezeer met mijn voeten speelt
en ik niets meer uit mijn zakken kan halen dan teneerslag en bijna verdriet.
19/06/2008:
Niets blijft over in mij na de slachting die ik hetzij amper, of misschien zelf niet
overleefd heb, omdat ze mij zozeer uitmergelde, vooral aan de geest.
Ik wenste een dier te zien, een dier met een gestreepte vacht, om welke reden
dan ook, en ik wenste dat ik kon zien en voelen hoe het voorbij ging gaan.
20/06/2008:
Ge zegt dat ik te veel denk en droom, dat ik eisen veel te hoog stel. Ik kan slechts
zoveel wensen, als mijn hart dat begeert, maar ik kan ook zoveel willen, zoveel
als mijn gevoel van mijn lichaam kan verdragen. En al antwoord ik niet,
noch met geest noch met beeld, ik ben toch in de buurt van u geweest.
21/06/2008: SUMMER EDITION
Iets brak en het was zowel mijn schuld als mijn bewustzijn, mijn waarde scheurde
over niets dan asfalt en steentjes in dat asfalt. En tegelijk bleef ik ademhalen,
met veel zuurstof, veel leven. Mijn gemoed ging erop vooruit, of misschien voorin.
En vooral was ik verward, ik kon niet meer tellen en ettiquette is mijn tas thee niet.
22/06/2008:
Gedane afvallige langs zijnde opvallende tot komende gevallene, zoals
een man beschreven door Rimbauds gewezenheid, zijn aanwezigheid,
zijn openlijke genialiteit en inzicht in ‘s mans kleine revolutie van het bestaan.
‘t is gedaan, zo kwam het over en zo bleek het ook, 6 uur en 10 mensen lang.
23/06/2008:
Alles is alles, en dat is veel in vergelijking met niets, iets dat mij vrijwel omgordt.
En zo stop ik de dynamica, ik ben reeds geioniseerd en reeds negatief geladen.
Ik vind niets meer, geen prijs om te prijzen, geen lover om te loven, geen eer of
niets eerder om te eren. Een spijtige zaak, wetende van onze gelaagde diversiteit.
24/06/2008:
Al het verlorene is geweten en gevreesd, maar op een andere manier is het
verliezend. Al de dingen die mij belangrijk lijken zijn een heel eind weg, soms
maar een halve toon, en als ze dichterbij komen, dan springt het kapot.
Niet uit frustratie, noch uit angst, gewoon omdat mijn voeten bespeelbaar zijn.
25/06/2008:
Ik heb niet gescoord en de vrees zit erin dat het op een laag niveau zal blijven,
geruchten gaan geen enkele ronde en mijn faam is beperkt tot mijn ego.
Waarom leef ik nog voor die mensen die er eigenlijk niet toe doen?
Mijn blik gericht, mijn hart gevuld, mijn brein ontspoord, mijn gedrag stoem.
26/06/2008:
Als ik ooit iets zou doen dat meer waard zal zijn dan welk ding dan ook,
of iets zou zien dat meer zegt dan welk woord dan ook, uit al de boeken,
beloof dan alstublieft mij te verzorgen, vertrouw mij uw zachtaardigheid toe,
gedenk mij dan alsof ik uw geliefde was en verkies de waarheid boven fictie.
27/06/2008:
Hoewel ik in vuur en vlam sta voor iemand als zij, als het ware zij zelf, toch
bevries ik door de liefde. Petrus hoefde niets te herhalen, men begreep het:
als wij de liefde niet hebben… Als zij de liefde niet heeft, ben ik niets.
Als ik de liefde niet heb, besta ik niet meer om ook maar te kunnen minnen.
28/06/2008:
Ik hoop op een gedenksteen voor mij, en niet enkel voor mij, ik hoop op een symbool
dat mij omvat en alle mensen aan wie ik mijn handen heb bevuild (of afgeveegd).
En één is groter dan de rest, een terechte gedachte. Ik wil een gedachte
aan mijn gedachten; een afbeelding van mijn inbeeldingen; een verhouding.
29/06/2008:
Het proces, bij correcte handeling absoluut niet overbodig, voert mij aan,
het behandelt mij, het probeert mij op te lossen, en erger, het dringt zich op.
Niets dan zien, drinken en bij mij hebben is mijn doel, met een lichte nadruk
op laatstgenoemde droombeeld, een zoals ze door Dalì niet werden gemaakt.
30/06/2008:
“Gedachtes zijn de shaduwen onzer bevoelingen, steeds duisterder, iets
minder vol en vooral eenvoudiger dan eerstgenoemden”. Nietzsche,
met een nagel en kop. Omdat niets ons geen route wijst, zelfs niet digitaal,
niets helpt ons, dan wijzelf en een beetje de inverse kracht van uw geliefde.
01-06-2008
Texts de chansons à la mode de Karel Pt.II
Andrew Ain’t No Queer
Boys who love boys aren’t gay
Girls who kiss girls are okay
Nobody cares
‘cause they should explain themselves anyway
They’re wasted
They’re drunk
They’re just insanely plain outta their mind
OI! OI! OI!
They’re horny
They’re dumped
They’re about the best shot they will ever find
OI! OI! OI!
But Andrew is no queer!
Andrew is no queer!
Thank God!
----------------------------------------------------------
Over iemand die niet homo is. Genaamd Andrew.
The Nobodys-stijl, I guess.
----------------------------------------------------------
Why Don’t You Like Me, Damnit?
Girls they tend to like me
they always stand beside me.
But one of them’s acting strange
I think she’s trying to derange
me. I hope she’s ordinary
but in fact she’s more than any
girl I’ve ever met before.
She is what I fucking live for.
And IIIIIIIII
keep asking myself
whyyyyyyy.
Why don’t you like me, damnit?
Why don’t you like me?
Is it because I’m ugly?
Is it because I’m not your type?
Is it because you hate me?
Is it because I’m not alright?
Is it because I don’t know how to say “I love you” in 236 languages?
Because I don’t.
And that’s too bad.
She takes me to another
level but I don’t bother,
I figured out the reason
to why she is so freezing
cold. She just won’t like me,
but never will despise me
since I do nothing wrong
thinkin’ ‘bout her all night long.
And IIIIIIIII
keep asking myself
whyyyyyyy.
Why don’t you like me, damnit?
Why don’t you like me?
Is it because I’m no fun?
Is it because I’m just a slob?
Is it because I’m undone?
Is it because I just don’t stop?
Is it because I don’t know which ingredients are in your favourite pasta dish?
Because I don’t.
And I don’t care.
I just think
you should be mine.
That’s why.
----------------------------------------------------------
Over Lien, en haar oninteresse in mij. Damn it.
Denk er iets alla The Movielife bij of zo.
Boys who love boys aren’t gay
Girls who kiss girls are okay
Nobody cares
‘cause they should explain themselves anyway
They’re wasted
They’re drunk
They’re just insanely plain outta their mind
OI! OI! OI!
They’re horny
They’re dumped
They’re about the best shot they will ever find
OI! OI! OI!
But Andrew is no queer!
Andrew is no queer!
Thank God!
----------------------------------------------------------
Over iemand die niet homo is. Genaamd Andrew.
The Nobodys-stijl, I guess.
----------------------------------------------------------
Why Don’t You Like Me, Damnit?
Girls they tend to like me
they always stand beside me.
But one of them’s acting strange
I think she’s trying to derange
me. I hope she’s ordinary
but in fact she’s more than any
girl I’ve ever met before.
She is what I fucking live for.
And IIIIIIIII
keep asking myself
whyyyyyyy.
Why don’t you like me, damnit?
Why don’t you like me?
Is it because I’m ugly?
Is it because I’m not your type?
Is it because you hate me?
Is it because I’m not alright?
Is it because I don’t know how to say “I love you” in 236 languages?
Because I don’t.
And that’s too bad.
She takes me to another
level but I don’t bother,
I figured out the reason
to why she is so freezing
cold. She just won’t like me,
but never will despise me
since I do nothing wrong
thinkin’ ‘bout her all night long.
And IIIIIIIII
keep asking myself
whyyyyyyy.
Why don’t you like me, damnit?
Why don’t you like me?
Is it because I’m no fun?
Is it because I’m just a slob?
Is it because I’m undone?
Is it because I just don’t stop?
Is it because I don’t know which ingredients are in your favourite pasta dish?
Because I don’t.
And I don’t care.
I just think
you should be mine.
That’s why.
----------------------------------------------------------
Over Lien, en haar oninteresse in mij. Damn it.
Denk er iets alla The Movielife bij of zo.
WHAT'S THIS EMOTION? - poetae dictis
NOTA: Mei, vanaf 01/05/2008 tot 31/05/2008
----------------------------------------------------------
01/05/2008: ASCENSION/LABOUR EDITION
Ik ben aan te spreken als een heer, een man, een mens genaamd. Voldaan,
gezet, gebroken. Eigenschappen zonder enige referentie jegens mijn wezen,
wat ik werkelijk voorstel. Ik ben een oppervlakte, meetbaar en buigbaar,
maar ik ben invariabel. Ik ben een vlak, en gij kunt op uwe kop gaan staan.
02/05/2008:
Als echte graver van putten, holen, gaten, holtes, gatten, dieptes, ondieptes,
en andere aanhangers van het negatieve reliëf, en als maker van deksels en
dergelijke, zo gaat iedereen zijn pad tussendoor, zonder zich zorgen te verbeelden,
iedereen doorkruist, of springt desnoods over, de putten die gemaakt zijn.
03/05/2008:
Kapot, maar niet gebroken, wel gescheurd en scheurend, misschien bescheurd.
Zeker besmeurd, als dat kan, met zweet, of misschien met water met zeep.
Niks dat kan misgaan gaat misschien fout, maar is die fout dan niet misgegaan?
Mij kan het niets schelen, zolang de zon mijn goddelijk lichaam maar omhelst.
04/05/2008:
Ik krijg een tegoed terug, zonder bonneke, maar met veel liefde; en al.
Ik denk. En ik stop ermee, want alles is niet om over te denken. Genot.
Ik doe maar alsof, maar uiteindelijk werkt het echt en schrik ik ik schrik
wel even, terecht misschien. Prachtige paletten, kapitalen aan kleuren. En al.
05/05/2008:
Zeven à acht minuten duurde het, tot mijn zoete ogen zich konden openen,
en nog eens zoveel voor ik ergens gekomen geweest ben. Veel tijden die
voorbijgingen, nodeloos en jammerlijk, tedere tijden. Fijn en niet aan te raken.
Ik wilde iedereen laten zijn, laten doen, laten zien, maar dat gaat fout. Verzekers.
06/05/2008:
Als ge een aftocht moogtafblazen, waarom verwijten ze ons dan, wanneer wij eens
een optocht opblazen. Er is geen vergelijking en alles blijft hetzelfde, in rust.
Het is een kleine afwijking van de norm, maar als zelfs de norm al afwijkend is,
wat maakt het dan nog uit. Wij zijn van mening dat goud iedereen goed doet.
07/05/2008:
Suspensie, pretentie, vergankelijkheid, wie weet mij het te vertelle, Muze?
En Muze, mag ik u aanroepen? Mag ik iets vragen? Muze, ik zie uw fotografie!
Verbanden die ongewild gelegd worden maar een beetje vergeten tegelijk,
zoals verliefdheid ons uitbreidt, maar ons tegelijk vergeet, of niet ziet staan.
08/05/2008:
Een hevig verlangen naar 2 velden verder overmant mij, een overheersende
Schoonheid, het neo-platonisch ideaal, inclusief wind, haren en schone blik.
Zij is wat iedereen wil, maar niet iedereen krijgt. Allesbehalve lustobject,
een schoonheid omvat haar die liefde amfetaminetisch opwekt. Terecht.
09/05/2008:
Een veroorzakende zon, stralen van abormale grootte, zweet overal.
Als een golf spanning overal, een druppel die een emmer verbazing vol maakt.
De noten, tonen, oren, een perpetuele gratie van de digitale echtheid.
Ontlading van kop tot teen, achter naar voor: Beatissimus. Hot. Water. Music.
10/05/2008:
Zonder gezever, een grootst geluk en onevenaarbaar, niks deed me beter.
Ik kan sterven, en ik zal tevreden zijn, omdat ik gezien heb wat ik wilde,
omdat ik ervaard heb wat begeerd werd dat ik ervaarde. Ik heb alles
wat ik wil, dus het kan me niet schelen als ik het ineens kwijt speel.
11/05/2008:
Een ver te zoeken empathos, maar aanwezig. Mijn fysiek gedrag werd snel
een gedrang, met mensen om te gaan, door ze een afscheid te bieden,
iets waardig maar niet te veel. Gezellig maar niet te veel. Ik ben nu efkens
in orde, maar of dat blijft, is een gok. En gokken is niet echt gemakkelijk.
12/05/2008:
Door overvloedig wederkerige voornaamwoorden te gebruiken, laat ik, terecht,
mijn overvloedig wederkerige gevoelswoorden zien. Iets atypisch, onvoorspelbaar,
ne klop die ge nooit had verwacht, een greep die het verleden niet kan vasthouden
(noch door zwakte noch door tegenzin), maar iets tegelijk onmetelijk verregaand.
13/05/2008:
Als een paard bestegen, maar kapotgedraaid. Kapotgebroken. Kapotgezaaid.
Kapotgegaan. Kapotgelegen. Kapotvermaand. Kapotgekregen. In 2 stukken.
Uit. Één. Kapotgezeten. Kapotbestreken. Kapotgeketend. Kapotgekeken.
Van grimas tot glimlach in 2,15 seconden, doenbaar, doende en gedaan.
14/05/2008:
‘t Was schoon geweest, bleek genoeg geweest. Niks meer schoon, maar nederig.
Ondergaand, nedergehaald. Niet om goede bedoelingen. Een mentaliteits - eh -
changement. Of een vastzitten, een blijvensteken. Een debiele fase die ontweken
moet worden. Jammer voor ons, want ‘t is zo aanwezig als een nat grasdek.
15/05/2008:
Vertier was niet ver te zoeken. Zelfs als men onder een steen keek kon men
plezier vinden. In het leven, in het moment, in een andere dimensie. Overal, gelach.
Nooit slecht bedoeld, soms verkeerd verstaan, als bijtjes die rond je oren zoemen.
Alles blijft nog in orde, fijn zo, heus waar. Niets klapt ineen, niemand valt aan.
16/05/2008:
Elke seconde werd een twijfel, maar hij duurde nooit lang, elke minuut deed ertoe.
Als een bende, een groep, een hoopje met 1 uitsteekpunt dat we willen vormen
tot een team, een ploeg, een humain werktuig met steeds 1 hoogtepunt,
van waaruit Euler zelf de rechte mag kiezen. Zolang het maar geen lijnstuk wordt.
17/05/2008:
Moest ik in Frankrijk wonen, ik zocht onophoudelijk naar verbanden, relaties,
en ik zou ze vinden, zeker, maar ik zou ze niet kunnen vatten. Ik kan
zo hoog niet grijpen, ook al probeer ik te springen. Soms zitten zo’n dingen
in het innerlijk, en zonder dat geraakt ge niet ver. Zij is het onbereikte.
18/05/2008:
Een acht op een schaal van één tot tien in hoeverre ik mij niet druk maak,
niet om wat men ziet, noch hoort, maar vooral om wat men niet ziet.
Een acht en een half om te tonen dat ik slechts een beetje geef, om slechts
een beetje persoon, begin ik te denken. Een negen voor de eenzaamheid.
19/05/2008:
Op zoek naar een uiterlijk rust was ik, bleef ik steeds maar. Vermoeidheid had
geen betere toeslag kunnen wensen, een promotiedag. 1 leven voor de prijs van 2.
En of het eerlijk was, scheelde me niet, maar dat het heerlijk was, des te meer,
ik vond echter vooral, dat het, ondanks alle misgunsten, begeerlijk was.
20/05/2008:
Ofwel was er geen eind ofwel waren er veel te veel. Stopplaatsen bij elke weg
naar mijn hart, en een file wegens ongeluk recht voor die ene die ertoe doet.
Een changement de décor zal noodzakelijk zijn, bedenk ik, denk ik al lang,
maar het begiint te dringen en ik heb nog steeds geen ruimte ervoor vrij.
21/05/2008:
Half weggezakt in een droom die geen droom was, over een liefde,
die geen liefde is, met een individu, welke te verheven is, en een entiteit.
Een geheven hoop op verrijking, een vergeven hoop. Maar ik volhard,
met een knipoog naar mijn held, door een verbintenis met een taal.
22/05/2008:
Er is iets in mijn omgeving dat onbespreekbaar is, en erger, onbereikbaar, en erger;
onvergetelijk. Onverwaarloosbaar, op een dysfemistische manier uitgedrukt.
Waarom ben ik geen vanger in een graanveld? Waarom loop ik rond tot ik val,
tot ik val en er bij neerval, zonder opgevangen te worden. Ik moet mezelf vangen.
23/05/2008:
Een nood aan een personage in mijn leven dat cruciaal zal blijken, en dat nu al
doorslaggevend is in mijn gedrag. Een zoektocht naar net dat wat ik wil,
en ook al is het vrijwel onmogelijk, en ook al is het onbereikbaar, en zelfs al
is het te hoog gegrepen, dan… Ach zot, dan geef ik het misschien beter op.
24/05/2008:
Een slecht begin zonder eind leek het me in den beginne. Het werd positief
anders, verschillend en misschien zelfs beter, met een stilzwijgende afspraak
met mezelf dat ik stilzwijgend zou verlangen. Mijn ogen krijgen des te meer
te zien, wanneer ik er op let, en aan aandacht ervoor ontbreekt het me niet.
25/05/2008:
Niets te veel voor mij, bij voorbeeld een herhaling in een herhaling is gewoon
iets uniek. Een heel aantal la’s en re’s die eigenlijk nullen en vijfen zijn
opent mij een wereld, reeds ontdekt maar te beperkt. En zonder mogelijkheden
tot exploitatie blijf ik er alleen bij zitten. Aan de wereld: ‘t is min 10 graden nu.
26/05/2008:
Ik zit niet met een klein probleem; ‘t is iets psychisch, psuchusch zelfs, want het
raakt me, denk ik. Het is een tweestrijd tussen 2 krachten, een positieve
en een veeleer negatieve. Het is jammerlijk, want ik weet niet wat te doen,
niet hoe het te doen en ik weet niet hoe ik me een houding moet geven door hen.
27/05/2008:
Uiteindelijk sta ik er maar alleen voor, volgens een wetenschappelijke studie
bij 6,5 miljard mensen. Er was sprake van een syllogisme, waar bij de conclusio:
“individu = eenzaam” net iets meer nodig had dan 2 1stegraadsvergelijkingen.
Ik hoop een uitkomst 0 gelijk aan 0, zodat alles vals blijt, zonder enige implicatie.
28/05/2008:
Een afgeleide brengt me in hogere sferen van afleiding, iets anders dan dat
wat ik zou moeten voltooien. Soms om het amusement, soms om de
noodzaak, soms om de afleiding op zich. Vooral om met mijn gedachten
vanalles te verzetten. Ik ben niet echt machtig maar ik denk van wel.
29/05/2008:
Het verzet geeft nooit op, en ook niet als het zich tegen het origineel keert.
Wij zijn wel echte mannen, jongens als het u blieft, maar krachtig genoeg en
verliefd genoeg. Capabel tot grote dingen van geen enkel belang, bereid tot
lachen, plezier maken en hersenmoorden. Het ondergaan doet ons niets.
30/05/2008:
Dood en quasi vermoord, noch in materie noch in achterliggende theorie
door mijn ganse omgeving, een bende hoopjes -maar loos van hoop- achter mij.
Slechts 1 begeerte en verder niets, en nog steeds lijd ik eronder. Ik zoek geen
eeuwige rust en ik wil mijn verlangen niet uiten. Ik wil haar als verlangen hebben.
31/05/2008:
Te veel variatie komt mij amper ten goede, verzoekende doch vergezochte
mensen komen mij tegemoet voor samenspraak, over de mensheid, maar dat is
onbewust. Perpetueel geluk is voor ons ook maar temporain, maar wie klaagt?
Ze zijn ervan minderbewust, wonderbewust dat ze alles kunnen hebben.
----------------------------------------------------------
01/05/2008: ASCENSION/LABOUR EDITION
Ik ben aan te spreken als een heer, een man, een mens genaamd. Voldaan,
gezet, gebroken. Eigenschappen zonder enige referentie jegens mijn wezen,
wat ik werkelijk voorstel. Ik ben een oppervlakte, meetbaar en buigbaar,
maar ik ben invariabel. Ik ben een vlak, en gij kunt op uwe kop gaan staan.
02/05/2008:
Als echte graver van putten, holen, gaten, holtes, gatten, dieptes, ondieptes,
en andere aanhangers van het negatieve reliëf, en als maker van deksels en
dergelijke, zo gaat iedereen zijn pad tussendoor, zonder zich zorgen te verbeelden,
iedereen doorkruist, of springt desnoods over, de putten die gemaakt zijn.
03/05/2008:
Kapot, maar niet gebroken, wel gescheurd en scheurend, misschien bescheurd.
Zeker besmeurd, als dat kan, met zweet, of misschien met water met zeep.
Niks dat kan misgaan gaat misschien fout, maar is die fout dan niet misgegaan?
Mij kan het niets schelen, zolang de zon mijn goddelijk lichaam maar omhelst.
04/05/2008:
Ik krijg een tegoed terug, zonder bonneke, maar met veel liefde; en al.
Ik denk. En ik stop ermee, want alles is niet om over te denken. Genot.
Ik doe maar alsof, maar uiteindelijk werkt het echt en schrik ik ik schrik
wel even, terecht misschien. Prachtige paletten, kapitalen aan kleuren. En al.
05/05/2008:
Zeven à acht minuten duurde het, tot mijn zoete ogen zich konden openen,
en nog eens zoveel voor ik ergens gekomen geweest ben. Veel tijden die
voorbijgingen, nodeloos en jammerlijk, tedere tijden. Fijn en niet aan te raken.
Ik wilde iedereen laten zijn, laten doen, laten zien, maar dat gaat fout. Verzekers.
06/05/2008:
Als ge een aftocht moogtafblazen, waarom verwijten ze ons dan, wanneer wij eens
een optocht opblazen. Er is geen vergelijking en alles blijft hetzelfde, in rust.
Het is een kleine afwijking van de norm, maar als zelfs de norm al afwijkend is,
wat maakt het dan nog uit. Wij zijn van mening dat goud iedereen goed doet.
07/05/2008:
Suspensie, pretentie, vergankelijkheid, wie weet mij het te vertelle, Muze?
En Muze, mag ik u aanroepen? Mag ik iets vragen? Muze, ik zie uw fotografie!
Verbanden die ongewild gelegd worden maar een beetje vergeten tegelijk,
zoals verliefdheid ons uitbreidt, maar ons tegelijk vergeet, of niet ziet staan.
08/05/2008:
Een hevig verlangen naar 2 velden verder overmant mij, een overheersende
Schoonheid, het neo-platonisch ideaal, inclusief wind, haren en schone blik.
Zij is wat iedereen wil, maar niet iedereen krijgt. Allesbehalve lustobject,
een schoonheid omvat haar die liefde amfetaminetisch opwekt. Terecht.
09/05/2008:
Een veroorzakende zon, stralen van abormale grootte, zweet overal.
Als een golf spanning overal, een druppel die een emmer verbazing vol maakt.
De noten, tonen, oren, een perpetuele gratie van de digitale echtheid.
Ontlading van kop tot teen, achter naar voor: Beatissimus. Hot. Water. Music.
10/05/2008:
Zonder gezever, een grootst geluk en onevenaarbaar, niks deed me beter.
Ik kan sterven, en ik zal tevreden zijn, omdat ik gezien heb wat ik wilde,
omdat ik ervaard heb wat begeerd werd dat ik ervaarde. Ik heb alles
wat ik wil, dus het kan me niet schelen als ik het ineens kwijt speel.
11/05/2008:
Een ver te zoeken empathos, maar aanwezig. Mijn fysiek gedrag werd snel
een gedrang, met mensen om te gaan, door ze een afscheid te bieden,
iets waardig maar niet te veel. Gezellig maar niet te veel. Ik ben nu efkens
in orde, maar of dat blijft, is een gok. En gokken is niet echt gemakkelijk.
12/05/2008:
Door overvloedig wederkerige voornaamwoorden te gebruiken, laat ik, terecht,
mijn overvloedig wederkerige gevoelswoorden zien. Iets atypisch, onvoorspelbaar,
ne klop die ge nooit had verwacht, een greep die het verleden niet kan vasthouden
(noch door zwakte noch door tegenzin), maar iets tegelijk onmetelijk verregaand.
13/05/2008:
Als een paard bestegen, maar kapotgedraaid. Kapotgebroken. Kapotgezaaid.
Kapotgegaan. Kapotgelegen. Kapotvermaand. Kapotgekregen. In 2 stukken.
Uit. Één. Kapotgezeten. Kapotbestreken. Kapotgeketend. Kapotgekeken.
Van grimas tot glimlach in 2,15 seconden, doenbaar, doende en gedaan.
14/05/2008:
‘t Was schoon geweest, bleek genoeg geweest. Niks meer schoon, maar nederig.
Ondergaand, nedergehaald. Niet om goede bedoelingen. Een mentaliteits - eh -
changement. Of een vastzitten, een blijvensteken. Een debiele fase die ontweken
moet worden. Jammer voor ons, want ‘t is zo aanwezig als een nat grasdek.
15/05/2008:
Vertier was niet ver te zoeken. Zelfs als men onder een steen keek kon men
plezier vinden. In het leven, in het moment, in een andere dimensie. Overal, gelach.
Nooit slecht bedoeld, soms verkeerd verstaan, als bijtjes die rond je oren zoemen.
Alles blijft nog in orde, fijn zo, heus waar. Niets klapt ineen, niemand valt aan.
16/05/2008:
Elke seconde werd een twijfel, maar hij duurde nooit lang, elke minuut deed ertoe.
Als een bende, een groep, een hoopje met 1 uitsteekpunt dat we willen vormen
tot een team, een ploeg, een humain werktuig met steeds 1 hoogtepunt,
van waaruit Euler zelf de rechte mag kiezen. Zolang het maar geen lijnstuk wordt.
17/05/2008:
Moest ik in Frankrijk wonen, ik zocht onophoudelijk naar verbanden, relaties,
en ik zou ze vinden, zeker, maar ik zou ze niet kunnen vatten. Ik kan
zo hoog niet grijpen, ook al probeer ik te springen. Soms zitten zo’n dingen
in het innerlijk, en zonder dat geraakt ge niet ver. Zij is het onbereikte.
18/05/2008:
Een acht op een schaal van één tot tien in hoeverre ik mij niet druk maak,
niet om wat men ziet, noch hoort, maar vooral om wat men niet ziet.
Een acht en een half om te tonen dat ik slechts een beetje geef, om slechts
een beetje persoon, begin ik te denken. Een negen voor de eenzaamheid.
19/05/2008:
Op zoek naar een uiterlijk rust was ik, bleef ik steeds maar. Vermoeidheid had
geen betere toeslag kunnen wensen, een promotiedag. 1 leven voor de prijs van 2.
En of het eerlijk was, scheelde me niet, maar dat het heerlijk was, des te meer,
ik vond echter vooral, dat het, ondanks alle misgunsten, begeerlijk was.
20/05/2008:
Ofwel was er geen eind ofwel waren er veel te veel. Stopplaatsen bij elke weg
naar mijn hart, en een file wegens ongeluk recht voor die ene die ertoe doet.
Een changement de décor zal noodzakelijk zijn, bedenk ik, denk ik al lang,
maar het begiint te dringen en ik heb nog steeds geen ruimte ervoor vrij.
21/05/2008:
Half weggezakt in een droom die geen droom was, over een liefde,
die geen liefde is, met een individu, welke te verheven is, en een entiteit.
Een geheven hoop op verrijking, een vergeven hoop. Maar ik volhard,
met een knipoog naar mijn held, door een verbintenis met een taal.
22/05/2008:
Er is iets in mijn omgeving dat onbespreekbaar is, en erger, onbereikbaar, en erger;
onvergetelijk. Onverwaarloosbaar, op een dysfemistische manier uitgedrukt.
Waarom ben ik geen vanger in een graanveld? Waarom loop ik rond tot ik val,
tot ik val en er bij neerval, zonder opgevangen te worden. Ik moet mezelf vangen.
23/05/2008:
Een nood aan een personage in mijn leven dat cruciaal zal blijken, en dat nu al
doorslaggevend is in mijn gedrag. Een zoektocht naar net dat wat ik wil,
en ook al is het vrijwel onmogelijk, en ook al is het onbereikbaar, en zelfs al
is het te hoog gegrepen, dan… Ach zot, dan geef ik het misschien beter op.
24/05/2008:
Een slecht begin zonder eind leek het me in den beginne. Het werd positief
anders, verschillend en misschien zelfs beter, met een stilzwijgende afspraak
met mezelf dat ik stilzwijgend zou verlangen. Mijn ogen krijgen des te meer
te zien, wanneer ik er op let, en aan aandacht ervoor ontbreekt het me niet.
25/05/2008:
Niets te veel voor mij, bij voorbeeld een herhaling in een herhaling is gewoon
iets uniek. Een heel aantal la’s en re’s die eigenlijk nullen en vijfen zijn
opent mij een wereld, reeds ontdekt maar te beperkt. En zonder mogelijkheden
tot exploitatie blijf ik er alleen bij zitten. Aan de wereld: ‘t is min 10 graden nu.
26/05/2008:
Ik zit niet met een klein probleem; ‘t is iets psychisch, psuchusch zelfs, want het
raakt me, denk ik. Het is een tweestrijd tussen 2 krachten, een positieve
en een veeleer negatieve. Het is jammerlijk, want ik weet niet wat te doen,
niet hoe het te doen en ik weet niet hoe ik me een houding moet geven door hen.
27/05/2008:
Uiteindelijk sta ik er maar alleen voor, volgens een wetenschappelijke studie
bij 6,5 miljard mensen. Er was sprake van een syllogisme, waar bij de conclusio:
“individu = eenzaam” net iets meer nodig had dan 2 1stegraadsvergelijkingen.
Ik hoop een uitkomst 0 gelijk aan 0, zodat alles vals blijt, zonder enige implicatie.
28/05/2008:
Een afgeleide brengt me in hogere sferen van afleiding, iets anders dan dat
wat ik zou moeten voltooien. Soms om het amusement, soms om de
noodzaak, soms om de afleiding op zich. Vooral om met mijn gedachten
vanalles te verzetten. Ik ben niet echt machtig maar ik denk van wel.
29/05/2008:
Het verzet geeft nooit op, en ook niet als het zich tegen het origineel keert.
Wij zijn wel echte mannen, jongens als het u blieft, maar krachtig genoeg en
verliefd genoeg. Capabel tot grote dingen van geen enkel belang, bereid tot
lachen, plezier maken en hersenmoorden. Het ondergaan doet ons niets.
30/05/2008:
Dood en quasi vermoord, noch in materie noch in achterliggende theorie
door mijn ganse omgeving, een bende hoopjes -maar loos van hoop- achter mij.
Slechts 1 begeerte en verder niets, en nog steeds lijd ik eronder. Ik zoek geen
eeuwige rust en ik wil mijn verlangen niet uiten. Ik wil haar als verlangen hebben.
31/05/2008:
Te veel variatie komt mij amper ten goede, verzoekende doch vergezochte
mensen komen mij tegemoet voor samenspraak, over de mensheid, maar dat is
onbewust. Perpetueel geluk is voor ons ook maar temporain, maar wie klaagt?
Ze zijn ervan minderbewust, wonderbewust dat ze alles kunnen hebben.
04-05-2008
WHAT'S THIS EMOTION - poetae dictis
NOTA: April, vanaf 01/04/2008 tot 30/04/2008
----------------------------------------------------------
01/04/2008: FOOLS EDITION
Ik zit vast, genageld, gespijkerd, vooral gebonden door een arsenaal aan draad.
Koorden, knopen, zakskes die mij omsingelen, god weet waarom. Ik ook.
Ik ben graag content, indien mogelijk, en als alles goed loopt. Eén of twee
of drie keer storingen in het netwerk, god weet waarom. Ik niet echt.
02/04/2008:
Verheugd als een kantoorbediende om 5 uur ‘s namiddags, wanneer het werk
wordt afgeblazen. Zo ook blaas ik af, mijn wanhoop. Ik word tevreden.
Ik word gesteld. Ik wist van niks meer, misschien was ik van de wereld.
In één of andere andere dimensie, een derde bijvoorbeeld, verstopt voor niks.
03/04/2008:
Wij zijn Franken, en momenteel zijn wij in gevecht, een oorlog van reeds 4 dagen,
en hij blijft gaan. We zijn aan de verliezende hand, maar de heil is nabij.
Wij zullen worden bijgestaan door een volk, zo schoon en zo machtig,
zo helend, het zal ons een droom zijn, een droom vol, en vol deugd.
04/04/2008:
Blijven wat je bezig bent te zijn en dan nog worden wat je bezig bent te willen
eventueel verdienen wat je bezig bent te krijgen en en passant vergelijken.
Een eerste liefde die terugkomt op het eerste gezicht. Desalniettemin
op het tweede zicht ben je terug niet te spreken. Tegenslagen in mijn gelaat.
05/04/2008:
Verlossingen, één voor één voor nog één en dan nog één. Tot alles zowat
weg. Zodat alles weg is. Maar altijd, steevast blijft iets hangen, in mijn hoofd
zowel als in mijn buik, als rupsen die vlinders willen worden, maar daarvoor
te weinig stof hebben. Te weinig weerstof. Het idee is er nog steeds.
06/04/2008:
Soms wil ik weg, maar noch gebonden, noch gedwongen, ik blijf liggen.
Omdat ik dat kan, ik heb keuzes -misschien te weinig soms. Ik lig
met graagte. Geen problematici, neen, alles dat in orde komt is alles.
Zolang de tijd loopt kan ik erdoor, geen barrière van stilte houdt mij tegen.
07/04/2008:
Tijdsverschillen bestaan niet meer, een interesse ervoor is verdwenen,
samen met een zekere hulpeloosheid. Ik zou vechten voor wat ik wil,
maar in die plaats krijg ik een schoot, waar men nutteloze gedachtes
in gooit, alsof het een picknickmand was waar iedereen van kon genieten.
08/04/2008:
Het licht aan het eind van de tunnel bleek uiteindelijk niets meer dan
een gloeilamp, die reeds een jaar lang 3 uur per dag brandde, jammer,
maar nodig. Af en toe een flikkering houdt me scherp, zo scherp als alles
wat me stoort. Hetgeen gebeuren kan als ge nen echte man zijt.
09/04/2008:
Een niets dat me omringd, en dat soms wordt doorboord, met tegenzin
langs beide kanten. Het is een gebaar dat telt. Gebaren kunnen en effet
wel tellen in deze situatie. Een kleine voorsprong heb ik al, maar ik moet,
ik moet hem behouden. Zorgen dat ik niets meer verlies, dat ik win.
10/04/2008:
Verschillende psychologische weeën randen mij aan, en ik heb er geen idee van,
ik weet van geen duidelijkheid, eenduidigheid of gelijkheid. Ik stel geen plannen op.
Ik denk nergens meer aan en vergeet zelfs wat er gebeurd is, ik wil het zo.
Misschien moet ik terugkeren naar hoop, maar dat levert weinig op meestal.
11/04/2008:
Als koorden die me vasthielden, me vastknelden, en die werden weggehaald,
als een druk die even stopt en plaats maakt voor geluk; druk geluk.
Alsof ik kon opspringen en dansen en huppelen, en eventueel omarmen
en denken, ik heb jullie gemist, maar ik ga het nog steeds doen, tevens.
12/04/2008:
Een uitbraak van geestelijke invoer, te veel te vroeg, maar niemand die daarom maalt,
niemand die ook maar enigszins blijk geeft van twijfel. Een blij gezicht of 2, 3.
Misschien 4, met moeite te tellen. Alles lijkt een beetje nieuw, pas gekocht,
een beetje alsof het met schuurpapier gepoetst is en gepolijst en proper gemaakt.
13/04/2008:
Een rustig draaien en keren, een moeizaam bezigzijn, een uiterst fijn bestaan.
Een nadenken over de passages die langskomen, een verdenken van niemand,
ik wil niets weten maar het is wel nodig, een foutloos probleem, denk ik,
hetgeen niet op te lossen valt met letters noch brieven noch boeken.
14/04/2008:
Een verstoord ritme van halve tellen gedurende een hele, net geen 2.
Het gaat om koetjes, kalfjes, maar ook lammetjes en zelf vogelbekdiertjes
want niets is niet belangrijk in ons stelsel, stelselmatig blijkt alles
hetzelfde te zijn, enkel en alleen omdat wij geen verschil zien kunnen.
15/04/2008:
Geen messen hedendaags, geen wapens want die zijn verboden, en geen geluid.
Wij zijn stil en gerustig, volgens de wet moet dat, volgens de sinjoren echter
niet meer. Geschreeuw zou de mijne moeten zijn, maar dat is niet nodig
ik ben echt, nog een der weinigen, ik ben hard en wil niet ten laste zijn.
16/04/2008:
Frequentieel, plus minus 138 keer van de 1440, een oprisping, meermaals.
Serieus was het, een vijl die langzaam de korsten eraf pulkt, zonder probleem.
Gewoon een vervelende kwestie die zich eenmalig meermaals voordoet,
met een schitterende kwelling die niets zeggen wilt, geen woord komt eruit.
17/04/2008:
Geleidelijk gaat alles. Een hele stap vooruit voor de mensheid, dat ben ik.
Vooral ik, want ook anderen ondervindeneen soortgelijk, vaak erger nog,
tegenslag, een pijn als het ware, een ziekte aan een of meerdere bestanden
of bestanddelen van het lichaam. God weet waarom, en hij zegene hen.
18/04/2008:
Ik ervaar een integraal absolutisme voor mijn eigen goeddunken, ach ja,
zo sprak ene, en niemand wist wat er precies gaande was, maar het was goed.
Content, tevreden, blij, gerust en gesteld, opgelucht zou ik durven zeggen.
En moest men er nu een drama van maken, het werd ze kwalijk genomen.
19/04/2008:
Een inslag doet zijn intrede en ik ben in de war geraakt door vele gevallen,
vervelende voorvallen en derende deadlines. Ik mocht niet rusten maar
het was wel nodig. Ik durfde, ik kon niet anders. Geen andere manier,
geen wijze om naar voren te treden, na verloop van toch een behoorlijke tijd.
20/04/2008:
Kleine, haast en bijna vergeten attenties, aandachtjes van onverwachten
ze doen deugd en goed en het is fijn dat ze zo zijn. Alles is fijn wat is.
Werkelijk een handeling die nooit werd weerhouden, tot voor kort,
maar nu werkt werkelijk heel het systeem weder zoals het hoort te werken.
21/04/2008:
Spanning zonder erotiek, het lijkt onmogelijk, het blijkt te doen, goed te doen.
Ik blijf vertwijfeld en een beetje angstig om wat komen gaat, wat geweest is
zelfs, omdat alles terug een nieuwe outfit draagt, en ik hang erachteraan.
Ik ben gedreven door wellust, maar ik ben na het minste gedoe: een wrak.
22/04/2008:
Een strijd die minder doet aan mij dan aan anderen, de hel, de hemelen,
er woedt iets in mij en het is nog bezig, maar het kan me niet schelen denk ik,
ik wil ik voort, verder op een lijn, hetzij een kromme, hetzij een gebogen.
Wat niet lukt laat ik achterwege, ik doe eigenlijk gewoon mijn zin mijns inziens.
23/04/2008:
En niemand geeft, en omdat niemand geeft, loopt het zo goed, dit is goed.
Het verhaal van mijn leven begint nergens te laat, net op tijd en ik volg het stipt,
soms een beetje te vroeg. Straling vanuit ergens buitenaf, recht in mijn bestaan,
het komt recht op ons af, we kunnen het niet doden, dus we ontvangen het.
24/04/2008:
Een teveel een toestromen langs vele -niet alle- kanten recht op ons.
We zijn een entiteit, wij worden door een enkele overheid eenheid bestookt,
en jammerlijk zijn wij niet in staat terug te vechten. Geen communicatie.
Geen werking van eender welk intervariabel mechanisme, of dergelijk.
25/04/2008:
Ik kan toch moeilijk leven met een soms te genoeg en soms te weinig, want
ik heb liever te veel, in overvloed. Niet zelf-gecentreerd, of “egocentrisch”,
maar puur uit noodzaak. Puur om de noodzaak. Soms te veel moet,
soms moet ik verder overleven, soms moet ik afzien, soms moet ik niks.
26/04/2008:
Vertederend was het, zoals gedeeltelijk voorspeld, maar beter, ‘t wordt beter,
‘t wordt warmer, heter, beter, gezelliger. Comparatieven ontbreken nergens.
Gezamelijker. Contenter dat we nog eens weg zijn uit de sleur. Gebrekkiger.
Verlegener om iets te zeggen dan tevoren. En minder gelukkiger door u.
27/04/2008:
Ongebruikte dozen, leeg en zonder ook maar één artikel te bevatten, worden
opgestapeld, tot enkele meters hoog. Niet platgedrukt, niet opgevouwen,
want dat kost moeite, en moeite hebben wij niet. Niet platgeregend,
want dat kost ons zon, en zon houden wij liever voor onszelf, erg lang.
28/04/2008:
Mijn moleculen bewegen traag, soms, heel soms botsen ze, energie-toevoer.
Energie-afvoer, een slot, tegen mijn wil voor actie, geweld en vochtige bodems,
ik ben voor jullie, ervoor, maar ik vind u niet tof, noch aangenaam om bij te zijn.
Een spijtige zaak, ik ben een elite, een delicatesse, ik sta ver boven de meesten.
29/04/2008:
De basis van de omgeving ligt aan een basisch milieu, zacht en ongezwonden,
zoals een lelie die net uit het water rijkt, te kort voor overwoekering,
te lang om zich te verbergen. Wat we allemaal zouden willen, verbergen,
ons, in hoekjes, steegjes, donkerte, duisternis, en dan plots een straal licht.
30/04/2008:
Een uit de kast gekomen kerel, recht voor mij, rug gekeerd, hoofd gedraaid.
Ik zou volgen moeten, om mee te zijn, om te kunnen zijn wat ik wil.
Men zou plukken moeten, bloemekes en grassprietjes, en ruiken moeten.
Ieder voor zich zou kijken moeten, naar anderen vooral, en naar beneden.
----------------------------------------------------------
01/04/2008: FOOLS EDITION
Ik zit vast, genageld, gespijkerd, vooral gebonden door een arsenaal aan draad.
Koorden, knopen, zakskes die mij omsingelen, god weet waarom. Ik ook.
Ik ben graag content, indien mogelijk, en als alles goed loopt. Eén of twee
of drie keer storingen in het netwerk, god weet waarom. Ik niet echt.
02/04/2008:
Verheugd als een kantoorbediende om 5 uur ‘s namiddags, wanneer het werk
wordt afgeblazen. Zo ook blaas ik af, mijn wanhoop. Ik word tevreden.
Ik word gesteld. Ik wist van niks meer, misschien was ik van de wereld.
In één of andere andere dimensie, een derde bijvoorbeeld, verstopt voor niks.
03/04/2008:
Wij zijn Franken, en momenteel zijn wij in gevecht, een oorlog van reeds 4 dagen,
en hij blijft gaan. We zijn aan de verliezende hand, maar de heil is nabij.
Wij zullen worden bijgestaan door een volk, zo schoon en zo machtig,
zo helend, het zal ons een droom zijn, een droom vol, en vol deugd.
04/04/2008:
Blijven wat je bezig bent te zijn en dan nog worden wat je bezig bent te willen
eventueel verdienen wat je bezig bent te krijgen en en passant vergelijken.
Een eerste liefde die terugkomt op het eerste gezicht. Desalniettemin
op het tweede zicht ben je terug niet te spreken. Tegenslagen in mijn gelaat.
05/04/2008:
Verlossingen, één voor één voor nog één en dan nog één. Tot alles zowat
weg. Zodat alles weg is. Maar altijd, steevast blijft iets hangen, in mijn hoofd
zowel als in mijn buik, als rupsen die vlinders willen worden, maar daarvoor
te weinig stof hebben. Te weinig weerstof. Het idee is er nog steeds.
06/04/2008:
Soms wil ik weg, maar noch gebonden, noch gedwongen, ik blijf liggen.
Omdat ik dat kan, ik heb keuzes -misschien te weinig soms. Ik lig
met graagte. Geen problematici, neen, alles dat in orde komt is alles.
Zolang de tijd loopt kan ik erdoor, geen barrière van stilte houdt mij tegen.
07/04/2008:
Tijdsverschillen bestaan niet meer, een interesse ervoor is verdwenen,
samen met een zekere hulpeloosheid. Ik zou vechten voor wat ik wil,
maar in die plaats krijg ik een schoot, waar men nutteloze gedachtes
in gooit, alsof het een picknickmand was waar iedereen van kon genieten.
08/04/2008:
Het licht aan het eind van de tunnel bleek uiteindelijk niets meer dan
een gloeilamp, die reeds een jaar lang 3 uur per dag brandde, jammer,
maar nodig. Af en toe een flikkering houdt me scherp, zo scherp als alles
wat me stoort. Hetgeen gebeuren kan als ge nen echte man zijt.
09/04/2008:
Een niets dat me omringd, en dat soms wordt doorboord, met tegenzin
langs beide kanten. Het is een gebaar dat telt. Gebaren kunnen en effet
wel tellen in deze situatie. Een kleine voorsprong heb ik al, maar ik moet,
ik moet hem behouden. Zorgen dat ik niets meer verlies, dat ik win.
10/04/2008:
Verschillende psychologische weeën randen mij aan, en ik heb er geen idee van,
ik weet van geen duidelijkheid, eenduidigheid of gelijkheid. Ik stel geen plannen op.
Ik denk nergens meer aan en vergeet zelfs wat er gebeurd is, ik wil het zo.
Misschien moet ik terugkeren naar hoop, maar dat levert weinig op meestal.
11/04/2008:
Als koorden die me vasthielden, me vastknelden, en die werden weggehaald,
als een druk die even stopt en plaats maakt voor geluk; druk geluk.
Alsof ik kon opspringen en dansen en huppelen, en eventueel omarmen
en denken, ik heb jullie gemist, maar ik ga het nog steeds doen, tevens.
12/04/2008:
Een uitbraak van geestelijke invoer, te veel te vroeg, maar niemand die daarom maalt,
niemand die ook maar enigszins blijk geeft van twijfel. Een blij gezicht of 2, 3.
Misschien 4, met moeite te tellen. Alles lijkt een beetje nieuw, pas gekocht,
een beetje alsof het met schuurpapier gepoetst is en gepolijst en proper gemaakt.
13/04/2008:
Een rustig draaien en keren, een moeizaam bezigzijn, een uiterst fijn bestaan.
Een nadenken over de passages die langskomen, een verdenken van niemand,
ik wil niets weten maar het is wel nodig, een foutloos probleem, denk ik,
hetgeen niet op te lossen valt met letters noch brieven noch boeken.
14/04/2008:
Een verstoord ritme van halve tellen gedurende een hele, net geen 2.
Het gaat om koetjes, kalfjes, maar ook lammetjes en zelf vogelbekdiertjes
want niets is niet belangrijk in ons stelsel, stelselmatig blijkt alles
hetzelfde te zijn, enkel en alleen omdat wij geen verschil zien kunnen.
15/04/2008:
Geen messen hedendaags, geen wapens want die zijn verboden, en geen geluid.
Wij zijn stil en gerustig, volgens de wet moet dat, volgens de sinjoren echter
niet meer. Geschreeuw zou de mijne moeten zijn, maar dat is niet nodig
ik ben echt, nog een der weinigen, ik ben hard en wil niet ten laste zijn.
16/04/2008:
Frequentieel, plus minus 138 keer van de 1440, een oprisping, meermaals.
Serieus was het, een vijl die langzaam de korsten eraf pulkt, zonder probleem.
Gewoon een vervelende kwestie die zich eenmalig meermaals voordoet,
met een schitterende kwelling die niets zeggen wilt, geen woord komt eruit.
17/04/2008:
Geleidelijk gaat alles. Een hele stap vooruit voor de mensheid, dat ben ik.
Vooral ik, want ook anderen ondervindeneen soortgelijk, vaak erger nog,
tegenslag, een pijn als het ware, een ziekte aan een of meerdere bestanden
of bestanddelen van het lichaam. God weet waarom, en hij zegene hen.
18/04/2008:
Ik ervaar een integraal absolutisme voor mijn eigen goeddunken, ach ja,
zo sprak ene, en niemand wist wat er precies gaande was, maar het was goed.
Content, tevreden, blij, gerust en gesteld, opgelucht zou ik durven zeggen.
En moest men er nu een drama van maken, het werd ze kwalijk genomen.
19/04/2008:
Een inslag doet zijn intrede en ik ben in de war geraakt door vele gevallen,
vervelende voorvallen en derende deadlines. Ik mocht niet rusten maar
het was wel nodig. Ik durfde, ik kon niet anders. Geen andere manier,
geen wijze om naar voren te treden, na verloop van toch een behoorlijke tijd.
20/04/2008:
Kleine, haast en bijna vergeten attenties, aandachtjes van onverwachten
ze doen deugd en goed en het is fijn dat ze zo zijn. Alles is fijn wat is.
Werkelijk een handeling die nooit werd weerhouden, tot voor kort,
maar nu werkt werkelijk heel het systeem weder zoals het hoort te werken.
21/04/2008:
Spanning zonder erotiek, het lijkt onmogelijk, het blijkt te doen, goed te doen.
Ik blijf vertwijfeld en een beetje angstig om wat komen gaat, wat geweest is
zelfs, omdat alles terug een nieuwe outfit draagt, en ik hang erachteraan.
Ik ben gedreven door wellust, maar ik ben na het minste gedoe: een wrak.
22/04/2008:
Een strijd die minder doet aan mij dan aan anderen, de hel, de hemelen,
er woedt iets in mij en het is nog bezig, maar het kan me niet schelen denk ik,
ik wil ik voort, verder op een lijn, hetzij een kromme, hetzij een gebogen.
Wat niet lukt laat ik achterwege, ik doe eigenlijk gewoon mijn zin mijns inziens.
23/04/2008:
En niemand geeft, en omdat niemand geeft, loopt het zo goed, dit is goed.
Het verhaal van mijn leven begint nergens te laat, net op tijd en ik volg het stipt,
soms een beetje te vroeg. Straling vanuit ergens buitenaf, recht in mijn bestaan,
het komt recht op ons af, we kunnen het niet doden, dus we ontvangen het.
24/04/2008:
Een teveel een toestromen langs vele -niet alle- kanten recht op ons.
We zijn een entiteit, wij worden door een enkele overheid eenheid bestookt,
en jammerlijk zijn wij niet in staat terug te vechten. Geen communicatie.
Geen werking van eender welk intervariabel mechanisme, of dergelijk.
25/04/2008:
Ik kan toch moeilijk leven met een soms te genoeg en soms te weinig, want
ik heb liever te veel, in overvloed. Niet zelf-gecentreerd, of “egocentrisch”,
maar puur uit noodzaak. Puur om de noodzaak. Soms te veel moet,
soms moet ik verder overleven, soms moet ik afzien, soms moet ik niks.
26/04/2008:
Vertederend was het, zoals gedeeltelijk voorspeld, maar beter, ‘t wordt beter,
‘t wordt warmer, heter, beter, gezelliger. Comparatieven ontbreken nergens.
Gezamelijker. Contenter dat we nog eens weg zijn uit de sleur. Gebrekkiger.
Verlegener om iets te zeggen dan tevoren. En minder gelukkiger door u.
27/04/2008:
Ongebruikte dozen, leeg en zonder ook maar één artikel te bevatten, worden
opgestapeld, tot enkele meters hoog. Niet platgedrukt, niet opgevouwen,
want dat kost moeite, en moeite hebben wij niet. Niet platgeregend,
want dat kost ons zon, en zon houden wij liever voor onszelf, erg lang.
28/04/2008:
Mijn moleculen bewegen traag, soms, heel soms botsen ze, energie-toevoer.
Energie-afvoer, een slot, tegen mijn wil voor actie, geweld en vochtige bodems,
ik ben voor jullie, ervoor, maar ik vind u niet tof, noch aangenaam om bij te zijn.
Een spijtige zaak, ik ben een elite, een delicatesse, ik sta ver boven de meesten.
29/04/2008:
De basis van de omgeving ligt aan een basisch milieu, zacht en ongezwonden,
zoals een lelie die net uit het water rijkt, te kort voor overwoekering,
te lang om zich te verbergen. Wat we allemaal zouden willen, verbergen,
ons, in hoekjes, steegjes, donkerte, duisternis, en dan plots een straal licht.
30/04/2008:
Een uit de kast gekomen kerel, recht voor mij, rug gekeerd, hoofd gedraaid.
Ik zou volgen moeten, om mee te zijn, om te kunnen zijn wat ik wil.
Men zou plukken moeten, bloemekes en grassprietjes, en ruiken moeten.
Ieder voor zich zou kijken moeten, naar anderen vooral, en naar beneden.
16-04-2008
WHAT’S THIS EMOTION? - poetae dictis
NOTA: Maart, vanaf 01/03/2008 tot 31/03/2008
----------------------------------------------------------
01/03/2008:
Amai een geluid dat verder doortrilt dan tot in uw Eustachius buis want amai
ge voelt het zinderen in uw pezen die niets anders dan bewegen en spasmatischen
vertonen omdat alles en iedereen u niet meer boeien noch schelen kan en omdat
alles voluit geven nu ook weer niet alles is maar gewoon uiterst veel zeiden ze.
02/03/2008:
De ooh’s en aah’s van elke kant omsluiten me in het midden van het gezang,
mijn lichaam splijt in twee maar mijn geest heeft slechts één gebeurtenis,
en slechts één kans erop. Het leven is slechts een lichte vorm van roze, echter
wat erachter zit, uw bestaan, is feller gekleurd dan de wangen van mijn geliefde.
03/03/2008:
Er bestaat niet veel meer in deze wereld; geen smart om te geven, geen hoop
om te hebben, geen leven om te verdienen, geen ideeën meer om te verzetten.
Nood aan uiting van een oorzaak door middel van bewegingstoestand
in de verandering die niet meer of minder dan de norm volgt of volgen zou.
04/03/2008:
Hoe vriendelijk en attent zou het zijn moest iedereen voor een enkel moment
gedachteloos maar doordacht zijn ongelóóflijke ideeën die net buiten het kader
van de norm afstappen, eens feilloos verwijderen van de buitenwereld en gewoon
als eerste stap een nadenken toepassen zonder de declaratie? A.D.M.C.L.C.S.V.P.
05/03/2008:
Specialiteiten der voorouders turbuleren hevig de wanorde in mijn dagelijkse dag,
zoals een kou front botst met een warm front en mijn sinus laat verdrinken.
Veel voorgebeeld door achtergestelde voorgangers, of alternatief genoemd,
naar mijn vocabularium gericht, de mensheid, de val ervan en de mislukte roem.
06/02/2008:
En ik wou dat ik kon vliegen, naar boven jou, zodat ik in jouw boezem kon zien.
Zodat ik in jouw hart kon zien, en zodat ik kon zien of en wat je aan mij denkt.
Wanneer en hoe en waar en hoevaak en telkens weer wil ik jou weten zijn.
Telkens wil ik jou zien zonder te besluiten dat ik inferieur ben. Zonder weinig pijn.
07/03/2008:
Uren duren heden 2 uur langer, minuten blijven aanhouden per 2 in groepjes van 3,
en het ergst van al is de klok, waarvan er 5 allemaal een ander tijdstip geven, alsof
New York gelijk stond aan Oud Amsterdam. Ik smeek naar god, in mijn visioen
een godin, ik vraag voor inkorting van mijn leed. Ik krijg niks maar ik vind niks erg.
08/03/2008:
Sequenties van inactieve acties leidend tot vervelende littekens in uw huid
gekerfd door de stok der gratie, positieve krachten vanuit ons aller milieu.
Dwalen, dwalen, dwalen. Geeneens spoor te volgen, volgen, nee! Geeneens
een merkteken van iemand tevoren, niks te zien niks te horen niks te bedenken.
09/03/2008:
Met spijt in het hart en een berg tegenstellingen - 10, zo bleek - in het hoofd,
ik word zot, gij maakt mij gek, gij maakt mij labiel, het mocht nietzijn, ik was er
in ‘t echt geweest, ze waren er in ‘t geweest, maar zij als ensemble en ik alleen
en wij niet ensemble. Met pijn in het hart en een knoop in de maag. Een zonde.
10/03/2008:
Een vorm van beneden. Zo ver beneden, dat men terug boven eindigt als een cirkel.
Ze proberen zichzelf boven te houden, maar geen nood noch haan die kraait,
geen 3 keer om precies te zien. Geen waardes in interne exualiteit met niemand.
Niks dat nog standhoudt, alles overhoop, terecht, en terecht, en ik hoop nog meer.
11/03/2008:
Muze, ik aanroep u, niet om inspiratie, maar om intrigatie en irrigatie in mijn vaten.
Hebt gij enig idee van mij, van waaruit ik besta, van waarvóór ik leef, waarachtig?
Gij zegt mij niks, maar ge zegt mij veel. Maar hebt gij een idee, wie het is,
die u zo aankijkt als muze en die bang u niks zegt. Ik heb spijt van mijneigen, Muze.
12/03/2008:
Vraagt dit leven een conjunctieve vorm van een inexistentieel werkwoord?
Ben ik te fervent, te frequent en te insubordinairieelischtischesqueachtige?
Wie rest ons om te belachen, waar is er nog een objectieve subjunctief?
Ik denk dat ik zal vallen, en zoniet in een afgrond, dan wel in een ophoping.
13/03/2008:
Mijn onderwerpen worden onderworpen aan voorwerpen van de lijdende soort.
Niemand die meewerkt, alsof een zeker een eenzaat is en deze alleen eenzaam
ledigt wat hem zo dierbaar is. Als alles herleid wordt tot een zorgzame vallei
en als ik ook maar een glip in bezit krijg, het werd de mijne. Blitzschönheit.
14/03/2008:
Mijn aders springen nauwelijks open of ik voel een gevlinder in mijn buik,
ik word slechts amper ontsproten, mijn leven weg van uw leven, laten we leven.
Een ander halfrond, bestaande uit het verloochenen en het tegenstellen, in combinatie
met een maatstaf voor negatieve uitstraling en met -mogelijks- idioten.
15/03/2008:
Zwaar en gemoedeloos struint er ene zekere door straten van gelach en door de
wegen van indirecte aggressie, coureurspaddekes van trots op mijn soorten,
open en gebroken vanbinnen veroorzaakd door de sprookjes in sterk verkorte
vormen omdat wij, voorouders van de primaten, niet tot een orde behoorden.
16/03/2008:
Gij zijt mijn koningin, maar gij spreekt precies niet tot uw volk, volk als ik.
Maar ik denk toch dat er enig verband tussen ons bestaat ‘tgeen gij mist.
Gij hebt geen ideeën, koningin, geen naturale kennis van ons wezen.
Ik wil het uitleggen, maar ge kent mij niet, ge wilt mij niet kennen niet.
17/03/2008:
Mijn verergerd is verbeterd door zovele factoren die zo weinig voorstellen
en zelfs in grootse termen als die van ons geen impact, impact hebben. Als zou
een vis een vogel waren, en een mens een dier met verstand, dan lijkt mij alles
verloren. Ze zijn alles verloren: hun vogels, vissen, vooral -zo bleek- hun verstand.
18/03/2008:
Ik zit met een opgesloten gevoel van openheid, waarin ik voel dat ik onbeperkt
in de tang word gehouden. Ik kan overal weg, mamanipulatie. Warmte noch
liefde houdt mij over een of andere verlangd ofte verlengd ofte verlegd eind.
Recht(s) is beheer(s)d, links onbezonnen, voorwaarts te riskant voor enige woorden.
19/03/2008:
Een absolute moraal drijft onzer samenzijn in gedrang, zonder spanning, hoe
enigszins ook, te creëren. Alles blijft voor de verniet tesamen. Tesamen. Hoe
prachtig verrijkend mooi iets ook is, het is nooit een bloem, nooit een klank,
zelfs is het geen meisje, dat onder begeleiding van een crescendo bloemen plukt.
20/03/2008:
Witte woorden op een zwarte achtergrond met een witte kader en zonder lichtinval.
Alles zit veropgeborgen in doofstomme kisten die niet willen uiten, net als ons.
Ieder is zoals ons, een gevestigde uniciteit onderzocht met 6 miljard mensen, 8 studies.
Andere wijzen van autodestructieve manieren, nooit eerder gekend of zelfs getracht.
21/03/2008: SPRING EDITION
Mijn omvangenis houdt mij bevangen, maar ik ben aan het vechten en ik geraak er.
Ik denk niet veel, maar mijn richting blijkt wel te zijn. Gij verwoordt alles schoon,
letterlijk plus figuurlijk. Ik hoop alleen maar dat wij ons ook kunnen optellen,
het zou een pak van mijn -tevens een onbedachte diefstal van jouw- hart zijn.
22/03/2006:
Dit werd een hitteklap in mijn gezicht, maar pas laat, in een wereld onbepaald.
Een veinzende (alsof het lang duurde) lach op dit (alsof het mijn bezit was) mens,
en alles werd roze en blauw en grijzig, na een tijd. Een biotoop met als bestemming
het woord, dat mijns inziens nog bij god mag zijn, vooraleer ons te verstenen.
23/03/2008:
Twéé onverspreide mentale orgasmes, één stimuleert, de ander degradeert mij
tot tien-tot-de-min-vijftiende. Een mogelijkheid pi op het totaal phi brengt mijn
kansen op een ideale, ideële en/of fidele fractie van nul. De abstractie van mijn
kostbaarste en liefbaarste bezit, maar! ‘t Was blijkelijk niet meer nodig voor haar.
24/03/2008:
Er is een metertje dat tussen 15 en 150 meet, maar bij een van de twee blijft steken
als was het een zandloper die geen tijd bepaalt maar kracht. Inzet is troef,
maar de uitzet is het belangrijktse. Uitgewogen op een weegschaal tussen 15 en 150,
gemeten op een temperatuur tussen 15 en 150 en alles leek halfdaags in orde.
25/03/2008:
Ik schrijf leegte met een m, ofschoon iemand mij verbetert, en terecht. Onterecht
blijf ik regels vol schrijven, honderden keren, malen hetzelfde woord, dezelfde
letters. Vlak na elkaar, zonder ook maar één zin te kunnen maken. Zonde.
Opruimen is een optie, maar ik breng niets toe en ben dus overbodig. Zonde.
26/03/2008:
Het uiterlijk is van geen belang, naar men zegt, maar men zegt… zoveel.
De transactie van een intern gegeven dat wordt geëxporteerd naar ergens
een plaats extravagant, zonder muren rondom of andere blokkades.
Wij zitten met te prominente privacy en te weinig wetten voor uitingen.
27/03/2008:
De uitgang was zichtbaar, een plakaat met pictokilogrammen bevestigd.
Gevolgd van een persoon tegen alles in feite en alles tegeneen, een occlusie.
Geen fronten, enkel achterkanten, -flappen, -huizen en diverse. Schok,
schok, als een worp in het haardvuur zonder gastheer, eenzaam en licht.
28/03/2008:
Een greintje hoop maar net iets meer greintjes -durf ik wel- wanhoop
omzadelen mij, dekens en kussensen vliegen -letterlijk- in het rond
maar ik geraak niet mee. Ik blijf achter, mijn 2 lichamen op de grond,
een weinig stevig, een beetje hard, bijna vastgegroeid in een verdict.
29/03/2008:
Een zenuwaanval waarvan een kleine verschuiving, miniem als nooit,
een trein naar een centraal station, in eender welke stad, incluis banlieu,
met als eindstation: nergens. Een tegenslag of 25 per dag, en wij moeten
daar maar tegen kunnen, denk we, maar in perspectief bleek alles anders.
30/03/2008:
Een springplank, zo flexibel dat hij het water in het zwembad zou kunnen raken,
doch! Een afgebouwde weerstand en een massa van vervlogen deeltjes
kiezen voor een andere weg, niet zo zeer en, of zo nodig, maar anders
in een tikkeltje verband, een klein beetje redding, zoals echte mensen.
31/03/2008:
Ik heb geen hak om over te springen, zodat ik regelrecht op de tak belandde,
hetgeen vaak gevaarlijk is, onvoorbereid en zonder voor- noch nakennis.
Een vervriendelijkte stem met een vertederendete palm, pols slag, hart,
hoofd, lichaam buiten controle, brein op stand 10+1 voor een tijdje.
----------------------------------------------------------
01/03/2008:
Amai een geluid dat verder doortrilt dan tot in uw Eustachius buis want amai
ge voelt het zinderen in uw pezen die niets anders dan bewegen en spasmatischen
vertonen omdat alles en iedereen u niet meer boeien noch schelen kan en omdat
alles voluit geven nu ook weer niet alles is maar gewoon uiterst veel zeiden ze.
02/03/2008:
De ooh’s en aah’s van elke kant omsluiten me in het midden van het gezang,
mijn lichaam splijt in twee maar mijn geest heeft slechts één gebeurtenis,
en slechts één kans erop. Het leven is slechts een lichte vorm van roze, echter
wat erachter zit, uw bestaan, is feller gekleurd dan de wangen van mijn geliefde.
03/03/2008:
Er bestaat niet veel meer in deze wereld; geen smart om te geven, geen hoop
om te hebben, geen leven om te verdienen, geen ideeën meer om te verzetten.
Nood aan uiting van een oorzaak door middel van bewegingstoestand
in de verandering die niet meer of minder dan de norm volgt of volgen zou.
04/03/2008:
Hoe vriendelijk en attent zou het zijn moest iedereen voor een enkel moment
gedachteloos maar doordacht zijn ongelóóflijke ideeën die net buiten het kader
van de norm afstappen, eens feilloos verwijderen van de buitenwereld en gewoon
als eerste stap een nadenken toepassen zonder de declaratie? A.D.M.C.L.C.S.V.P.
05/03/2008:
Specialiteiten der voorouders turbuleren hevig de wanorde in mijn dagelijkse dag,
zoals een kou front botst met een warm front en mijn sinus laat verdrinken.
Veel voorgebeeld door achtergestelde voorgangers, of alternatief genoemd,
naar mijn vocabularium gericht, de mensheid, de val ervan en de mislukte roem.
06/02/2008:
En ik wou dat ik kon vliegen, naar boven jou, zodat ik in jouw boezem kon zien.
Zodat ik in jouw hart kon zien, en zodat ik kon zien of en wat je aan mij denkt.
Wanneer en hoe en waar en hoevaak en telkens weer wil ik jou weten zijn.
Telkens wil ik jou zien zonder te besluiten dat ik inferieur ben. Zonder weinig pijn.
07/03/2008:
Uren duren heden 2 uur langer, minuten blijven aanhouden per 2 in groepjes van 3,
en het ergst van al is de klok, waarvan er 5 allemaal een ander tijdstip geven, alsof
New York gelijk stond aan Oud Amsterdam. Ik smeek naar god, in mijn visioen
een godin, ik vraag voor inkorting van mijn leed. Ik krijg niks maar ik vind niks erg.
08/03/2008:
Sequenties van inactieve acties leidend tot vervelende littekens in uw huid
gekerfd door de stok der gratie, positieve krachten vanuit ons aller milieu.
Dwalen, dwalen, dwalen. Geeneens spoor te volgen, volgen, nee! Geeneens
een merkteken van iemand tevoren, niks te zien niks te horen niks te bedenken.
09/03/2008:
Met spijt in het hart en een berg tegenstellingen - 10, zo bleek - in het hoofd,
ik word zot, gij maakt mij gek, gij maakt mij labiel, het mocht nietzijn, ik was er
in ‘t echt geweest, ze waren er in ‘t geweest, maar zij als ensemble en ik alleen
en wij niet ensemble. Met pijn in het hart en een knoop in de maag. Een zonde.
10/03/2008:
Een vorm van beneden. Zo ver beneden, dat men terug boven eindigt als een cirkel.
Ze proberen zichzelf boven te houden, maar geen nood noch haan die kraait,
geen 3 keer om precies te zien. Geen waardes in interne exualiteit met niemand.
Niks dat nog standhoudt, alles overhoop, terecht, en terecht, en ik hoop nog meer.
11/03/2008:
Muze, ik aanroep u, niet om inspiratie, maar om intrigatie en irrigatie in mijn vaten.
Hebt gij enig idee van mij, van waaruit ik besta, van waarvóór ik leef, waarachtig?
Gij zegt mij niks, maar ge zegt mij veel. Maar hebt gij een idee, wie het is,
die u zo aankijkt als muze en die bang u niks zegt. Ik heb spijt van mijneigen, Muze.
12/03/2008:
Vraagt dit leven een conjunctieve vorm van een inexistentieel werkwoord?
Ben ik te fervent, te frequent en te insubordinairieelischtischesqueachtige?
Wie rest ons om te belachen, waar is er nog een objectieve subjunctief?
Ik denk dat ik zal vallen, en zoniet in een afgrond, dan wel in een ophoping.
13/03/2008:
Mijn onderwerpen worden onderworpen aan voorwerpen van de lijdende soort.
Niemand die meewerkt, alsof een zeker een eenzaat is en deze alleen eenzaam
ledigt wat hem zo dierbaar is. Als alles herleid wordt tot een zorgzame vallei
en als ik ook maar een glip in bezit krijg, het werd de mijne. Blitzschönheit.
14/03/2008:
Mijn aders springen nauwelijks open of ik voel een gevlinder in mijn buik,
ik word slechts amper ontsproten, mijn leven weg van uw leven, laten we leven.
Een ander halfrond, bestaande uit het verloochenen en het tegenstellen, in combinatie
met een maatstaf voor negatieve uitstraling en met -mogelijks- idioten.
15/03/2008:
Zwaar en gemoedeloos struint er ene zekere door straten van gelach en door de
wegen van indirecte aggressie, coureurspaddekes van trots op mijn soorten,
open en gebroken vanbinnen veroorzaakd door de sprookjes in sterk verkorte
vormen omdat wij, voorouders van de primaten, niet tot een orde behoorden.
16/03/2008:
Gij zijt mijn koningin, maar gij spreekt precies niet tot uw volk, volk als ik.
Maar ik denk toch dat er enig verband tussen ons bestaat ‘tgeen gij mist.
Gij hebt geen ideeën, koningin, geen naturale kennis van ons wezen.
Ik wil het uitleggen, maar ge kent mij niet, ge wilt mij niet kennen niet.
17/03/2008:
Mijn verergerd is verbeterd door zovele factoren die zo weinig voorstellen
en zelfs in grootse termen als die van ons geen impact, impact hebben. Als zou
een vis een vogel waren, en een mens een dier met verstand, dan lijkt mij alles
verloren. Ze zijn alles verloren: hun vogels, vissen, vooral -zo bleek- hun verstand.
18/03/2008:
Ik zit met een opgesloten gevoel van openheid, waarin ik voel dat ik onbeperkt
in de tang word gehouden. Ik kan overal weg, mamanipulatie. Warmte noch
liefde houdt mij over een of andere verlangd ofte verlengd ofte verlegd eind.
Recht(s) is beheer(s)d, links onbezonnen, voorwaarts te riskant voor enige woorden.
19/03/2008:
Een absolute moraal drijft onzer samenzijn in gedrang, zonder spanning, hoe
enigszins ook, te creëren. Alles blijft voor de verniet tesamen. Tesamen. Hoe
prachtig verrijkend mooi iets ook is, het is nooit een bloem, nooit een klank,
zelfs is het geen meisje, dat onder begeleiding van een crescendo bloemen plukt.
20/03/2008:
Witte woorden op een zwarte achtergrond met een witte kader en zonder lichtinval.
Alles zit veropgeborgen in doofstomme kisten die niet willen uiten, net als ons.
Ieder is zoals ons, een gevestigde uniciteit onderzocht met 6 miljard mensen, 8 studies.
Andere wijzen van autodestructieve manieren, nooit eerder gekend of zelfs getracht.
21/03/2008: SPRING EDITION
Mijn omvangenis houdt mij bevangen, maar ik ben aan het vechten en ik geraak er.
Ik denk niet veel, maar mijn richting blijkt wel te zijn. Gij verwoordt alles schoon,
letterlijk plus figuurlijk. Ik hoop alleen maar dat wij ons ook kunnen optellen,
het zou een pak van mijn -tevens een onbedachte diefstal van jouw- hart zijn.
22/03/2006:
Dit werd een hitteklap in mijn gezicht, maar pas laat, in een wereld onbepaald.
Een veinzende (alsof het lang duurde) lach op dit (alsof het mijn bezit was) mens,
en alles werd roze en blauw en grijzig, na een tijd. Een biotoop met als bestemming
het woord, dat mijns inziens nog bij god mag zijn, vooraleer ons te verstenen.
23/03/2008:
Twéé onverspreide mentale orgasmes, één stimuleert, de ander degradeert mij
tot tien-tot-de-min-vijftiende. Een mogelijkheid pi op het totaal phi brengt mijn
kansen op een ideale, ideële en/of fidele fractie van nul. De abstractie van mijn
kostbaarste en liefbaarste bezit, maar! ‘t Was blijkelijk niet meer nodig voor haar.
24/03/2008:
Er is een metertje dat tussen 15 en 150 meet, maar bij een van de twee blijft steken
als was het een zandloper die geen tijd bepaalt maar kracht. Inzet is troef,
maar de uitzet is het belangrijktse. Uitgewogen op een weegschaal tussen 15 en 150,
gemeten op een temperatuur tussen 15 en 150 en alles leek halfdaags in orde.
25/03/2008:
Ik schrijf leegte met een m, ofschoon iemand mij verbetert, en terecht. Onterecht
blijf ik regels vol schrijven, honderden keren, malen hetzelfde woord, dezelfde
letters. Vlak na elkaar, zonder ook maar één zin te kunnen maken. Zonde.
Opruimen is een optie, maar ik breng niets toe en ben dus overbodig. Zonde.
26/03/2008:
Het uiterlijk is van geen belang, naar men zegt, maar men zegt… zoveel.
De transactie van een intern gegeven dat wordt geëxporteerd naar ergens
een plaats extravagant, zonder muren rondom of andere blokkades.
Wij zitten met te prominente privacy en te weinig wetten voor uitingen.
27/03/2008:
De uitgang was zichtbaar, een plakaat met pictokilogrammen bevestigd.
Gevolgd van een persoon tegen alles in feite en alles tegeneen, een occlusie.
Geen fronten, enkel achterkanten, -flappen, -huizen en diverse. Schok,
schok, als een worp in het haardvuur zonder gastheer, eenzaam en licht.
28/03/2008:
Een greintje hoop maar net iets meer greintjes -durf ik wel- wanhoop
omzadelen mij, dekens en kussensen vliegen -letterlijk- in het rond
maar ik geraak niet mee. Ik blijf achter, mijn 2 lichamen op de grond,
een weinig stevig, een beetje hard, bijna vastgegroeid in een verdict.
29/03/2008:
Een zenuwaanval waarvan een kleine verschuiving, miniem als nooit,
een trein naar een centraal station, in eender welke stad, incluis banlieu,
met als eindstation: nergens. Een tegenslag of 25 per dag, en wij moeten
daar maar tegen kunnen, denk we, maar in perspectief bleek alles anders.
30/03/2008:
Een springplank, zo flexibel dat hij het water in het zwembad zou kunnen raken,
doch! Een afgebouwde weerstand en een massa van vervlogen deeltjes
kiezen voor een andere weg, niet zo zeer en, of zo nodig, maar anders
in een tikkeltje verband, een klein beetje redding, zoals echte mensen.
31/03/2008:
Ik heb geen hak om over te springen, zodat ik regelrecht op de tak belandde,
hetgeen vaak gevaarlijk is, onvoorbereid en zonder voor- noch nakennis.
Een vervriendelijkte stem met een vertederendete palm, pols slag, hart,
hoofd, lichaam buiten controle, brein op stand 10+1 voor een tijdje.
25-03-2008
WHAT’S THIS EMOTION? - poetae dictis
NOTA: Februari, vanaf 01/02/2008 tot 29/02/2008
----------------------------------------------------------
01/02/2008:
Ik ben dronken ofte zat van zat te zijn. Beuheden langs overal maar doelgericht. Ik
ben te dronken om nog te kunnen zien. Inzien dat ik hier het pad moet kiezen. Ik
ben zo dronken dat ik geeneens mijn sleutel vind. De deur naar oneindigheid is op slot.
En ik wilde, oh ik wilde dat mijn wilde gedrag zich verborg onder zo’n stille zee.
02/02/2008:
Zijn hologrammen een werkelijkheid, of slechts een weerspiegeling van een imitatie
van een idee in een werkelijkheid? En zijt gij een verdraaiing, een positieve afwijking
der natuur? Visioenen in uw dromen komen geuit in mijn buien, degenen van plezier.
Ach, mocht ik u zien en graag zien, zag gij mij dan ook terug? Noch graag, zeker?
03/02/2008:
Drinkgelagen bij zuiver kaarslicht en etentjes in de koudste koude in jouw centrum
en een rijzende en stijgende warme luchtstroom die hielp om het hart te bereiken.
2 rood-blauwe draden verbonden in de eeuwigheid, een totaal gehele onverwachte
schok en alles werd een grijs-paarse massa van wit en rood en blauw en vooral geel.
04/02/2008:
Ongeweten een doordrang tot het overgeweten, te veel is meestal heel erg goed.
Te weinig is maar een minimum aan valentie, behalve dat gejammer en gebeuren,
te weinig om te eten en te drinken, te weinig om deftig te richten op een doelwit.
Ach… Ecco ergo, moest elk leven een hemel zijn en moest elke dood niet bestaan?
05/02/2008:
Ingemaakt in de vorm van een figuur dat op een bepaalde stijl lijkt van het genre
idiotie, een wereld voor de meeste onbekend om 2 redenen, elk stereotypischer.
Achterbarige conclusies en een teveel aan vertrouwens voor het wel- en nietzijn
ze brengen mij tot ideeën onmenswaardig en gedachten pejoratief en stoem.
06/02/2008:
Vier keer zoveel dan gewoontelijk, 4 keer het aantal geluk tot een 4de macht.
Trillingen als vlinders die trillen in uw buik, een antinaturalistische opwekking,
zorgen voor een simulatie der drogeringen, zo zeer verwekkend en oplevend.
Dat een tijd maar voortdraait in plaats van terug, dan valt alles juist en precies.
07/02/2008:
Jullie eten blijkbaar, vooral met gouden lepels, zilveren vorken, een marmeren bord.
Ik grijp dusver mis en verkrijg een houten mes met splinters in mijn hand/hoofd.
Ik schijn heilig maar ik ben razend en kwaad. Ik ben niets meer dan een product
van mijn eigen ontwikkeling. Ik ben auto-teleurgesteld en onomkeerbaar gewist.
08/02/2008:
Bakken wolken en stapels regen, een vochtige ondergrond en natte bovengrond
maakten rustiek plaats voor een geheel van dit alles tot een negatieve macht.
Een volkomen genormeerde magie in de lanen van de steden in al onze landen
verbleekte tot een omvattende optie van richting en zin en goesting per dag.
09/02/2008
Een verlof naar buiten het centrum van mijn wezen, ik reis ver weg, weg naar
een stad gelegen achter bijna onbetreden treden maar amper onbewogen wegen.
Ergens ooit een zekere loopt mij tegen mijn lijf als een klap van een zonnebloem
waarvan alle zaadjes en alle blaadjes blijven kleven tot ze het besterven van koude.
10/02/2008:
Zinderingen zinderen zinderend na nadat wij muziek muzikaal musiceren laten, laat.
Herinneringen die vers uit een propere bodem kruipen doch lijken als een deel jeugd.
Eindeloze vergaderingen van -1 tot 6 uur, van 0 tot 0,05 procent, van 5 tot 24 procent,
van 5 tot 24 graden, van 0 tot 6 graden, en alles, a-lles, is enorm, eno-rm, lachwekkend.
11/02/2008:
Terwijl ik uitwaai in een imaginaire wind en word meegesleurd en word aangevallen
en ik vecht niet terug. Ik win anders, ik ontken en ik weet niets meer en ik ben bang
en terecht en ik hoop gewoon en ik zal winnen. Want ik ben zover geraakt, zo dicht
dat ik blijf. Ik keer noch terug noch weder noch verder. Maar ik blijf noch staan.
12/02/2008:
Een bezigheid alleen houdt mij soms alleen overeind, als in “in leven, over leven”,
dus werd ik afgemaakt met het mes op mijn slaapgewricht en een pistool tussen mijn
reeds eerder aangerande hersenen. Een fout komt nooit alleen, nooit zonder slechts,
en het betekent zo weinig zoals die helse vraag ook niets betekent, alleszins enigszins.
13/02/2008:
Jij, wind, jij wederkeert mij. Je werkt mij tegen alsof ik een veertje was, drijvend
in een warme luchtstroom die nergens te bekennen valt. Ik zou eindigen in een doos
vol zoetheid, allemaal verschillend, allemaal levensbepalend, allemaal even belangrijk,
allemaal even tijdsrovend. Maar slechts weinigen zo enerverend ende dwangmatig.
14/02/2008:
Alsof er een manifest label werd geplakt dat ik zelf niet kon lezen, zo’n gedacht
hebben ze van mij, alsof ik minder waard zou geweest zijn. Ik ben zelf bang, angstig
voor de liefde en de chaos in mijn hoofd. Er spookt iets, het besef van 2 tegenpolen
die elkaar maar niet kruisen. Ik wil veel, maar ik denk niet dat ik het ineens bekom.
15/02/2008:
Een (on)zekere warmte in mijn hart - omvat door een externe bedroefde kilte.
Ik weet niet beter, maar ik verlangde van wel. Ik zou een vraag stellen of zo,
een deling mede. Ik ben niet niet voor geen afwijzing bang. Zij is een godin,
ik ben een overwonnen Griek. Ik heb ook behoeftens, zoals haar. Echt waar.
16/02/2008:
Ik ben niet de enige, maar toch zeker een van de weinigen. Geen bezwaren of…
Mijn hoofd van benedenonder naar bovenop geheven, alsof ik belandde in een schip.
Voor eerst ook vooreerst een sterk verlangen naar een einde, een oneindig einde,
een einde waarin ik de protagonist ben, ik word er gaandeweg afgemaakt.
17/02/2008:
Loosheden in mijn kop overtreffen wijsheden ergens in mijn lendenen ergens.
Ik heb een idee dat niet bestaat of een feit dat niet klopt in uw wereld vol politiek
correctheid. Ik wilde maar dat ik vrij kon zijn, maar terzelfdertijd heb ik nood.
Ik ben reeds ver genoeg geraakt om te blijven staan, nu enkel nog blijven zijn.
18/02/2008:
Een wereld van faaldom, waarin iedereen die wint slim genoeg is om om te keren,
terwijl de dommen verliezen van het lachen. Een vertekend wereldbeeld zoals ik.
Mijn gemoed houdt geen midden tussen blij-esque en rustig. Reeds worden
bloedvaten verwacht compleet open te springen, zowel indien ja als indien nee.
19/02/2008:
Geen traag verzet doch vertraagde zet in jullie brein als een stomerij voor hersens.
Het luchtledige in mij komt vrij nadat een fictief wit, poeder in mijn stof kwam terecht.
Een spook dat net tussen uw boezem zit en eruit komt net voor ik u naderen wil.
Dicht gesloten en onbereikbaar mooi tegen ongezien tof en onbegrepen vreugdig.
20/02/2008:
Hoegenaamd specifiek gericht op een futuristische noch wetenschaps fictieve
reis doorheen verschillende stadia van mijzelf. 4x kom ik iets tegen, 4x mezelf.
Een lange weg naar beneden, en de enige kant weg van de weg is benedenwaarts
veel afstand, weinig tijd, weinig veiligheid. Hopend op een afloop. Degelijk.
21/02/2008:
Mijn ziel gevangen in een anticomplex omringd door proconcepten en contracten.
Ik zit enerzijds gebonden aan een telefoonpaal, verbonden met onzekere lijnen,
anderzijds aan een draadloze verbinding die mij laat denken wat ik wil, hoe ik wil,
en vooral waarom ik wil. Antwoorden zijn zo te geven maar niet zo te begrijpen.
22/02/2008:
Ik ondervind meermaals op onthoud een gebrek in zo’n gesprek, waarvan ieder dacht
dat zoiets inhumaan en incorporaal zou zijn. Een onwerkelijk in de negative zin
kwam uit de kelder der angst. Een laat geluk, een bevrijdenising van een bloedbad
tot een slechte behouding naar een zweetbad, bijgevuld met tranen van afschuw.
23/02/2008:
Lachend ween ik zo mijn zorgen weg, want ik lach me zelfs levend dood.
Pijn doet er niet toe en niemand geeft om uw uiterlijk, noch uw lage status,
want iedereen is gelijk, gelijkgebalsemd, gelijkgestemd als een gitaar in drop D.
Vibratie die al even over tijd is, maar nog net zo hoog wordt geacht als altijd.
24/02/2008:
Zo klein, zo ongelooflijk jong maar toch reeds verantwoordelijk. Leven is plezier,
verlangen is een abstractie maken van uw bezit. Een materieel gebeuren hier,
mijn hart, mijn omgeving, overal behalve dichtbij. Er zijn geen pakken meer
om bij te zitten. ‘t Blijkt beter af te zijn met mij erbij, ik ben jullie stimulans.
25/02/2008:
Elke dag die er maar toegevoegd wordt aan mijn kalender der lusteloosheid,
elke dag een is een dag te bekoren, te beminnen als een voorbereide routine
zonder script noch generale repetitie. We leven een toneelstuk, en de een is
figurant, de ander is een belangrijke figurant. Ieder is een pion onder dit regime.
26/02/2008:
Behalve standvastig gevoel en ook gemengd en tesamen, er is vooral weinig.
Een implosie van ontploffingen tussen mijn epidermis en de appendixxx.
Gebroken duimen of enkels zijn geveinsd, maar een of ander hart is echt kapot,
voor mij een gok, voor u een mysterie waarvan gij niets vanaf weet n’est-c’pas?
27/02/2008:
Heimelijk stiekem kruip ik in mijn eigen huid en mijn hart kruipt in de jouwe
zolang totdat we op dezelfde golflengte zitten en zokort dat jij je bedenkt en
ik spijt heb van een eind aan dat dit onbepaald begin. Ach, ik zou amper tot
zelfs nooit kwaad kunnen zijn op u, zelfs al bestond ge uit ideaele moleculen…
28/02/2008:
Het oog krijgt wat het wil, maar wij, gehelen, willen ook wat. Een kunst op zich,
zo worden wij beschreven, of erger: een verzameling van entiteiten met hun eigen
identiteiten. Te vaak ben ik verwaarloosd, te vaak zijt gij miskend, te vaak zijn wij
misnoegd en te weinig respect gaat naar ons uit. Een schande, een schaamte!
29/02/2008: LEAP EDITION
Niets dat eruit springt, maar er bleef veel inzitten. Potentiële krachten die naar
boven zouden vallen verbergen vaak onderliggende berichten die niet betekenen.
Soortgelijk aan vermaak, vertier en die trend, kwamen treinwagons aan met genoeg
in de overtreffende trap, maar ik blijf wachten tot hij stopt aan mijn spoor.
----------------------------------------------------------
01/02/2008:
Ik ben dronken ofte zat van zat te zijn. Beuheden langs overal maar doelgericht. Ik
ben te dronken om nog te kunnen zien. Inzien dat ik hier het pad moet kiezen. Ik
ben zo dronken dat ik geeneens mijn sleutel vind. De deur naar oneindigheid is op slot.
En ik wilde, oh ik wilde dat mijn wilde gedrag zich verborg onder zo’n stille zee.
02/02/2008:
Zijn hologrammen een werkelijkheid, of slechts een weerspiegeling van een imitatie
van een idee in een werkelijkheid? En zijt gij een verdraaiing, een positieve afwijking
der natuur? Visioenen in uw dromen komen geuit in mijn buien, degenen van plezier.
Ach, mocht ik u zien en graag zien, zag gij mij dan ook terug? Noch graag, zeker?
03/02/2008:
Drinkgelagen bij zuiver kaarslicht en etentjes in de koudste koude in jouw centrum
en een rijzende en stijgende warme luchtstroom die hielp om het hart te bereiken.
2 rood-blauwe draden verbonden in de eeuwigheid, een totaal gehele onverwachte
schok en alles werd een grijs-paarse massa van wit en rood en blauw en vooral geel.
04/02/2008:
Ongeweten een doordrang tot het overgeweten, te veel is meestal heel erg goed.
Te weinig is maar een minimum aan valentie, behalve dat gejammer en gebeuren,
te weinig om te eten en te drinken, te weinig om deftig te richten op een doelwit.
Ach… Ecco ergo, moest elk leven een hemel zijn en moest elke dood niet bestaan?
05/02/2008:
Ingemaakt in de vorm van een figuur dat op een bepaalde stijl lijkt van het genre
idiotie, een wereld voor de meeste onbekend om 2 redenen, elk stereotypischer.
Achterbarige conclusies en een teveel aan vertrouwens voor het wel- en nietzijn
ze brengen mij tot ideeën onmenswaardig en gedachten pejoratief en stoem.
06/02/2008:
Vier keer zoveel dan gewoontelijk, 4 keer het aantal geluk tot een 4de macht.
Trillingen als vlinders die trillen in uw buik, een antinaturalistische opwekking,
zorgen voor een simulatie der drogeringen, zo zeer verwekkend en oplevend.
Dat een tijd maar voortdraait in plaats van terug, dan valt alles juist en precies.
07/02/2008:
Jullie eten blijkbaar, vooral met gouden lepels, zilveren vorken, een marmeren bord.
Ik grijp dusver mis en verkrijg een houten mes met splinters in mijn hand/hoofd.
Ik schijn heilig maar ik ben razend en kwaad. Ik ben niets meer dan een product
van mijn eigen ontwikkeling. Ik ben auto-teleurgesteld en onomkeerbaar gewist.
08/02/2008:
Bakken wolken en stapels regen, een vochtige ondergrond en natte bovengrond
maakten rustiek plaats voor een geheel van dit alles tot een negatieve macht.
Een volkomen genormeerde magie in de lanen van de steden in al onze landen
verbleekte tot een omvattende optie van richting en zin en goesting per dag.
09/02/2008
Een verlof naar buiten het centrum van mijn wezen, ik reis ver weg, weg naar
een stad gelegen achter bijna onbetreden treden maar amper onbewogen wegen.
Ergens ooit een zekere loopt mij tegen mijn lijf als een klap van een zonnebloem
waarvan alle zaadjes en alle blaadjes blijven kleven tot ze het besterven van koude.
10/02/2008:
Zinderingen zinderen zinderend na nadat wij muziek muzikaal musiceren laten, laat.
Herinneringen die vers uit een propere bodem kruipen doch lijken als een deel jeugd.
Eindeloze vergaderingen van -1 tot 6 uur, van 0 tot 0,05 procent, van 5 tot 24 procent,
van 5 tot 24 graden, van 0 tot 6 graden, en alles, a-lles, is enorm, eno-rm, lachwekkend.
11/02/2008:
Terwijl ik uitwaai in een imaginaire wind en word meegesleurd en word aangevallen
en ik vecht niet terug. Ik win anders, ik ontken en ik weet niets meer en ik ben bang
en terecht en ik hoop gewoon en ik zal winnen. Want ik ben zover geraakt, zo dicht
dat ik blijf. Ik keer noch terug noch weder noch verder. Maar ik blijf noch staan.
12/02/2008:
Een bezigheid alleen houdt mij soms alleen overeind, als in “in leven, over leven”,
dus werd ik afgemaakt met het mes op mijn slaapgewricht en een pistool tussen mijn
reeds eerder aangerande hersenen. Een fout komt nooit alleen, nooit zonder slechts,
en het betekent zo weinig zoals die helse vraag ook niets betekent, alleszins enigszins.
13/02/2008:
Jij, wind, jij wederkeert mij. Je werkt mij tegen alsof ik een veertje was, drijvend
in een warme luchtstroom die nergens te bekennen valt. Ik zou eindigen in een doos
vol zoetheid, allemaal verschillend, allemaal levensbepalend, allemaal even belangrijk,
allemaal even tijdsrovend. Maar slechts weinigen zo enerverend ende dwangmatig.
14/02/2008:
Alsof er een manifest label werd geplakt dat ik zelf niet kon lezen, zo’n gedacht
hebben ze van mij, alsof ik minder waard zou geweest zijn. Ik ben zelf bang, angstig
voor de liefde en de chaos in mijn hoofd. Er spookt iets, het besef van 2 tegenpolen
die elkaar maar niet kruisen. Ik wil veel, maar ik denk niet dat ik het ineens bekom.
15/02/2008:
Een (on)zekere warmte in mijn hart - omvat door een externe bedroefde kilte.
Ik weet niet beter, maar ik verlangde van wel. Ik zou een vraag stellen of zo,
een deling mede. Ik ben niet niet voor geen afwijzing bang. Zij is een godin,
ik ben een overwonnen Griek. Ik heb ook behoeftens, zoals haar. Echt waar.
16/02/2008:
Ik ben niet de enige, maar toch zeker een van de weinigen. Geen bezwaren of…
Mijn hoofd van benedenonder naar bovenop geheven, alsof ik belandde in een schip.
Voor eerst ook vooreerst een sterk verlangen naar een einde, een oneindig einde,
een einde waarin ik de protagonist ben, ik word er gaandeweg afgemaakt.
17/02/2008:
Loosheden in mijn kop overtreffen wijsheden ergens in mijn lendenen ergens.
Ik heb een idee dat niet bestaat of een feit dat niet klopt in uw wereld vol politiek
correctheid. Ik wilde maar dat ik vrij kon zijn, maar terzelfdertijd heb ik nood.
Ik ben reeds ver genoeg geraakt om te blijven staan, nu enkel nog blijven zijn.
18/02/2008:
Een wereld van faaldom, waarin iedereen die wint slim genoeg is om om te keren,
terwijl de dommen verliezen van het lachen. Een vertekend wereldbeeld zoals ik.
Mijn gemoed houdt geen midden tussen blij-esque en rustig. Reeds worden
bloedvaten verwacht compleet open te springen, zowel indien ja als indien nee.
19/02/2008:
Geen traag verzet doch vertraagde zet in jullie brein als een stomerij voor hersens.
Het luchtledige in mij komt vrij nadat een fictief wit, poeder in mijn stof kwam terecht.
Een spook dat net tussen uw boezem zit en eruit komt net voor ik u naderen wil.
Dicht gesloten en onbereikbaar mooi tegen ongezien tof en onbegrepen vreugdig.
20/02/2008:
Hoegenaamd specifiek gericht op een futuristische noch wetenschaps fictieve
reis doorheen verschillende stadia van mijzelf. 4x kom ik iets tegen, 4x mezelf.
Een lange weg naar beneden, en de enige kant weg van de weg is benedenwaarts
veel afstand, weinig tijd, weinig veiligheid. Hopend op een afloop. Degelijk.
21/02/2008:
Mijn ziel gevangen in een anticomplex omringd door proconcepten en contracten.
Ik zit enerzijds gebonden aan een telefoonpaal, verbonden met onzekere lijnen,
anderzijds aan een draadloze verbinding die mij laat denken wat ik wil, hoe ik wil,
en vooral waarom ik wil. Antwoorden zijn zo te geven maar niet zo te begrijpen.
22/02/2008:
Ik ondervind meermaals op onthoud een gebrek in zo’n gesprek, waarvan ieder dacht
dat zoiets inhumaan en incorporaal zou zijn. Een onwerkelijk in de negative zin
kwam uit de kelder der angst. Een laat geluk, een bevrijdenising van een bloedbad
tot een slechte behouding naar een zweetbad, bijgevuld met tranen van afschuw.
23/02/2008:
Lachend ween ik zo mijn zorgen weg, want ik lach me zelfs levend dood.
Pijn doet er niet toe en niemand geeft om uw uiterlijk, noch uw lage status,
want iedereen is gelijk, gelijkgebalsemd, gelijkgestemd als een gitaar in drop D.
Vibratie die al even over tijd is, maar nog net zo hoog wordt geacht als altijd.
24/02/2008:
Zo klein, zo ongelooflijk jong maar toch reeds verantwoordelijk. Leven is plezier,
verlangen is een abstractie maken van uw bezit. Een materieel gebeuren hier,
mijn hart, mijn omgeving, overal behalve dichtbij. Er zijn geen pakken meer
om bij te zitten. ‘t Blijkt beter af te zijn met mij erbij, ik ben jullie stimulans.
25/02/2008:
Elke dag die er maar toegevoegd wordt aan mijn kalender der lusteloosheid,
elke dag een is een dag te bekoren, te beminnen als een voorbereide routine
zonder script noch generale repetitie. We leven een toneelstuk, en de een is
figurant, de ander is een belangrijke figurant. Ieder is een pion onder dit regime.
26/02/2008:
Behalve standvastig gevoel en ook gemengd en tesamen, er is vooral weinig.
Een implosie van ontploffingen tussen mijn epidermis en de appendixxx.
Gebroken duimen of enkels zijn geveinsd, maar een of ander hart is echt kapot,
voor mij een gok, voor u een mysterie waarvan gij niets vanaf weet n’est-c’pas?
27/02/2008:
Heimelijk stiekem kruip ik in mijn eigen huid en mijn hart kruipt in de jouwe
zolang totdat we op dezelfde golflengte zitten en zokort dat jij je bedenkt en
ik spijt heb van een eind aan dat dit onbepaald begin. Ach, ik zou amper tot
zelfs nooit kwaad kunnen zijn op u, zelfs al bestond ge uit ideaele moleculen…
28/02/2008:
Het oog krijgt wat het wil, maar wij, gehelen, willen ook wat. Een kunst op zich,
zo worden wij beschreven, of erger: een verzameling van entiteiten met hun eigen
identiteiten. Te vaak ben ik verwaarloosd, te vaak zijt gij miskend, te vaak zijn wij
misnoegd en te weinig respect gaat naar ons uit. Een schande, een schaamte!
29/02/2008: LEAP EDITION
Niets dat eruit springt, maar er bleef veel inzitten. Potentiële krachten die naar
boven zouden vallen verbergen vaak onderliggende berichten die niet betekenen.
Soortgelijk aan vermaak, vertier en die trend, kwamen treinwagons aan met genoeg
in de overtreffende trap, maar ik blijf wachten tot hij stopt aan mijn spoor.
Abonneren op:
Posts (Atom)